Alleen geldboetes voor UZ Gent en drie bedrijven voor foute hersenbestraling

In de strafzaak rond de bestralingstherapie waarbij in 2005 en 2006 in het UZ Gent patiënten op een verkeerde plaats in de hersenen bestraald werden, krijgen alleen het UZ en drie andere bedrijven geldboetes tot 55.000 euro opgelegd. Het ziekenhuis draagt de zwaarste verantwoordelijkheid omdat het "om budgettaire redenen onveilige keuzes" maakte, maar de artsen, technici en bedrijfsleiders krijgen geen straf opgelegd. Dat heeft de Gentse correctionele rechtbank vandaag beslist.

Tussen december 2005 en september 2006 werden in het UZ Gent zeventien patiënten behandeld met een stereotactisch kader, een soort helm die op het hoofd wordt gezet en toelaat driedimensionaal de stralingsbundel te richten op de tumor of de uitzaaiingen. Om de exacte locatie te bepalen, wordt gewerkt met radiologiebeelden van de hersenen en met een computerprogramma dat bij de helm hoort.

In september 2006 werd in het UZ ontdekt dat de software die wordt gebruikt voor het bestrijden van hersentumoren, niet goed zou gewerkt hebben. Er werd een afwijking van meer dan een centimeter met de plaats van de tumor vastgesteld.

In totaal tien verdachten - het UZ, de Belgische NV Elekta, het Duitse Brainlab, het Canadese Sandström Trade and Technology en zes natuurlijke personen - stonden terecht voor onopzettelijke slagen en verwondingen. De rechtbank stelde echter dat niet met zekerheid een oorzakelijk verband vastgesteld kon worden tussen de bestraling en de vastgestelde verwondingen, de toename van de oorspronkelijke tumor of de verslechtering van de gezondheidstoestand van de patiënten.

De vier bedrijven werden wel schuldig bevonden aan een gebrek aan voorzichtigheid of voorzorg. "De rechtspersonen dragen als professionele entiteit de zwaarste verantwoordelijkheid", stelde rechtbankvoorzitter Anthony Van Mol. "Beleidsmatige en budgettaire redenen hebben een rol gespeeld in de fouten van het UZ Gent. (..) Van een universitair ziekenhuis mag men de grootst mogelijke voorzichtigheid verwachten."

Het UZ Gent werd veroordeeld tot een effectieve geldboete van 55.000 euro. Brainlab kreeg 27.500 euro boete opgelegd, NV Elekta 11.000 euro en Sandström Trade and Technology 22.000 euro.

Schuldverschuiving is "kaakslag voor elke burger"

In de strafzaak rond de bestralingstherapie waarbij in 2005 en 2006 in het UZ Gent patiënten op een verkeerde plaats in de hersenen bestraald werden, is de schuldverschuiving en het gebrek aan foutinzicht van de beklaagden "een bijkomende kaakslag voor elke burger die hiervan als potentiële patiënt het slachtoffer kan worden". Dat stelde de Gentse rechtbankvoorzitter Anthony Van Mol in zijn vonnis. De rechtbank oordeelde dat er in maar één geval sprak was van onopzettelijke slagen of verwondingen door gebrek aan voorzichtigheid of voorzorg.

In totaal tien verdachten - het UZ, de Belgische NV Elekta, het Duitse Brainlab, het Canadese Sandström Trade and Technology en zes natuurlijke personen - stonden terecht voor onopzettelijke slagen en verwondingen door gebrek aan voorzichtigheid of voorzorg, ten aanzien van zes patiënten. De rechtbank oordeelde dat er slechts voor één patiënte bewezen werd dat het om slagen of verwondingen gaat die in oorzakelijk verband staan met de onopzettelijke fouten.

Het ging om een tienermeisje dat "ten gevolge van de bewezen verklaarde feiten, minstens een ernstige hormonale/metabole/esthetische weerslag heeft gehad als gevolg van de door haar ingevolge de feiten ondergane dexamethasonebehandeling", aldus het vonnis. In de andere gevallen, ook in die van twee personen die intussen overleden zijn, kon "het oorzakelijk verband tussen de verkeerde bestraling - gevolg van de voorgehouden fouten - enerzijds en de vastgestelde 'verwonding' anderzijds" niet bewezen worden.

De rechtbank wil met het vonnis wel "de maatschappelijke noodzaak benadrukken van de stringente naleving van de algemene zorgvuldigheidsnorm binnen de sector van de ioniserende stralingen met therapeutische doeleinden". Van elk van de verantwoordelijken wordt "een bijzondere diligentie" verwacht, stelde voorzitter Van Mol. "Het is immers evident dat van de beklaagden, als professionelen actief in deze sector, mag worden verlangd dat hun gedragingen worden gestuurd door een uiterst minutieuze accuraatheid, aangezien zij gesofisticeerde apparatuur op de markt brengen en/of de patiënt als eindgebruiker daarmee in contact brengen, en daarbij onder meer een 'geografical miss' van nauwelijks enkele millimeters potentieel bijzonder verregaande gevolgen kan hebben."

De Gentse strafrechter tilt zwaar aan de "door elk van de beklaagden ingenomen ontkennende en schuldverschuivende houding". Dit "gebrek aan foutinzicht impliceert een bijkomende kaakslag ten aanzien van elke burger, die hiervan als potentiële patiënt het slachtoffer kan worden, en in het bijzonder ook ten aanzien van de rechtstreeks getroffene, (naam van het tienermeisje, nvdr)."

Voor vier van de zes natuurlijke personen (artsen, technici en bedrijfsleiders) werd het feit op dat ene slachtoffer bewezen verklaard, maar ze werden daarvoor niet veroordeeld. De rechtbank verwees naar de bepaling van de strafwet die stelt dat, wanneer de rechtspersoon (bedrijf of vennootschap) verantwoordelijk gesteld wordt uitsluitend wegens het optreden van een geïdentificeerde natuurlijke persoon, alleen diegene die de zwaarste fout heeft begaan, veroordeeld kan worden. "Uit geen enkel element van het strafdossier blijkt dat de door de natuurlijke personen binnen de diverse beklaagden/rechtspersonen begane fouten, merkelijk zouden afwijken van de binnen deze rechtspersonen gangbare praktijken", aldus de rechtbank.