Op bezoek bij de stoerste strafpleiter van Vlaanderen: “Ik leef volgens de regels van de samoerai”

Advocaat Bert Vanmechelen, soms ook strak in het pak als hij niet in de boksring te vinden is.
Mine Dalemans Advocaat Bert Vanmechelen, soms ook strak in het pak als hij niet in de boksring te vinden is.
Meester Bert Vanmechelen (40) is niet voor één gat te vangen. De ene keer tref je hem als modieuze strafpleiter in het mondaine Truiense Cosmocafé, in gezelschap van de Limburgse ‘fine fleur’. De andere keer zwijgend, geconcentreerd in een groezelige boksclub aan de oever van de Maas in Le Droixhe, een beruchte Luikse wijk. “Een speldje van de landelijke serviceclub is niet aan mij besteed”, aldus de opmerkelijke advocaat.

“Mijn vader heeft mij vele wijze lessen geleerd. ‘Een woord van een man is meer waard dan een handtekening bij de notaris’, noem dat ‘oldschool’, maar hier hecht ik wel veel waarde aan. Vreemd genoeg vind ik dat principe juist vaak terug bij de mensen die ik verdedig. Bij de motorclubs Bandidos en de Hells Angels is een gegeven woord heilig. In de groezelige achterbuurt van Luik waar ik boks, hebben de jongens vaak niets anders dan hun eer en hun woord.”

U bent enkele jaren zelf profbokser geweest? Hoe komt een strafpleiter in godsnaam in een professionele boksring terecht?

“Profbokser worden was meer dan twintig jaar een droom. Ik boks al sinds mijn vijftiende. Een echte kamp, tegen een prof, was het hoogst haalbare. “Het mooie, het pure en ook het rauwe van boksen is dat het één tegen één is. Wie het best voorbereid is, wint. De zwakke kan zegevieren over de theoretisch sterkere. Je kunt een clash krijgen tussen techniek en kracht en dan kan het net zo goed de technische bokser zijn die wint. Ik weet dat boksen in de ogen van de meeste mensen nog altijd een vulgaire gevechtssport is, maar dat is het dus niet. Sterker: het heeft zelfs een belangrijke maatschappelijke functie, omdat je er mensen ontmoet uit elke sociale klasse. Sommige confraters vinden dat ik de waardigheid van het beroep in gedrang breng. Maar hoe dan, vraag ik me af.”

Bert Vanmechelen slaat Eichhols Vladimir hier tijdens een boksgala in Sint-Truiden K.O..
Karel Hemerijckx Bert Vanmechelen slaat Eichhols Vladimir hier tijdens een boksgala in Sint-Truiden K.O..

Hoe verliep jouw eerste kamp?

“Daar kan ik heel kort over zijn: ze vond plaats in 2015 en duurde exact vijf seconden”, lacht Vanmechelen. “Ik heb er wel een jaar voor getraind. Die eerste kamp ging in mijn thuisstad Sint-Truiden door, de verwachtingen waren dus hooggespannen. Ik kon mijn tegenstander, de Hongaar Norbert Csaszar, in vijf seconden knock-out slaan. Ik heb zijn kin geraakt, en goed. Al besef ik dat het evengoed ik had kunnen zijn die tegen de grond was gegaan. Daarna volgden nog twee gevechten, maar ik merkte dat het leven van een profbokser toch heel veel van mijn lichaam vroeg. Ik verscheen al een paar keer met een gehavend gelaat in de rechtszaal. Dat hoort er nu eenmaal bij. In Tongeren en Hasselt, waar ik het vaakst moet zijn, waren ze het gewoon om me zo te zien. Eén keer moest ik pleiten met twee halfdichte ogen. Zelf heb ik daar geen moeite mee, maar lichamelijk werd het te veel. Stel je voor, ik ben negen keer onder het mes gegaan. En dus heb ik mijn profbokshandschoenen aan de haak gehangen. Ik train wel nog af en toe: ik moet de onrust vanbinnen bedwingen”

Trek de parallel eens met het strafrecht?

