"Akkoord over poldergraslanden is tsjeverig compromis à la belge"

De polders van Knokke-Heist.
RF De polders van Knokke-Heist.
Natuurpunt, Vogelbescherming Vlaanderen en de West-Vlaamse Milieufederatie stellen de Vlaamse regering in gebreke voor het beleid rond historische poldergraslanden. Ze eisen dat poldergraslanden die buiten natuurgebied liggen ook beschermd worden via de natuurwetgeving. De manier waarop de poldergraslanden worden beschermd, is volgens Bart Caron (Groen) een 'tsjeverig compromis à la belge'.

Na ruim twintig jaar discussie nam de Vlaamse regering in november vorig jaar een besluit over de toekomst van 12.000 hectare poldergraslanden aan de kust. De reliëfrijke poldergraslanden zijn ecologisch waardevol, bepalen het karakter van de kuststreek en beschermen het hinterland tegen overstromingen.

Minister Schauvliege besliste toen om zowat 8.000 ha van die poldergraslanden te beschermen: 5.000 ha via natuurwetgeving en 3.000 ha via landbouwwetgeving. "Een halfslachtige beslissing", zeggen de natuurverenigingen, die vrezen dat er in de praktijk weinig zal veranderen. "4.000 ha wordt niet aangeduid op de kaart en 3.000 ha krijgt een valse bescherming via de landbouwwetgeving. Die 5.000 ha waren al beschermd."

Verdelgers

Ze nemen het niet dat onder de bescherming via de landbouwwetgeving nog steeds onkruidverdelgers gebruik kunnen worden, ook frezen is toegelaten en landbouwers kunnen jaarlijks vragen om percelen te laten verwijderen van de poldergraslandenkaart. Ook wijzen de verenigingen erop dat een groeiende groep landgebruikers, waaronder paardenhouders, niet onder die landbouwregelgeving valt, die ook maar tot 2020 van kracht is.

De natuurverenigingen vragen met de ingebrekestelling om de poldergraslanden die buiten natuurgebied liggen ook te beschermen via de natuurwetgeving. Die vraag sluit volgens hen aan bij de twijfels die de Raad van State had over de toepassing van het gelijkheidsbeginsel in het besluit.

De Vlaamse regering krijgt drie maanden de tijd om te reageren, afhankelijk van de reactie beraden de drie organisaties zich over verdere juridische stappen.

Verwijzend naar de "zaak Essers", spreekt de Vlaamse oppositiepartij sp.a over "het tweede schrijnende voorbeeld in anderhalve week tijd van hoe minachtend deze Vlaamse regering omgaat met de resterende natuur in Vlaanderen". Vlaams volksvertegenwoordiger Steve Vandenberghe wijst erop dat sp.a eerder al de regeling onvoldoende vond die minister Schauvliege uitwerkte. "Een groot deel van de historische graslanden staat niet op de kaart van beschermde polders, een ander deel krijgt een halfslachtige bescherming via de landbouwwetgeving", klinkt het. "Uiteindelijk wint niemand bij deze regeling die zoals te verwachten was juridisch wordt aangevochten: de natuur blijft bedreigd, en de landbouwers krijgen evenmin zekerheid. Iedereen verliest."

'Dit is het tweede schrijnende voorbeeld in anderhalve week tijd van hoe minachtend deze Vlaamse regering omgaat met de resterende natuur in Vlaanderen'

Sp.a

Caron: "Een tsjeverig compromis"

"De zeepbel over de bescherming van de poldergraslanden is doorprikt, reageert Vlaams parlementslid Bart Caron (Groen) op de beslissing van de drie natuurverenigingen. 

Caron heeft altijd kritiek gehad op het akkoord over de poldergraslanden. Dat een deel van de landen beschermd wordt via de natuurweteving, maar een ander deel door de landbouwwetgeving is de Groen-politicus al langer een doorn in het oog. Hij spreek van een "tsjeverig compromis à la Belge" dat leidt tot "rechtsonzekerheid". 

Caron: "Ik heb nooit begrepen dat collega Wilfried Vandaele (N-VA), die jarenlang een medepleitbezorger was voor de bescherming van de poldergraslanden, zich heeft laten verleiden mee te stappen in de schijnbescherming via de landbouwwetgeving. Nu het dossier, door de ingebrekestelling door de natuurorganisaties, opnieuw op de tafel van de Vlaamse Regering komt, moet ze die herkansing aangrijpen en tot een échte bescherming komen."