“Nemmouche kreeg de opdracht om aanslag te plegen van Abaaoud"

Abdelhamid Abaaoud.
RV Abdelhamid Abaaoud.
Mehdi Nemmouche werd aangestuurd door Abdelhamid Abaaoud en kreeg van hem de opdracht om een aanslag te plegen op het Joods Museum van België. Dat heeft advocate Michèle Hirsch vandaag gepleit op het assisenproces. De advocate van het Coördinatiecomité van Joodse Organisaties in België steunde daarvoor op het gsm-verkeer en de activiteiten op de website van het Joods Museum.

Abdelhamid Abaaoud, de Belg die berucht zou worden als leider van het commando dat de aanslagen van 13 november 2015 in Parijs pleegde, bevond zich in januari 2014 nog in Brussel. "Op 14 januari belt Nemmouche naar zijn grootmoeder met een Turks nummer dat zich waarschijnlijk in Syrië bevindt", zei Hirsch. "Op 16 januari belt Abaaoud naar datzelfde Turkse nummer en er ontspint zich een gesprek van 24 minuten.” 

Michèle Hirsch.
Photo News Michèle Hirsch.

Site bezocht vanuit Syrië
Volgens Hirsch geeft Abaaoud in dat gesprek Nemmouche de opdracht een aanslag te plegen op het Joods Museum, of duidt hij minstens het museum aan als doelwit. "Want op diezelfde 16 januari wordt de website van het museum plots bezocht vanuit Syrië. En dat zal nog meermaals gebeuren tussen die dag en begin februari 2014", aldus de advocate. "Wie anders kan dat gedaan hebben dan Nemmouche? Het is daarom dat hij naar Brussel is gekomen, het is daarom dat hij hier een aanslag heeft gepleegd. Hij werd gestuurd door Abaaoud.”

Nemmouche verliet op 21 februari 2014 Syrië om een rondreis te maken door Azië. "Dat doet hij om te verbergen dat hij een terrorist op missie is", ging de advocate verder. "Maar tijdens die reis is hij op zijn hoede, want hij weet dat de Franse journalisten die door IS gegijzeld werden zijn gezicht gezien hebben. Ze zouden hem dus kunnen identificeren.”

Een portret van Mehdi Nemmouche.
BELGA Een portret van Mehdi Nemmouche.

“Deel van terreurcommando”
Nemmouche maakte volgens haar ook deel uit van dezelfde groep terreurcommando’s als de daders van de aanslagen van 22 maart 2016 in Brussel en Zaventem. “Daar kan geen twijfel over bestaan”, klonk het. De advocate verwees naar een gesprek dat Nemmouche zou gehad hebben met een medegedetineerde in Frankrijk, net voor zijn overbrenging naar België.

“Daarin zei hij niet alleen dat er vier Joden minder waren op aarde, maar ook en vooral dat alles goed zou gaan zolang ze het netwerk niet ontmantelden. Het is ook opvallend dat hij zwijgt sinds zijn arrestatie in Marseille, behalve op de vraag of hij handlangers heeft. Nee, antwoordt hij telkens.” 

Assisenvoorzitster Laurence Massart.
EPA Assisenvoorzitster Laurence Massart.

Code
Daarnaast is er de computer van de daders van de aanslagen van 22 maart, die kort nadien in Schaarbeek teruggevonden werd. “Daarop staan twee gesprekken tussen Najim Laachraoui, één van de kamikazes van de luchthaven, en hun leider in Syrië”, ging Hirsch verder. “In het eerste gesprek met emir Abou Ahmed -die vermoedelijk de Belg Oussama Atar is- heeft Laachraoui het over een systeem om gesprekken te crypteren. Een code dus. Het is opvallend dat in de cel van Nemmouche in 2014 al twee papieren zijn gevonden waarop een dergelijke code staat. Zou het niet die code zijn waarover Laachraoui het heeft?”

Najim Laachraoui.
Kos Najim Laachraoui.

Ontvoeringen
In datzelfde gesprek met hun emir in Syrië worden ook de verdere plannen van de terreurcel besproken, aldus Hirsch. “Eén ervan bestaat erin bekende mensen te ontvoeren en hen te ruilen ‘voor broeders die al gewerkt hebben, zoals Mehdi Nemmouche’. In een tweede gesprek, dat op 21 maart 2016 plaatsvindt, kondigt Laachraoui aan dat ze de volgende dag gaan toeslaan en dat ze hun wapens zullen achterlaten voor andere ‘broeders’. Ze vragen ook of hun geld niet naar hun broeder Mehdi kan gaan, Mehdi Nemmouche.”

Najim Laachraoui (l) en Ibrahim El Bakraoui (m) bliezen zichzelf op in de vertrekhal van Zaventem.
Kos Najim Laachraoui (l) en Ibrahim El Bakraoui (m) bliezen zichzelf op in de vertrekhal van Zaventem.

Info voor Abdeslam
De advocate verwees tenslotte naar wat er zich op 22 maart 2016 afspeelde in de gevangenis van Brugge, waar Nemmouche opgesloten zat. “Hij juichte van vreugde omdat zijn ‘broeders gewerkt hadden’ en vertelde aan medegevangene Salah Abdeslam wat hij zag op zijn tv. Hij zei onder meer dat Sofiane uit Schaarbeek en Brahim bij de aanslag omgekomen waren. Sofiane was de schuilnaam voor Najim Laachraoui,  Ibrahim El Bakraoui was de andere terrorist die de aanslag in Zaventem pleegde. Hij kende die daders omdat hij deel uitmaakte van dezelfde groep terreurcommando’s van IS.”

Bewijsmateriaal in het proces rond de aanslag op het Joods Museum.
BELGA Bewijsmateriaal in het proces rond de aanslag op het Joods Museum.



1 reactie

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.


  • Obi Williams

    Alles op een dode steken is natuurlijk gemakkelijk