“Strafrecht gaat net als boksen gepaard met hevige emoties. Met het scherpere kantje van de maatschappij. Het heeft me vanaf de eerste dag aan de balie aangetrokken. Heel vaak gaat men in strafzaken een momentopname uit een mensenleven beoordelen. Het is moeilijk een correct beeld te krijgen van wat er is gebeurd als je niet eerst gaat kijken wat er vóór dat moment heeft plaatsgevonden. Het totaalplaatje van de mens intrigeert me. Bovendien ben ik nu eenmaal geboren met een heel groot rechtvaardigheidsgevoel. Ik kan niet tegen onrecht.  Wat ik dan ook niet doe, is mensen verdedigen die kinderen of dieren iets hebben aangedaan. Die mensen hebben evengoed recht op een verdediging, maar ik kan het niet. Er staan trouwens altijd wel andere advocaten voor te springen. Ik heb het vak geleerd van mijn mentor Geert Jaspaert. Bij hem ging het ook niet om het geld, maar om de eer. Vechten tegen onrecht. Je kan eigenlijk stellen dat ik volgens de regels van de samoerai leef: respect, eerlijkheid, moed, loyaliteit, eer, welwillendheid en rechtschapenheid. De Japanse krijgers leefden volgens deze zeven levenswaarden, die hen in staat stelden om een betekenisvol mens te zijn. Ik kan mij daar wel in vinden.”

 Bert Vanmechelen samen met zijn mentor de bekende strafpleiter Geert Jaspaert in mei 2009 in Tongeren tijdens het assisenproces van  Bruno Kens. Kens werd veroordeeld werd voor de moord op zijn 26-jarige echtgenote  Priscillia Leurs.
BELGA Bert Vanmechelen samen met zijn mentor de bekende strafpleiter Geert Jaspaert in mei 2009 in Tongeren tijdens het assisenproces van Bruno Kens. Kens werd veroordeeld werd voor de moord op zijn 26-jarige echtgenote Priscillia Leurs.

Fighters against Cancer

Met zijn vereniging ‘Fighters against Cancer’ heeft Bert zich ook in de strijd tegen kanker kanker gesmeten. Het begon allemaal toen hij vernam dat zijn moeder ziek werd en hij zich tijdens Levensloop samen met aantal vrienden inzette om geld in te zamelen. “We hebben toen hemel en aarde bewogen om veel geld in te zamelen, maar al snel had ik door dat de ‘Lourdesmentaliteit’ van de Levenslooporganisatie niet de mijne is. En zoals vaak in mijn leven, met alle respect voor iedereen en alles, ga ik dan mijn eigen weg. Zo is Fighters against Cancer op eigen benen komen te staan.  Onze vijfde editie van Fighters Against Cancer was een succes. We mochten meer dan 2.000 mensen ontvangen op een vechtsportgala met Thaiboks- en MMA-partijen. Het evenement verliep opnieuw vlekkeloos. De leden van de motorclub MC Bandidos werden met open armen ontvangen, net als de aanwezige advocaten en gerechtsdeurwaarders. De opbrengst van de benefiet ging dit jaar naar Kick Cancer, een stichting van openbaar nut die nauw samenwerkt met het Fonds KiCa, een Fonds voor onderzoek in pediatrische oncologie, beheerd door de Koning Boudewijnstichting. Nieuwe behandelingen vinden, bestaande behandelingen verbeteren en kinderkanker voor eens en voor altijd zo ver weg krijgen dat ze nooit, maar dan ook nooit meer terugkomt! Enkel een gezamenlijke inspanning zal ervoor zorgen dat kinderkanker de wereld uit wordt geholpen en dat kinderen sneller en beter genezen. Een missie waar iedereen schouder naast schouder voor vecht, van advocaat tot Bandido, van notaris tot jonge gast uit Le Droixhe. Ik merk dat daar een beweging aan het ontstaan is. Met alsmaar meer initiatieven en meer mensen die zich bij ons aansluiten, uit alle lagen van de bevolking. Laat het maar gebeuren, denk ik dan, het voelt goed aan en het maakt de wereld weer een beetje mooier om in te leven”. 

Bert Vanmechelen als voorzitter  van  Fighters Against Cancer, samen met de ‘president’ van de Bandidos en juwelier Yans uit de Truiense Stapelstraat.
Mine Dalemans Bert Vanmechelen als voorzitter van Fighters Against Cancer, samen met de ‘president’ van de Bandidos en juwelier Yans uit de Truiense Stapelstraat.



14 reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.


  • Leo Peeters -Duym

    Geheel mijn nalatenschap gaat naar het kinderkankerfonds volgens een notariële akte (ikzelf heb geen kinderen). Het was de notaris die me de Koning Boudewijnstichting afraadde; een stichting met veel ‘medewerkers’ die vet betaald worden. En ik lees: Bij de motorclubs Bandidos en de Hells Angels is een gegeven woord heilig. In de groezelige achterbuurt van Luik waar ik boks, hebben de jongens vaak niets anders dan hun eer en hun woord.” ---- Hun eer?

  • Monique Biets

    Top mens

  • sjaak vanslembrouck

    IK denk dat deze kerel bitter weinig weet over de originele samoerai.

  • Sandy Vanbrabant

    Wow! Respect.

  • Donald Ramp

    Respect!!