Moeder en zoon staan terecht voor kweken van cannabis

Een 58-jarige moeder en haar zoon van 28 jaar oud stonden gisteren samen terecht voor het kweken en verhandelen van cannabis. Het parket vorderde een celstraf van vijftien maanden met probatie-uitstel. De verdediging vroeg mildheid.

De feiten kwamen aan het licht toen de politie informatie verkreeg over het feit dat zoon cannabis kweekte en verhandelde. De politie voerde een huiszoeking uit en trof een kleine plantage aan met verschillende plantjes. De cannabisplanten werden in beslag genomen en de politie onderzocht de zaak.

"Bij zijn verhoor bij de politie gaf hij meteen toe. De reden voor de feiten was de financiële penibele situatie van zijn moeder", zei openbaar aanklager Philippe Van Ingelgem.

De moeder stond gisteren ook terecht voor mededaderschap. Zij was volgens de aanklager op de hoogte van de plantage en genoot mee van de opbrengsten van de drugsverkoop van haar zoon. Beiden riskeren nu een celstraf van vijftien maanden en een geldboete van 6.000 euro. Tot slot werd er ook nog een geldsom van 28.000 euro verbeurdverklaard. Dat geld zouden de zoon en de moeder hebben verdiend tijdens het produceren en verkopen van de drugs aan Nederlandse Coffeeshops gedurende vier jaar.

Om moeder te helpen

De verdediging betwistte de feiten niet. Wel vroeg de raadsman van de moeder en haar zoon om hen niet te streng meer te bestraffen. "Ze werden in het verleden al sociaal strafrechtelijk vervolgd en veroordeeld tot het betalen van een geldboete van 3.600 euro elk en kregen verder nog een celstraf van zes maanden met uitstel", zei de advocaat. De reden voor die veroordeling was naar verluidt het feit dat zowel moeder als zoon, die op het moment van de feiten een werkloosheidsuitkering trokken, de inkomsten van de drugshandel niet hadden aangegeven en zo fraude pleegden. "Verder werden ze ook nog een tijdje uitgesloten bij de RVA en moesten ze in totaal 67.000 euro aan uitkeringen terugbetalen", zei de raadsman. Hij vroeg om hen geen extra straf op te leggen. "Was het dom van mijn cliënt? Ja. Maar hij deed het enkel omdat zijn moeder het na een echtscheiding en een ontslag financieel moeilijk kreeg", besloot de advocaat. Hij pleitte voor een opslorping of opschorting. Vonnis volgende maand. (TVDZM)