Studenten die ‘Oudenburg Blokt’ in goeie banen leiden, verkozen tot vrijwilligers van de maand

Het initiatief Oudenburg Blokt is uitgegroeid tot een succes, mede dankzij de inzet van vier vrijwilligers.
Benny Proot Het initiatief Oudenburg Blokt is uitgegroeid tot een succes, mede dankzij de inzet van vier vrijwilligers.
Het stadsbestuur roept vier studenten uit als vrijwilligers van de maand januari. De vier staan tot op heden dagelijks mee in om Oudenburg Blokt te coördineren en ook om de locatie telkens mee te openen en af te sluiten. “Dankzij hun inzet is Oudenburg Blokt mee mogelijk gemaakt”, laat jeugdschepen Vanhooren weten, die de studenten in de bloemetjes zet.

Sedert september zet de stad steevast een of meerdere vrijwilligers in de kijker om hun belangeloze inzet in de kijker te plaatsen. Deze maand Thomas Borny, Simon Rousseaux, Anaïs Declerck en Nona Keirens aangeduid als vrijwilligers van de maand. “Zij vormen mee de sleutel tot het succes van Oudenburg Blokt, door het initiatief te coördineren en ook om de locatie telkens mee te openen en af te sluiten. Dankzij hun inzet is Oudenburg Blokt mee mogelijk gemaakt. Om onze dankbaarheid voor die inzet te benadrukken, werd in het college beslist dat we deze vier vrijwilligers uitroepen tot vrijwilligers van de maand januari 2020", zegt schepen Romina Vanhooren (Open Vld). “Ook deze editie was Oudenburg Blokt opnieuw een succes. op vrijdag 20 december gingen we van start. Dat was enkele dagen vroeger dan initieel voorzien op vraag van de studenten. We hebben als locatie voor de eerste keer gekozen voor het Romeins Archeologisch Museum en kunnen tot op heden spreken van een enorm succes. Dagelijks zijn een 30-tal studenten aanwezig om in het bezoekerscentrum samen te studeren.”

Alle studenten kunnen rekenen op koffie, water en wifi. “Ook de studenten zelf zijn bijzonder enthousiast over de locatie waardoor we dit absoluut positief evalueren”, oppert Vanhooren. “Voor de toekomst is het zo dat we uiteraard steeds rekening zullen moeten houden met het cultuurprogramma voor het RAM. We zullen dus blokperiode per blokperiode bekijken welke locatie mogelijk is en eventuele bijkomende locaties in onze deelgemeenten onderzoeken.”