Twintigtal bijzitters die niet of te laat opdaagden voor verkiezingen 2018 veroordeeld voor de strafrechtbank: rekening van 700 euro

Een twintigtal kiesplichtigen die opgeroepen werden als bijzitter of plaatsvervangend bijzitter van een tel- of stembureau in onder meer Genk, Maasmechelen, Heers en Borgloon, zijn veroordeeld tot een boete van 400 euro. Samen met de bijkomende kosten die gepaard gaan met een veroordeling voor de strafrechtbank, loopt de rekening op tot 700 euro.

In totaal werden tijdens de themazitting van een maand geleden 31 kiesplichtigen gedagvaard voor de strafrechtbank in Tongeren. Ze daagden op 14 oktober 2018 niet of te laat op om hun taak als bijzitter in het stembureau te vervullen en betaalden de minnelijke schikking van 250 euro die ze daarna kregen niet. Een vrouw, die zelf nog als voorzitter van een kiesbureau had gezeteld, bood zich aan net voor het openingsuur van het kiesbureau en niet op het opgegeven uur waarop ze moest aanwezig zijn voor de samenstelling van het kiesbureau. “Ik ben zelf al een aantal keer voorzitter geweest en heb er nooit problemen van gemaakt als een bijzitter laattijdig opdaagde”, klonk de verdediging van L. De strafrechter weerlegde. “Als ze al voorzitter geweest is moet ze zeker weten hoe belangrijk het is om op tijd aanwezig te zijn. Laattijdig opdagen wordt vaak als een manier gezien om zich te onttrekken aan zijn of haar taak als bijzitter en om niet meer te moeten zetelen.” De boete van 250 euro betaalde ze niet, omdat ze die te hoog vond. Samen met een twintigtal andere spijbelende bijzitters levert haar dat nu een stevige rekening op.

Vervangende celstraf

De excuses die de gedagvaarden aanhaalden voor hun laattijdige verschijning of hun afwezigheid waren divers: van ‘een partner die in het ziekenhuis lag’ tot ‘te laat wegens afwerken van de nachtdienst’. De meesten van de redenen werden niet aanvaard. Eenentwintig gedagvaarden werden veroordeeld tot een boete van 400 euro. Voor de acht personen die zelf naar de rechtbank kwamen om zich te verantwoorden of zich lieten vertegenwoordigen door een advocaat, werd de boete voor de helft met uitstel opgelegd. Dertien anderen daagden niet op voor de strafrechter. Voor hen is de volledige boete effectief. Als de veroordeelden die boete niet betalen volgt een vervangende celstraf van vijftien dagen.

Strafkosten

Naast de boetes moeten de veroordeelden ook elk een aantal verplichte kosten betalen, die standaard gepaard gaan met een veroordeling voor de strafrechtbank: 200 euro als bijdrage aan het Fonds tot hulp van slachtoffers van opzettelijke gewelddaden, 20 euro aan het Fonds voor juridische tweedelijnsbijstand en ruim 80 euro strafkosten. Daardoor loopt het totaal te betalen bedrag op tot 700 euro.

Negen van de eenendertig opgeroepen konden wel geldige bewijsstukken voorleggen voor hun afwezigheid. Zij werden vrijgesproken. Voor een beklaagde werd de strafvordering vervallen verklaard.