“Historisch laag”: leegstand winkelpanden Stationsstraat in zes jaar gedaald van 32 naar 13 procent

De Stationsstraat in Sint-Niklaas: zes jaar geleden met 32 procent leegstand een winkelbloedbad, maar vandaag is de situatie helemaal anders, met een leegstand die naar 13 procent is gedaald.
JVS De Stationsstraat in Sint-Niklaas: zes jaar geleden met 32 procent leegstand een winkelbloedbad, maar vandaag is de situatie helemaal anders, met een leegstand die naar 13 procent is gedaald.
De Stationsstraat is aan een heropleving bezig. Vandaag staat nog slechts 13 procent van de winkelpanden leeg. Tien jaar geleden was dat 16 procent, in 2013 steeg dat nog tot 32 procent. “Vandaag daalt de leegstand naar een historisch lage 13 procent, een cijfer dat de afgelopen tien jaar nooit meer zo laag geweest is”, stelt centrummanager Nele De Klerck. 

Een minder groot kernwinkelgebied, minder winkelpanden en inzetten op panden met minder vloeroppervlakte, een hele reeks kernversterkende acties en premies, en met als doel om in de stadskern te evolueren naar een mix van pure shopping winkels, originele horeca, speciaalzaken, dienstverleners, vrije beroepen, culturele spelers en ondernemers uit de creatieve en innovatieve sector. Dat waren de krachtlijnen uit het detailhandelsplan van begin 2017. “En 2,5 jaar later blijkt dat te werken”, stelt centrummanager Nele De Klerck. “Het voorbije jaar zijn tal van nieuwe of vernieuwde winkel-, horeca- en dienstenconcepten gestart in de stadskern. Het gaat immers niet alleen om nieuwe winkels. Er is daghoreca bijgekomen, we zien mengvormen ontstaan tussen winkels, horeca en dienstverleners, straks starten een orthodontiepraktijk en een kindercrèche in de winkelstraat, bestaande zaken vinden zichzelf opnieuw uit, ... Bovendien zijn de lokale handelaars op de goede weg om zich te onderscheiden in kwaliteit, expertise, klantgerichtheid en samenwerking.”

Leegstand fors gedaald

Uit recente cijfers van het gespecialiseerd bureau Locatus blijkt dat de leegstandcijfers in de Stationsstraat en in het kernwinkelgebied heel positief zijn. In 2009 stond 16 procent van de panden leeg. Dat steeg in 2013 tot zelfs 32 procent. Tot 2016 bleef het cijfer hangen rond de 25 procent. “Sinds 2017 zien we een daling van het leegstandspercentage, dat vandaag in 2019 daalt naar een historisch lage 13 procent. Een cijfer dat de afgelopen tien jaar nooit meer zo laag geweest is”, aldus de centrummanager. 
De leegstand op vlak van winkelvloeroppervlakte is van 32 procent in 2013 gedaald naar 18 procent. “Dat cijfer ligt iets hoger omdat de grotere winkelruimtes moeilijker ingevuld geraken.”

De Stationsstraat in 2011, voor de herinrichting, met toen een leegstand van 21 procent.
JVS De Stationsstraat in 2011, voor de herinrichting, met toen een leegstand van 21 procent.

De cijfers voor het hele focusgebied in de stadskern tonen een gelijkaardige evolutie. “Van 27 procent leegstand in 2013 gaan we naar 15 procent, wat nog 3 procent lager is dan de 18 procent leegstand in 2009. In 2013 stond op een bepaald moment 48 procent van de winkelvloeroppervlakte in het focusgebied leeg. Ook in 2017 bedroeg dit percentage nog 41 procent. Onder meer de renovatie in het laatste deel van de Stationsstraat en de afbraak van de winkelvloeroppervlakte in de Parkstraat hebben er voor gezorgd dat we in 2019 voor het eerst sinds 10 jaar terug onder de 20 procent duiken.”

Koffiebar Manuvel in de Stationsstraat. “Er zijn heel wat nieuwe, leuke zaken bijgekomen het voorbije jaar.”
JVS Koffiebar Manuvel in de Stationsstraat. “Er zijn heel wat nieuwe, leuke zaken bijgekomen het voorbije jaar.”

‘Less is more’

Waar de Stationsstraat vroeger veel ketens met grote winkels telde, worden de panden nu meer ingevuld door lokale ondernemers. “Vandaar ‘less is more’, als het op winkelvloeroppervlakte aankomt. De kleine handelspanden worden relatief snel ingevuld. Het zijn de grotere panden, zoals de vroegere H&M- en WE-winkelpanden, die het langst leeg blijven staan. Niet onlogisch in een straat in verandering. De panden worden nu meer ingevuld door lokale ondernemers, die minder winkelvloeroppervlakte nodig hebben of zich omwille van kleinere schaalgrootte financieel minder oppervlakte kunnen veroorloven. Daar wordt op ingespeeld. Denk bijvoorbeeld aan de panden in Stationsstraat 115a en 115b: vroeger één groot pand dat moeilijk verhuurd werd, sinds de opsplitsing in twee panden is het snel ingevuld. Ook de winkelvloeroppervlaktes van de panden in het laatste deel van de Stationsstraat zijn een stuk kleiner gemaakt dan ze oorspronkelijk waren. Bij nieuwe projecten wordt er gemikt op kleinere winkelvloeroppervlaktes en/of een gedeeld gebruik van de ruimtes.”

Conclusie

Conclusie, volgens de centrummanager: “Die nieuwe aanpak, gestart in 2017, begint stilaan zijn vruchten af te werpen. De positieve evolutie is indrukwekkend en wordt simpelweg te weinig in de kijker gezet. Ja, we kunnen ook een lijstje van problemen en uitdagingen opstellen dat minstens even lang is en ja, er is nog een hoop werk aan de winkel, maar de cijfers bevestigen in elk geval dat we de juiste weg zijn ingeslagen. De winkelbeleving voor de eindklant is vandaag een stuk beter dan pakweg drie jaar geleden en dat hebben we zowel te danken  aan de inspanningen van de stad als aan die van onze ondernemers en belangenorganisaties.”

JVS



Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.