Beter gezondheidsbeleid op het werk houdt mensen langer aan de slag

Thinkstock
Gezondheid op het werk kan stukken beter. Meer aandacht daarvoor zou mensen langer aan de slag houden. Dat stelt een team professoren van vijf Belgische universiteiten in een memorandum. Een bijsturing van het beleid is nodig, omdat de verlenging van de professionele carrière zwaarder zal doorwegen op de ziekte- en invadiliteitsverzekering, luidt het.

Vorige week verspreidde minister van Werk Monica De Coninck (sp.a) een mededeling over de modernisering van de materie. De aandacht gaat daarin uit naar financiering op basis van de risico's van de sector en meer aandacht voor werknemers met problemen.

Enkele professoren, onder meer van de UGent, de KU Leuven en de Universiteit Antwerpen, stelden nu een memorandum op over gezondheid en welzijn op het werk. Ze maken een analyse van het huidige beleid en doen aanbevelingen voor de volgende regering.

Volgens de academici schiet het beleid dat focust op welzijn op het werk, zwaar te kort. De bevoegdheden zitten verspreid over de federale staat en de gemeenschappen. Bovendien is er te weinig overleg tussen de bevoegde diensten.

Het huidige systeem vestigt ook te veel de nadruk op een starre uitvoering van oubollige wettelijke voorschriften, klinkt het. Nieuwe risico's worden niet voldoende gedetecteerd, en er is te weinig aandacht voor preventie. Het memorandum stelt dat elke arbeidsgeschikte persoon toegang zou moeten krijgen tot de bedrijfsgezondheidszorg, ook al gaat het om zelfstandigen of werklozen.

De professoren stellen voor om een interuniversitair 'Kenniscentrum voor Gezondheid en Welzijn op het Werk' op te richten. Dat zou zich dan bezighouden met beleidsondersteuning en de optimalisatie van wetenschappelijke praktijkvoering.