Auditcomité L&H wijst aansprakelijkheid van de hand

Bij de start van de namiddagzitting vandaag van het fraudeproces L&H vroeg advocaat Jef Vermassen uitdrukkelijk geen foto's of filmbeelden te nemen van Dirk Cauwelier, Erwin Vandendriessche en Marc De Pauw. Zij vormden samen het interne auditcomité bij L&H. "Uit respect voor uw hof zijn ze aanwezig, maar foto's of filmbeelden nemen zou voor hen vervelend zijn."

Onbezoldigd
Dirk Cauwelier (51), Erwin Vandendriessche (48) en Marc De Pauw (54) vormden samen het interne auditcomité binnen L&H. Zij deden dat onbezoldigd. Jef Vermassen benadrukte dat, wees op de onberispelijke staat van dienst van het trio en het feit dat zij professioneel nog steeds het volste vertrouwen genieten.

Burgemeester Destelbergen
Cauwelier is advocaat en plaatsvervangend rechter in de rechtbank van koophandel in Ieper. Door die functie speelde de procedure van voorrang van rechtsmacht en belandde het dossier meteen voor het hof van beroep. Vandendriessche is momenteel financieel directeur in een groot bedrijf. De Pauw is directeur-generaal van de Nationale Investeringsmaatschappij en voorzitter bij acht raden van bestuur en bekleedt twaalf andere bestuursfuncties. Hij is daarnaast ook burgemeester van Destelbergen.

Niet opgetreden
Het openbaar ministerie vorderde 2 jaar cel, waarvan 9 maanden effectief, tegen de drie beklaagden. De aanklagers verwijten hen dat ze niet hebben opgetreden, toen ze signalen van fraude kregen. Volgens het OM hebben zij mee de jaarrekening van 1999 goedgekeurd, goed wetende dat het LDC-concept aan alle kanten rammelde.

Eigen houtje
Vermassen wees erop dat het trio in 2000, toen de eerste vermoedens over fraude werden geuit, op eigen houtje besliste een intern onderzoek te voeren dat leidde tot het gekende Bryan Cave-rapport, waarop het gerecht verschillende keren terugviel. Het waren ook de drie leden van het auditcomité die de federale politie een hoop documenten hebben gegeven om het onderzoek te voeren.

Procedureprobleem
De raadsman van de drie kwam nogmaals terug op een procedureprobleem. Volgens Vermassen moeten een hoop bewijsstukken en verklaringen uit het dossier worden gehaald, omdat Cauwelier slechts in april 2004 in verdenking werd gesteld. Voordien was hij reeds drie keer ondervraagd door de federale politie. Cauwelier dacht dat dat als getuige was gebeurd, maar advocaat Vermassen citeerde uit een proces-verbaal van voor de inverdenkingstelling om aan te tonen dat het OM al voordien vermoedens van schuld had. Dat is een schending van de rechten van verdediging, luidt het. "Het is niet verwonderlijk dat de roddel ontstaat dat het openbaar ministerie deze advocaat erbij heeft gesleurd om gebruik te maken van de procedure voorrang van rechtsmacht", aldus nog Vermassen.

Geen 'smoking gun'
Ondanks een erg doorgedreven onderzoek tegen de drie leden van het auditcomité zijn er geen overtuigende bewijsstukken gevonden tegen hen. Dat vertelde advocaat Frank Wijckmans op de einde van de maandagzitting. "Het openbaar ministerie haalt een reeks elementen samen en interpreteert die. Het is een indirecte bewijsvoering. Een 'smoking gun' is er niet", was te horen. Het debat zal dinsdag op dat vlak worden uitgediept.

Geen bezoldiging
Dirk Cauwelier, Marc De Pauw en Erwin Vandendriessche kregen geen enkele bezoldiging voor hun werk in het auditcomité. Ook niet via onrechtstreekse weg. De Pauw had nooit aandelen van L&H, Cauwelier kocht er voor slechts 2.500 euro en Vandendriessche had al enige tijd voor de beursgang in 1995 een optie voor een klein pakket van 8.500 aandelen.

Schuldbekenning
Advocaat Wijckmans kwam ook terug op de schuldbekenning van Pol Hauspie vorige week, die zijn spijt betuigde dat onder meer de leden van het auditcomité niet de volledige waarheid werd verteld.

Fictieve omzetboekingen
De raadsman citeerde verder uit de verklaringen van de andere bestuurders (Jo Lernout, Nico Willaert en Gaston Bastiaens) en CFO Carl Dammekens om aan te tonen dat het auditcomité niet op de hoogte was van fictieve omzetboekingen. Als de leden van het interne auditcomité dat al geweten zouden hebben, zo staat in de verklaringen te lezen, zouden die drie zeker de kat de bel hebben aangebonden.

Totaal onwetend
Een voormalige topambtenaar van de Amerikaanse beurswaakhond SEC (Pritchard), die in haar nieuwe functie als advocate in het najaar van 2000 deelnam aan het opstellen van het Bryan Cave-rapport, verklaarde later uitdrukkelijk aan onderzoeksrechter-raadsheer Henri Heimans dat ze overtuigd was van het feit dat de leden van het auditcomité totaal onwetend waren over de fraude. (belga/sps)