Belgisch onderzoek naar biodiversiteit werpt vruchten af

THINKSTOCK
Om een bos goed te laten functioneren als ecosysteem, is het beter om meerdere soorten bij elkaar te planten om onder meer aantasting door insectenplagen en schimmelziekten te verminderen. Dat blijkt uit vijf jaar onderzoek van FORBIO, het Belgische luik van 's werelds grootste biodiversiteitsexperiment, zo meldt de Gentse universiteit.

Vorsers van de universiteiten van Gent, Leuven, Luik en Louvain-La-Neuve hebben vijf jaar geleden 90.000 bomen van tien verschillende boomsoorten geplant. Het FORBIO-onderzoek maakt deel uit van TreeDivNet, een globaal netwerk van soortgelijke experimenten dat het grootste biodiversiteitsexperiment ter wereld vormt. De bomen werden geplant in Zedelgem, Hechtel-Eksel en Gedinne (in de provincie Namen), samen goed voor 27 hectare.

Gemengd bos
Na vijf jaar onderzoek kunnen de eerste conclusies getrokken worden, zegt de UGent in een persbericht. "Het risico dat veel bomen sterven is groter in monoculturen. Het is dus beter om meerdere soorten bij elkaar te planten. Een hogere boomsoortendiversiteit kan de aantasting door insectenplagen en schimmelziekten verminderen. In een gemengd bos is een boom van een bepaalde boomsoort minder zichtbaar en minder aantrekkelijk voor zijn belagers. Wanneer bepaalde boomsoorten samen voorkomen, verloopt de afbraak van hun bladstrooisel sneller. Dat is goed voor de bodemvruchtbaarheid."

Verschillende boomsoorten samen planten is echter geen garantie voor succes, omdat elke boomsoort specifieke kenmerken heeft die van belang zijn voor het functioneren van het bos.

Verder onderzoek
Het onderzoek, dat nog minstens 20 jaar loopt, kan meer inzicht bieden in de effecten van biodiversiteitsverlies op onze samenleving, stelt de Gentse universiteit. Binnen enkele jaren zullen onderzoekers kunnen nagaan, of gemengde bossen sneller groeien, omdat bomen van verschillende soorten water en licht beter zouden verdelen en benutten.