"Brandstichting moskee was terroristische daad"

PHOTO_NEWS
De brandstichting in de Anderlechtse Rida-moskee was een terroristische daad en beschuldigde Rachid El Boukhari moet daarvoor veroordeeld worden. Dat heeft federaal magistrate Paule Somers gezegd voor het Brusselse assisenhof. De 38-jarige El Boukhari staat er terecht voor de brandstichting die op 12 maart 2012 het leven kostte aan imam Abdullah Dahdouh (46) en drie gewonden maakte. De advocaten van Rachid El Boukhari hebben zich verzet tegen de omschrijving van de feiten als terroristisch.

"Rachid El Boukhari heeft 5 liter benzine en drie aanstekers meegenomen naar de moskee, de benzine daar uitgegoten en in brand gestoken terwijl hij wist dat er mensen aanwezig waren", zei de federaal magistrate. "Het lijdt ook geen twijfel dat imam Abdullah Dahdouh als gevolg van die brand overleden is en dat er mensen gewond geraakt zijn door de brand. Hij was daarbij volgens de psychiaters perfect in staat om zijn handelingen te controleren, maar koos ervoor enkel aandacht te hebben voor zijn daden en geen rekening te houden met de gevolgen."

'Lone wolf'
Aan de brandstichting en de gevolgen ervan heeft El Boukhari zich dus zeker schuldig gemaakt, maar volgens de openbaar aanklaagster was die brandstichting ook een terreurdaad. "Daarmee heb ik niet gezegd dat El Boukhari een terrorist is of deel uitmaakt van een terroristische organisatie of groep", ging de magistrate verder. "Hij is een zogenaamde 'lone wolf', een solitaire extremist zoals Anders Breivik, die door niemand gestuurd of gecontroleerd wordt, die helemaal alleen geradicaliseerd is volgens zijn eigen ideologie, waarbij iedereen die het niet met hem eens is, als een vijand beschouwd wordt."

Sjieten angst aanjagen
Om van een terreurdaad te spreken moeten een aantal voorwaarden vervuld zijn, aldus magistrate Somers. "De dader moet een bevolkingsgroep willen intimideren of moet de bedoeling hebben de politieke verantwoordelijk te verplichten bepaalde daden te stellen of niet te stellen. In casu zegt El Boukhari zelf dat hij de sjiieten angst wilde aanjagen, ervoor wilde zorgen dat ze zich niet meer veilig zouden voelen. Zijn daad was ook ingegeven door de wreedheden van het Syrische regime en de houding van China en Rusland die een interventie van de Verenigde Naties in het Syrische conflict tegenhielden. Hij wilde er dus ook voor zorgen dat het Syrische regime zou stoppen met de repressie van de opstand en het verzet van China en Rusland tegen een VN-interventie breken."

Witte mars
Om dat doel te bereiken, heeft El Boukhari heel bewust zijn doelwit uitgekozen, aldus de magistrate. "Een molotovcocktail gooien in de tuin van de Russische ambassade was voor hem niet goed genoeg. Dat zou niet genoeg indruk gemaakt hebben, zegt hij zelf. Hij wou een daad plegen die indruk zou maken en weerklank zou hebben. Een heiligdom aanvallen op het moment dat daar mensen aan het bidden waren, was een dergelijke daad. Die heeft ook de nodige impact gehad, de sjiietische gemeenschap in België voelt zich niet meer veilig en onmiddellijk na de aanslag daagden meer dan 2.000 mensen op voor een witte mars."

Verdediging verzet zich tegen de omschrijving 'terroristisch'
De advocaten van Rachid El Boukhari hebben zich verzet tegen de omschrijving van de feiten als terroristisch. "Om van een terroristische daad te spreken, moet ze gericht zijn tegen een staat en moet ze een klimaat van onveiligheid creëren. Dat is volgens mij hier niet het geval", zei meester Yannick De Vlaeminck. De verdediging betwistte ook de voorbedachtheid van de slagen met een bijl die Rachid El Boukhari had toegebracht. In de brand van de 12 maart 2012 werden ook nog twee moslims gewond, die in de moskee aan het bidden waren. Rachid El Boukhari wordt er tevens van beschuldigd dat hij twee mensen met een mes en een bijl heeft verwond en dat hij doodsbedreigingen heeft geuit aan het adres van moslims die op het ogenblik van de feiten aanwezig waren in de moskee.