"Tijdens barbecue met collectebus rondgegaan voor IS"

13 TSJETSJENEN RISKEREN TOT 8 JAAR CEL VOOR RONSELEN VAN SYRIËSTRIJDERS

Chalil M., de vermeende leider, wordt door de speciale interventie-eenheid naar de rechtszaal gebracht.
Siebe De Voogt Chalil M., de vermeende leider, wordt door de speciale interventie-eenheid naar de rechtszaal gebracht.
Scherpe veiligheidsmaatregelen gisteren in de Brugse rechtbank voor het proces tegen dertien Tsjetsjenen uit Oostende, die Syriëstrijders zouden geronseld hebben. "Op barbecuefeestjes werd geld ingezameld voor terroristische groeperingen, zoals IS", sprak de procureur. De vermeende spilfiguur, Chalil M. (46), riskeert acht jaar cel. Net als de meeste andere beklaagden vraagt hij de vrijspraak.

Het onderzoek naar het Tsjetsjeense netwerk ging op 8 oktober 2014 van start, toen Ruslan D. (35) - een Tsjetsjeense Oostendenaar - zwaargewond aan het oog terugkeerde van het front in Syrië. De man zelf verklaarde in Estland een splinter in het oog te hebben gehad, maar het gerecht vermoedde dat er veel meer aan de hand was. In de woning van D. werd afluisterapparatuur geplaatst. Op basis van die gesprekken, de telefonie, chatberichten en Skype-gesprekken konden de speurders een netwerk blootleggen dat zich zou bezighouden met het ronselen van Syriëstrijders. "De beklaagden zonden postpakketten en geld op naar Turkije of Syrië en hield er ook een jihadistisch gedachtegoed op na", stelde federaal procureur Jan Kerkhofs. "Zo werden er in de loop van 2014 barbecuefeestjes georganiseerd waarop er volop gepredikt werd. Op die feestjes ging men ook rond met een collectebus om geld in te zamelen voor terroristische groeperingen, zoals IS."

Iedereen die de rechtszaal betrad, moest voorbij een metaaldetector.
Siebe De Voogt Iedereen die de rechtszaal betrad, moest voorbij een metaaldetector.

Arbeidsongeval

Drie van de beklaagden zouden volgens het openbaar ministerie ook effectief in Syrië zijn gaan vechten: Bredenaar Chalil M. (46) en de Oostendenaars Khongr M. - die intussen zou overleden zijn - en Ruslan D. (35). Die laatste vertrok begin 2013 naar het front en liet zich op zijn werk vervangen door zijn broer Aslan, die zelf ook mee terecht stond. "D. kreeg na een arbeidsongeval een invaliditeitsuitkering van 1.200 euro per maand en dat terwijl hij aan het front aan het vechten was. Twijfel er niet aan dat hij een strijder is. Dat blijkt uit zijn reisbewegingen en informatie die tijdens huiszoekingen werd verzameld."

Imam

De leider van de groepering was volgens het openbaar ministerie niet Ruslan D., maar wel Chalil M. Hij had een huis 95 kilometer ten zuiden van Istanbul, dat volgens de federaal procureur fungeerde als doorgangshuis voor jihadi's die doorreisden naar Syrië. "Onder de Tsjetsjeense jongeren in Oostende stond M. gekend als de imam. Ze konden bij hem terecht met vragen als 'Mag ik volgens de Koran gevangenen afmaken?'. M. reisde vaak op en af naar Turkije en Syrië en was de centrumfiguur binnen het netwerk. De jongere mannen keken naar hem op." Voor Chalil M. vorderde procureur Kerkhofs acht jaar cel, net als voor Ruslan D. Voor Khongr M. werd vijf jaar gevraagd. De andere beklaagden hangen celstraffen van 4 jaar en 37 maanden boven het hoofd. Bijna allemaal vroegen zij de vrijspraak. Zo ook Chalil M., die door leden van het speciaal interventiekorps de rechtszaal werd binnengeleid. "Mijn cliënt was voor die jongeren een vaderfiguur", aldus meester Langerock.

Zelfmoordpoging

"De jongeren konden bij hem terecht met vragen over de Koran, maar met terrorisme of ronselpraktijken had dat absoluut niets te maken. Al achttien maanden (de periode van zijn voorhechtenis, red.) wachten wij op elementen die zijn leiderschap aantonen. Maar die blijven ook vandaag uit."


Enkel Ruslan D. bekende in Syrië te zijn geweest. Zijn advocaat Walter Damen beschreef hoe zijn cliënt compleet aan de grond zit. Enkele maanden geleden probeerde hij in zijn cel nog zelfmoord te plegen.


"Z'n verblijfsvergunning is ingetrokken, dus bij een eventuele vrijlating moet hij terugkeren naar zijn land", aldus meester Damen. "Hij is bereid zijn straf te aanvaarden en vroeg mij zelf om de maximumstraf te vragen. Zo diep zit hij. Ik vraag u om hem niet te streng te straffen." Uitspraak op 23 december.