Piloot van paraclub veroordeeld

PARACHUTIST BRAK BEEN NA FOUT AFGELOPEN LANDING

Een 52-jarige piloot en militair op rust uit Stekene is door de rechter in Kortrijk veroordeeld tot een boete van 300 euro nadat op 13 september 2015 op het vliegveld in Moorsele (Wevelgem) een parachutist uit Wevelgem zijn been brak bij de landing. Volgens de rechter had de piloot de parachutist voorrang moeten verlenen. "Hopelijk trekt Para Centrum Vlaanderen hier lessen uit", klinkt het bij het slachtoffer.

De maidensprong van de Wevelgemse parachutist leek perfect te verlopen, tot hij op zo'n 25 meter boven de grond plots onder zich het vliegtuig van Karl M., dat hem even voordien had gedropt, zag opduiken. "Ik volgde de radiofonische raad van de instructeur en week uit naar links", herinnert de parachutist zich. "Maar door dat uitwijkmanoeuvre veranderde ook de wind in mijn parachute, kon ik niet voldoende afremmen en kwam ik veel te hard op de grond terecht."


De man brak zijn been en tilde aanvankelijk niet te hard aan de fout gelopen landing. Tot plots bleek dat er ook een zenuw in zijn been gekneld zat, er een operatie aan te pas moest komen en hij zes maanden lang met verlammingsverschijnselen in een beugel moest rondlopen. Zijn verzekering dreigde ermee geen schadevergoeding uit te betalen en zette hem aan om klacht in te dienen omdat er een derde partij betrokken was. "Ik wou die piloot niet in de problemen brengen, maar na de klacht ging de gerechtelijke molen aan het draaien", aldus nog de parachutist. "Ik hoop gewoon dat Para Centrum Vlaanderen, dat in Moorsele de parachutesprongen organiseert, lessen trekt uit de veroordeling. Er zijn nu eenmaal algemene luchtvaartregels die bepalen dat dropvliegtuigen niet mogen landen zolang niet alle parachutisten geland zijn. In Moorsele trad men dit, wellicht uit commerciële overwegingen, af en toe met de voeten omdat er dan sneller nieuwe parachutisten de lucht in gestuurd konden worden." Ook piloot Karl M. gaf voor de rechter aan dat het in Moorsele een gebruik was dat er wél al mocht gedaald worden vooraleer alle parachutisten geland waren. De rechter oordeelde echter dat het gebruik niet primeerde op de algemene luchtvaartregels. De piloot had dus de parachutist voorrang moeten verlenen en had nog niet mogen dalen.

Niet meer welkom

Voor de parachutist bleef het bij die ene parachutesprong. "Ik weet niet of ik me er nog ooit aan zal wagen", klinkt het. "Ik ben al blij dat ik weer zo goed als normaal kan wandelen. Helemaal in orde komt het niet meer. Enkele tenen zullen wellicht verlamd blijven. Bovendien: mocht ik ooit nog willen springen, zal ik me een andere paraclub moeten zoeken, denk ik, want Para Club Vlaanderen nam me de klacht niet in dank af. En dat terwijl ik eigenlijk niets verkeerd heb gedaan." Bij Para Centrum Vlaanderen was gisteren niemand bereikbaar voor commentaar.


Aan het slachtoffer moet piloot Karl M. een voorlopige schadevergoeding van 1.000 euro betalen. Een deskundige moet later de precieze omvang van de uiteindelijke schade bepalen. De piloot was zich van geen kwaad bewust en totaal verrast, toen hij vijf maanden na het incident plots telefoon kreeg van de politie voor een verhoor. "Ik heb al dertig jaar ervaring als piloot en maakte zelf al zo'n 1.500 sprongen. Ik zou nooit iemand in gevaar brengen", had hij zich nog voor de rechter verdedigd, tevergeefs.