100 miljoen jaar oud haaienskelet na storm blootgelegd op strand

Haai dit weekend voor publiek te zien in Huis van de Evolutie

Dirk Hovestadt, Luc De Coninck en Frederik Mollen tonen het fossiel met een skelet van een haai van 100 miljoen jaar oud.
Kristof Pieters Dirk Hovestadt, Luc De Coninck en Frederik Mollen tonen het fossiel met een skelet van een haai van 100 miljoen jaar oud.
In het Huis van de Evolutie kan men dit weekend een bijzondere vondst gaan bekijken: een skelet van een haai van 100 miljoen jaar oud. De vondst werd gedaan door amateur-paleontoloog Luc De Coninck uit Nieuwkerken. Het topstuk verhuist na de expo definitief naar het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen.

De vondst dateert in feite al uit 1996, maar wordt nu geschonken aan de wetenschap en daarom wil Luc De Coninck (61) nog één keer het grote publiek de kans geven om het topstuk te komen bekijken. “Ik heb het gevonden op het strand aan Cap Blanc-Nez aan de Franse Opaalkust”, vertelt de amateur-paleontoloog. “Sinds de jaren negentig hadden we er een stacaravan. Van daaruit trokken we vaak naar het strand, op zoek naar fossielen. De ene keer vind je weinig of niets, de andere keer heb je meer geluk. Dit fossiel lag in een 100 miljoen jaar oude zeebodem die normaal verscholen zit onder het strand, maar een zware storm legde de haai bloot. Anders had ik dit skelet nooit gevonden. Het was een race tegen de tijd om de haai te bergen, want de vloed kwam snel op. Samen met een vriend hakten we een geul uit de harde klei rondom het fossiel om zo het blok met het skelet vrij te maken.”

Eens thuis, hielp een Nederlands expert het skelet verder vrij te maken en de haai te bewerken zodat hij goed bewaard zou blijven. “Dagen en nachten heb ik en mijn vrouw zaliger besteed om de haai millimeter per millimeter te prepareren”, blikt Dirk Hovestadt terug op die periode. “We vonden een stuk van de schedel, de kaken, mét tanden, de schoudergordel en een reeks wervels. Het was een kunst om de klei niet te snel te laten drogen, want anders zou gans het blok als poeder uit elkaar vallen.”

Kristof Pieters

“Kans om dino te vinden, was groter”

Na preparatie kreeg de haai een centrale plaats in een vitrinekast bij Luc De Coninck thuis. “Ik wist van bij het begin dat de vondst uniek was. Soms kwamen er experten kijken, zoals een professor uit Londen, maar verder gebeurde er weinig of niets mee. Met mijn pensioen in het vooruitzicht, wou ik de toekomst van de haai graag veilig stellen. Ik nam daarom contact op met Frederik Mollen, die nu aan het hoofd staat van de Vlaamse onderzoeksgroep voor haaien en roggen. Samen met Dirk Hovestadt werd het skelet onderzocht en wetenschappelijk beschreven. Frederik Mollen benadrukt de waarde van de vondst. “De Krijt-kliffen aan de Franse Opaalkust staan sinds mensenheugenis bekend om hun rijkdom aan fossielen zoals zee-egels en inktvissen, maar dit skelet is uniek”, legt hij uit. “Haaien hebben geen echte botten, maar kraakbeen, en dat bewaart uiterst zelden. Losse tanden worden af en toe wel gevonden, maar het is de eerste keer in de geschiedenis dat de Franse kust een skelet prijs geeft. De kans dat Luc een dino vond, was groter dan dat hij deze haai kon blootleggen.”

De vondst werd gedaan aan de Franse Opaalkust.
rv De vondst werd gedaan aan de Franse Opaalkust.

De vondst leverde intussen een schat aan informatie op. “Het volledige dier moet ongeveer 70 centimeter lang zijn geweest, en leefde maar liefst 100 miljoen jaar geleden, in een tijd toen sauriërs nog heersten over land, maar ook in de zee. De haai behoort tot een kleine groep die de meteorietinslag, die aan de basis van het uitsterven van de dino’s ligt, overleefd heeft. Maar een tijd later is deze soort alsnog uitgestorven, terwijl andere groepen van haaien bleven voortbestaan. Tot nog toe is er slechts weinig geweten over de ‘Synechodus’. Enkel uit Engeland zijn er enkele skeletdelen bekend, daterend uit de 19de eeuw. Hij had twee rugvinnen en zijn vel was bedekt met huidtandjes, vergelijkbaar met schubben.”

Luc heeft de haai nu geschonken aan het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen in Brussel waar andere wetenschappers het onderzoek kunnen verder zetten. Tijdens het weekend van 22 en 23 december is de haai echter voor het eerst en dus ook de laatste keer voor het publiek te zien in Het Huis van de Evolutie in de Lage Kerkwegel 5 in Sint-Gillis-Waas en dit tussen 9.30 en 16.30 uur.




Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.