Haven Oostende wil tegen 2025 waterstoffabriek, met elektriciteit van de windmolenparken op zee

BELGA
In het havengebied van Oostende komt tegen 2025 een fabriek die ‘groene’ waterstof produceert – de grootste van de Benelux. Er wordt daarbij gerekend op de elektriciteit van de windmolens op zee. De bedoeling is de pieken in de productie op te vangen en om te zetten in waterstof. De bouw zou honderden miljoen euro kosten. 

Haven Oostende, DEME Constructions en PMV hebben hiervoor een exclusieve samenwerking aangekondigd. Tegen eind 2020 wordt een ontwikkelingsplan opgemaakt. “Maar we kunnen wel al meegeven dat hiervoor een terrein van zeven hectare op Plassendale 1 wordt gereserveerd. Het ligt dicht bij het spoor en het water. We mikken op een 30-tal jobs en er zullen ook toeleveranciers zijn, wat extra indirecte tewerkstelling kan opleveren”, zegt havenvoorzitter Charlotte Verkeyn.

De waterstoffabriek zou functioneren met groene elektriciteit die geproduceerd wordt door de windmolens op zee. “Tegen eind dit jaar staan er 399 windturbines te draaien voor onze kust, samen goed voor een geïnstalleerd vermogen van 2,26 gigawatt. In het marien ruimtelijk plan is ruimte voorzien voor nog een paar honderd windturbines die zo’n extra 1,75 gigawatt zullen opleveren. De pieken in productie vallen evenwel zelden samen met de verbruikerspieken. Daar ligt de opportuniteit om het overschot op te vangen”, licht haven-CEO Dirk Deklerck toe. 

Hoe werkt zo’n fabriek nu? “We gebruiken de elektriciteit van de windmolens die op dat moment niet gebruikt wordt voor iets anders. We nemen water uit het kanaal en we passen daar elektrolyse op toe. Dat zijn gigantische hoeveelheden water, omdat we ook grote hoeveelheden - 50.000 ton waterstof per jaar - willen produceren”, licht CEO Dirk Deklerck toe. 

Jaarlijks stoot Oostende 254.000 ton CO² uit. Met de waterstoffabriek zijn we meer dan CO²-neutraal

Burgemeester Bart Tommelein (Open Vld)

Voor voertuigen en industrie

De waterstof zelf zal gebruikt worden voor mobiliteit, zoals wagens en bussen of voor industriële centra. Waterstof betekent immers een grote CO²-reductie. Er wordt gerekend dat de fabriek jaarlijks 500.000 à 1 miljoen ton minder CO² zou opleveren. “Daarmee halen we als stad de energiedoelstellingen. Jaarlijks stoot Oostende 254.000 ton CO² uit. Met de fabriek zijn we meer dan CO²-neutraal”, zegt een tevreden burgemeester Bart Tommelein (Open Vld). 

Hoogspanningsstation

De partners rekenen erop dat het nieuwe hoogspanningsstation van Ventilus in Oostende wordt gebouwd en dat de groene elektriciteit van de nieuwe windmolenparken in Oostende aan land komt.

De fabriek zelf zou er gefaseerd komen. “In een eerste fase wordt de algemene haalbaarheid verder onderzocht en een ontwikkelingsplan uitgewerkt”, zegt Tom Mortier van PMV. Daarna wordt een innovatief demonstratieproject met mobiele walstroom gestart. Tegen 2022 start de uitrol van een grootschalig walstroomproject, gevoed met groene waterstof. De eindmeet, met een commercieel groene waterstoffabriek, ligt in 2025.