"We zoeken geschikt onderkomen voor collectie. Maar stad krijgt ze zeker niet"

EEN JAAR NA OVERLIJDEN VAN POPPENSPELER ALBERT VANDERSTEEN...

Dochter Liliane en weduwe Maria tussen de handpoppen van Albert.
Bollen Dochter Liliane en weduwe Maria tussen de handpoppen van Albert.
Begin februari 2017 overleed de 91-jarige Albert Vandersteen, de bezieler van het alom gekende poppentheater Tijl in het stadspark en het poppenmuseum in de Oude Leuvensestraat. Dochter Liliane en echtgenote Maria zetten zijn levenswerk vandaag verder, maar dat is niet altijd makkelijk. "Het is niet hetzelfde zonder hem. We bekijken momenteel de mogelijkheden om zijn collectie een goede thuis te geven, mocht er iets met ons gebeuren. Maar de stad Tienen krijgt deze zeker niet", klinkt het vastberaden.

In de volksmond werd Albert Vandersteen ook wel Bèrke Poep geheten, maar dochter Liliane heeft dat niet graag. "Het is meer een spotnaam dan een eretitel vind ik. En mijn papa verdient meer dan dat. Hij heeft enorm veel voor Tienen gedaan, maar helaas wordt dat door het stadsbestuur niet gewaardeerd. Sinds zijn dood hebben we hier niemand van hen meer gezien. Er is geld voor fusies van sportclubs en voor de aanleg van een ijspiste, maar om cultureel erfgoed in stand te houden, is er geen euro meer over."


Vroeger kreeg het poppenmuseum nog subsidies, maar die werden jaren geleden ingetrokken.


"We moeten alles alleen doen en dus ook alleen de huur van het museum in de Oude Leuvensestraat betalen", zegt dochter Liliane. "Dat is niet gemakkelijk. Gelukkig zijn de bezoeken, ook na het overlijden van mijn vader, blijven lopen. Ik denk niet dat we dit jaar minder boekingen hadden dan de voorbije jaren. Dat is al geruststellend. En voor volgend jaar zijn er ook al boekingen. De mensen zijn hem dus niet vergeten!"

Albert Vandersteen tussen zijn handpoppen.
Bollen Albert Vandersteen tussen zijn handpoppen.

Eén handpop erbij

Sinds de dood van Albert staat het museum er nog steeds identiek bij. "We proberen alles te bewaren op de manier waarop mijn man het had ingericht", zegt Maria. "Er is wel één handpop bijgekomen. Onlangs was er iemand, die een kijkje kwam nemen in ons museum. Hij was aangenaam verrast door de collectie die we hier in huis hadden. Na een bezoek bij familie in Bulgarije, bracht hij van daar een mooie aanwinst voor ons museum mee. De pop zal zeker een plaatsje krijgen."


Theater spelen met de poppen, gebeurt helaas niet meer. Albert hield regelmatig voorstellingen in het gebouwtje in het stadspark, maar dat staat er vandaag ongebruikt bij. "Mijn papa had de gave om met stemmen te spelen, maar ik kan dat helaas niet", zegt dochter Liliane. "Een beroep doen op derden om hier poppenkast te komen spelen, kost te veel geld. Dan zouden we behoorlijk wat inkom moeten vragen en dezer dagen willen de mensen dat hier niet meer aan geven. In de zomer hebben we het theater al eens verhuurd om er vertelmomenten in te laten plaatsvinden, maar verder weten we momenteel niet welke toekomst het gebouwtje zal hebben."

Op de begrafenis van Albert Vandersteen werd een foto van hem tussen zijn poppen op een kerkstoel geplaatst.
Bollen Op de begrafenis van Albert Vandersteen werd een foto van hem tussen zijn poppen op een kerkstoel geplaatst.

Speelgoedmuseum

Ook over de toekomst van de collectie denkt Liliane veel na. "Ik voel dat ik achteruit ben gegaan sinds het overlijden van mijn vader. Bovendien ben ik met mijn 60 levensjaren ook niet meer van de jongste. Vandaar dat we uitkijken naar een toekomstig onderkomen voor de poppencollectie. Ik ga zeker eens langs bij het speelgoedmuseum van Mechelen en bij een poppenspeler in Gent, met wie papa een goede band had en regelmatig samenwerkte. We willen zeker niet dat mijn vaders levenswerk verloren gaat."


"Op dit ogenblik is er noch sprake van een gesprek met de familie noch van een alternatieve bestemming van het poppentheater in het stadspark", reageert schepen van Cultuur, Wim Bergé (CD&V). "We hebben in het verleden, toen Albert nog leefde, verschillende pogingen gedaan, zelfs met externe bemiddeling, om een deel van de collectie van de Tiense poppen in bruikleen te nemen. Helaas zijn deze telkens op een negatieve manier afgelopen. Uiteindelijk heeft de familie Vandersteen beslist om het museum zelf te blijven beheren. We hebben als stad heel veel respect voor Albert en zijn levenswerk. Momenteel werken we aan een Wall of Fame met bekende Tienenaars. Hier kan Albert zeker voor genomineerd worden", besluit Bergé.