Stad Oostende hervormt Wijk in Beweging: “Meer duurzame projecten in plaats van grote evenementen”

Schepen Maxim Donck wil meer werken met projecten die duurzamer zijn voor de wijken.
Benny Proot Schepen Maxim Donck wil meer werken met projecten die duurzamer zijn voor de wijken.
Het Oostendse stadsbestuur wil Wijk in Beweging grondig hervormen, zodat meer - duurzame - projecten een kans krijgen op ondersteuning en de focus minder ligt op evenementen. “Iedereen zal een voorstel kunnen indienen én meer mensen zullen betrokken zijn bij de stemming”, zegt schepen Maxim Donck. De organisatoren wachten af. “Maar als we minder geld krijgen, kunnen we ook minder artiesten boeken", zegt  Niko Geldhof van het Kleinkunstfestival.

In het budget van de stad werd de voorbije jaren jaarlijks 160.000 euro uitgetrokken voor Wijk in Beweging. Het systeem werd in 2007 ingevoerd. Elk jaar stemde de wijkraad met handopsteking over welk initiatief per wijk een bedrag van 20.000 euro mocht gebruiken. In de praktijk werden zo enkele kunstwerken geplaatst en ontstonden enkele grote organisaties zoals het Kleinkunstfestival in het Hazegras en Zandrock in Zandvoorde. 

In deze wijken was het vaak moeilijk om ook andere initiatieven op te richten, omdat de grote slokoppen het volledige budget gebruikten. “Bovendien was het dikwijls de organisatie die met de meeste mensen naar de wijkraad kwam die het budget mocht benutten. Daardoor was de stemming weinig objectief”, zegt schepen van Buurt- en Wijkwerking Maxim Donck (N-VA). 

Wijkprikkels

Het stadsbestuur wil het systeem daarom hervormen. Het nieuwe reglement wordt in november aan de gemeenteraad voorgelegd. “We willen meer werken met projecten die duurzamer zijn voor de wijk. Wijk in Beweging wordt vervangen door Wijkprikkels. Tussen 1 januari en 31 mei zal iedereen een voorstel kunnen indienen. Een wijkjury van ambtenaren en bewoners zal de projecten beoordelen op hun bijdrage aan de stadsmissie Allemaal Oostendenaar. Is het project gericht op de wijk, is het duurzaam, worden de handelaars betrokken en is het vernieuwend? Er zullen punten gegeven worden en de projecten die genoeg punten behalen, worden aanvaard en voorgelegd aan de bevolking. Alle inwoners zullen digitaal kunnen stemmen gedurende twee maanden op hun favoriete project binnen hun eigen wijk. Stemmen zal voor oudere mensen ook mogelijk zijn in de ontmoetingscentra. Drie projecten zullen een subsidie krijgen. Het project met de meeste stemmen krijgt 60 procent van het budget, de tweede 25 en de derde 15 procent. Als er maar één project is, kan dit maar maximaal 60 procent van het budget krijgen”, licht schepen Donck toe. 

Hoeveel geld?

Hoeveel centen de organisaties kunnen krijgen, is nog niet duidelijk. “Dit is onderdeel van de gesprekken voor de meerjarenplanning in december. Het is wel zo dat we willen werken met een vast deel en een variabel budget dat zal afhangen van het aantal inwoners per wijk. Op die manier krijgen grotere wijken meer geld.” De stad plant ondertussen ook overgangsmaatregelen, waarbij de wijkjury dit jaar zal beslissen over het budget voor Wijk in Beweging van 2020.

Bewoners zullen digitaal kunnen stemmen op hun favoriete project

Maxim Donck (N-VA)

Zaaien naar de zak

Het nieuwe systeem zal onder meer gevolgen hebben voor het Kleinkunstfestival in het Hazegras. “We zijn nog niet op de hoogte van de nieuwe regels. Het belangrijkste voor ons zal duidelijkheid zijn over welk budget we kunnen krijgen", vertelt organisator Niko Geldhof. “We zijn dankbaar voor elke ondersteuning, maar als we in de toekomst een pak minder krijgen, zullen we ook minder artiesten kunnen boeken. We moeten dan zaaien naar de zak. Ik ben alvast zeker dat we aan de criteria voldoen, want er zijn 100 medewerkers uit de wijk betrokken bij ons evenement en de catering gebeurt door lokale handelaars. En als we geen meerwaarde voor de wijk zouden zijn, hadden we het geen 13 jaar volgehouden.”

De wijkwerking Hazegras organiseert al 13 jaar het Kleinkunstfestival.
LBB De wijkwerking Hazegras organiseert al 13 jaar het Kleinkunstfestival.

Meer straatfeesten, minder wijkfeesten

Ook de straat- en wijkfeesten worden aangepast. “We willen meer vertrekken vanuit de straten en de kleinschalige initiatieven beter ondersteunen. Wie in Oostende een straatfeest wil organiseren, maakte tot voor kort kans op een subsidie van 124 euro. Wie een wijkfeest plande, mocht rekenen op 1.240 euro. Zo werden in 2018 16 straatfeesten en 36 wijkfeesten georganiseerd. Die subsidies verhogen van 124 naar 250 euro en van 1.240 naar 2.500 euro, met een maximum van twee feesten per jaar. We willen minder wijkfeesten, maar wel een betere kwaliteit. We willen het daarnaast vooral veel eenvoudiger maken. Nu moesten alle uitgaven gestaafd worden. In de toekomst zal het voldoende zijn om een uitnodiging te bezorgen en foto’s van het evenement. Voor de wijkfeesten vragen we ook een financieel plan. Er waren niet zoveel straatfeesten, omdat er een pak administratie bij kwam kijken. Dat maken we nu veel eenvoudiger", aldus schepen Donck.




Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.