RUP Malander zo goed als klaar: “Park meer eigentijdse, toeristische uitstraling geven”

Het Malanderpark moet een meer eigentijdse en toeristische invulling krijgen.
Google Maps Het Malanderpark moet een meer eigentijdse en toeristische invulling krijgen.
Het stadsbestuur en Solva hebben een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) klaar om het Malanderpark om te vormen van natuurgebied naar parkgebied. De stad wil het park een meer eigentijdse en toeristische invulling geven, maar zat tot nu toe vast door de ruimtelijke bestemming van de zone.

Wie Ronse binnenrijdt via de Kruisstraat, passeert het Malanderpark. Het werd in de jaren vijftig geschonken aan de stad door Jean d’Arbre de Malander en daarna vormgegeven door de Belgische tuinarchitect René Péchère. Het park biedt een uniek uitzicht over de stad, maar wordt momenteel niet ten volle benut, zo vindt ook het stadsbestuur. “Het Malanderpark is aangeduid als natuurgebied, waardoor we er weinig kunnen doen. We kunnen er bij wijze van spreken geen steen verleggen. Daarom hebben we een RUP laten opmaken om de bestemming te wijzigen”, legt schepen van Stadsontwikkeling Jan Foulon (CD&V) uit. “Het RUP kreeg een voorlopige goedkeuring in de gemeenteraad en moet later nog definitief goedgekeurd worden.” 

Buurtpark

De bestemming van het Malanderpark wijzigt naar parkgebied, waardoor wel recreatie en nieuwe initiatieven mogelijk zullen zijn. Het RUP geldt bovendien niet enkel voor het park op zich, maar ook voor de iets ruimere omgeving zoals een deel van de Oudestraat en Boeckhaeghe. “We willen op die manier meer ontwikkelingsmogelijkheden creëren. Het moet nu mogelijk zijn om in dat gebied meer toerisme en recreatie toe te staan", verduidelijkt Foulon. Welke invulling het Malanderpark nu precies zal krijgen, moet deze legislatuur nog duidelijk worden. Oppositieraadslid Lech Schelfout (Groen) stelt alvast voor om het lager gelegen deel in te richten als buurtpark. “Vooral voor inwoners van de Prinskouter zou dat goed zijn. We kunnen er een speelplein of voetbalveldje inrichten. Op voorwaarde dat er dan ook een veilige oversteekplaats komt.”