"Verdachtmakingen Dedecker waren lichtzinnig en ongefundeerd"

UNKNOWN
De burgerlijke kamer van het Gentse hof van beroep zegt in haar motivering dat de "insinuaties en verdachtmakingen" van LDD-kopstuk Jean-Marie Dedecker over de dopingkuur van drie toprenners in 2006 "lichtzinnig en ongefundeerd" waren. Naast één euro symbolische schadevergoeding aan twee vennootschappen van ploegleider Patrick Lefevere, moet de senator ook 4.000 euro 'rechtsplegingsvergoeding' ophoesten.

Dedecker werd in beroep veroordeeld voor het beschadigen van de goede naam van Esperanza NV, de werkgever van de Quick.Step-Innergetic-renners, en Celio Sport & Image NV, het managementbureau van toprenners als Tom Boonen. Volgens het hof pleegde Dedecker een inbreuk op artikel 1382 van het burgerlijk wetboek "daar een normaal, voorzichtig en redelijk persoon geen dergelijke uitlatingen zou doen zonder over enig tastbaar bewijs te beschikken".
 
"Geen vrijheid van meningsuiting"

In het arrest verwerpt het hof uitdrukkelijk de vrijheid van meningsuiting die Dedecker aanvoerde. "Die is niet absoluut en dient te worden afgewogen tegen de rechten van anderen." Het parlementair mandaat maakte Dedecker evenmin onschendbaar omdat hij de uitspraken niet deed in het kader van de uitoefening van dat mandaat.
 
"Allusie op Tom Boonen"

Het hof tilde zwaar aan de verdachtmaking aan het adres van (toenmalig) wereldkampioen Tom Boonen, omdat Dedecker wilde bevestigen noch ontkennen dat hij één van de drie was. Het hof merkte op dat er nog steeds geen aanwijzingen of bewijzen geleverd werden. Patrick Lefevere vond dat Dedecker door die uitspraak onder andere een allusie maakte op toenmalig wereldkampioen Tom Boonen. De ploegbaas vond dat het begrip "toprenners" voldoende was om de link naar Boonen te leggen. "Want hoeveel toprenners heeft België misschien", merkte hij toen op.
 
1 euro schadevergoeding

Halverwege december 2007 volgde de burgerlijke rechtbank in Brugge die redenering. Senator Jean-Marie Dedecker werd veroordeeld tot 1 euro schadevergoeding aan de managementsvennootschappen van ploegbaas Lefevere en wielrenner Boonen. De rechter argumenteerde toen dat, ondanks het feit dat Dedecker geen namen noemde, hij toch schade toebracht aan de wielrennerij. De schadeclaim van 25.000 euro werd wel herleid tot 1 euro symbolisch omdat Lefevere er niet in slaagde aan te tonen dat de aantijgingen hem financieel nadeel berokkenden.
 
Gelijk in beroep
Tegen die veroordeling uit 2007 ging Jean-Marie Dedecker in beroep. Esperanza, de werkgever van de renners uit het Quick.Step-Innergetic team en Celio Sport, het management van een aantal toprenners waaronder Tom Boonen, stelden zich opnieuw burgerlijke partij en kregen gelijk in beroep. (belga/odbs/dea)

UNKNOWN