Lichtere straffen in beroep voor Albanese drugsbende

Het Gentse hof van beroep.
Wannes Nimmegeers Het Gentse hof van beroep.
Vier leden van een beruchte Albanese bende hebben in het Gentse hof van beroep lichtere celstraffen gekregen voor een cannabisplantage met bijna 2.000 plantjes in de Oostendse vismijn en voor cocaïnehandel. De rechter legde hen samen ook verbeurdverklaringen van ruim 140.000 euro op.

Eerder per toeval stootte het Brugse gerecht in oktober 2013 op 1.923 cannabisplantjes in de vismijn. Op 5 februari van dat jaar had de politie info gekregen over de broers Pieterjan (27) en Thomas D. (26). Zij zouden op grote schaal cocaïne uit Nederland dealen in Oostende en omstreken. Door verder onderzoek kwamen de vier in het vizier, en kwamen ze op uit op loods 13 in de Oostendse vismijn. Bij een inval op 10 oktober werden de bijna 2.000 cannabisplanten ontdekt. 

Robert D. (33) werd net buiten de loods van zijn bromfiets geplukt. Zijn broer, Gac (45), was binnen aan de plantjes aan het werken. Een derde broer, Ilir D. (40), was in de buurt van Oostende aan het rondrijden en kon daar in de boeien geslagen worden. Een andere kompaan, Enjal C., kon ook opgepakt worden. Met de handel verdienden de broers en hun kompaan meer dan 1,2 miljoen euro die ze naar hun vader in Albanië doorsasten. 

De rechter veroordeelde in eerste aanleg Ilir tot 5 jaar cel. Robert kreeg 3 jaar, waarvan 1 jaar met uitstel opgelegd. Gac werd veroordeeld tot 4 jaar cel en Enjal C. kreeg 40 maanden cel. In beroep kregen de mannen een lichtere straf, omwille van de redelijke termijn. Ilir kreeg 4 jaar cel en een zwaardere verbeurdverklaring van 70.000 euro, Robert kwam er vanaf met 2 jaar met uitstel. Gac kreeg 3 jaar cel en er werd een verbeurdverklaring van 69.000 euro uitgesproken en Enjal kreeg 2 jaar cel.




Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.