Jeugdhulp schiet tekort: Vandeurzen stuurt bij

BELGA
Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen stuurt, een jaar na de invoering, de integrale jeugdhulp bij. De administratieve rompslomp voor de sector moet omlaag, was vandaag te horen in het Vlaams parlement. De afgelopen weken kwamen bij de hoorzittingen in het parlement een reeks problemen met de uitvoering van het decreet naar boven.

Het decreet Integrale Jeugdhulp moet de versplinterde jeugdhulp in Vlaanderen stroomlijnen en onder meer zorgen voor een vlottere toegankelijkheid, meer continuïteit en een betere crisishulpverlening.

Problemen
De hervorming leverde op verschillende plaatsen in de hulpverlening een sterk verhoogde werkdruk op. Zo lieten de Centra voor Leerlingenbegeleiding (CLB) weten nauwelijks nog toe te komen aan hun kerntaak, het begeleiden van leerlingen en de dagelijkse assistentie aan scholen. Bij een bevraging van hulpverleners in de jeugdhulp bleek dan weer dat nauwelijks 5 tot 7 procent onder hen de toegankelijkheid van de hulp en de doorstroming voor hun cliënten verbeterd vond.

Aanpassingen
Een jaar na de invoering stelt Vandeurzen daarom een aantal aanpassingen voor. Het A-document, waarmee elke jeugdhulpverlener niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp kan aanvragen, wordt gescreend en waar mogelijk vereenvoudigd.

Vandeurzen wil een terugkeer vermijden "naar een tijd waarin gezinnen telkens opnieuw hun verhaal moesten vertellen en hulpverleners te veel tijd en energie aan intakes en sectorale verslagen spendeerden". Daarom blijft de intersectorale toegangspoort, waarlangs alle aanmeldingen moeten gebeuren, behouden.

Ook hier wordt wel een administratieve vereenvoudiging in het vooruitzicht gesteld. Die moet volgens Vandeurzen vooral worden gezocht in meer vertrouwen. Als er een verslag is opgemaakt door een multidisciplinair team moet de toegangspoort zich kunnen beperken tot een ex-postcontrole om de kwaliteit te bewaken. De poort moet een meer dienstverlenend in plaats van controlerend orgaan worden.

Een ander probleem is de muur die nog steeds overeind staat tussen de jeugdhulp, een Vlaamse bevoegdheid, en de jeugdpsychiatrie, een federale bevoegdheid. Daarom vindt Vandeurzen dat het zeker voor crisishulp de doelstelling moet zijn om één gezamenlijk meldpunt te realiseren voor de twee.

Voor eventuele bijsturing van de CLB's wacht de minister de werklastmeting in september af.

"Capaciteitsprobleem blijft"
Oppositiepartijen Groen en sp.a zijn blij met de aanpassingen. "Het heeft een jaar oppositiewerk gekost, maar we zijn blij dat de minister eindelijk openheid toont om bij te sturen. Het komt er natuurlijk op aan de aanpassingen ook effectief en goed uit te voeren", stelt Freya Van den Bossche (sp.a). Groen wijst er wel op dat er een capaciteitsprobleem blijft bestaan en stelt vast dat de regering nauwelijks middelen vrijmaakt om de tekorten weg te werken.

Minister Vandeurzen steekt nog steeds de kop in het zand, ten koste van kwetsbare jongeren, vindt Elke Van den Brandt. "Kinderen en jongeren met een hulpvraag moeten nu tot vijf jaar wachten op thuisbegeleiding, of meer dan twee jaar lang op een wachtlijst staan van een residentiële voorziening", vat Van den Bossche samen. Zolang de capaciteit er niet is om jongeren te helpen, worden ze niet geholpen, in eender welk systeem."