Tot zeven jaar cel voor Limburgers in cocaïnezaak

Het spilfiguur (rechts) met twee vrienden.
Foto Birger Vandael Het spilfiguur (rechts) met twee vrienden.
De rechtbank van Hasselt heeft drie Limburgers veroordeeld tot celstraffen tussen 4 en 7 jaar. Het trio was betrokken bij de handel van 2,5 ton cocaïne uit Brazilië, verstopt in vier marmeren blokken.

Het handeltje werd in het voorjaar van 2016 in twee tijden ontmanteld in Heist-op-den-Berg, Lommel en Overpelt. Het onderzoek leidde naar een 53-jarige Lanakenaar die het zaakje in ons land zou leiden. Hij werd gesteund door een 66-jarige Dilsenaar die de boekhouder van het gezelschap was. Ook een 30-jarige Maasmechelaar (door de vermeend leider 'mijn zoon' genoemd) werd gelinkt aan de cocaïnevangst. Om de criminele activiteiten uit te voeren had de Lanakenaar volgens de procureur een heuse bedrijvenstructuur opgezet.


De verdediging verkondigde een ander verhaal. "Het is de eerste keer dat ik iemand moet bijstaan die leider is van een criminele organisatie en hij niet eens geld heeft om mij te betalen", aldus raadsman Walter Van Steenbrugge. Op grond van twijfel werden beklaagden voor een deel van de betichtingen vrijgesproken. Ook het leiderschap van de Lanakenaar werd genuanceerd. Hij krijgt een celstraf van zeven jaar, nadat het openbaar ministerie twaalf jaar had gevorderd. 'De zoon' krijgt een celstraf van vijf jaar en 'de boekhouder' moet vier jaar achter de tralies. Voor beiden werd er acht jaar gevraagd. De 32-jarige Maasmechelaar en een vijfde 'stroman' werd zelfs vrijgesproken. (BVDH)