"1 op de 10 zwanen zal het niet halen"

OOSTENDS OPVANGCENTRUM OP MISSIE IN ROTTERDAM NA OLIERAMP

Isabelle Allemeersch van het Oostendse Vogelopvangcentrum wast een gewonde zwaan in het tijdelijk opvangcentrum in Rotterdam. Een wasbeurt duurt een uur.
VOC Oostende Isabelle Allemeersch van het Oostendse Vogelopvangcentrum wast een gewonde zwaan in het tijdelijk opvangcentrum in Rotterdam. Een wasbeurt duurt een uur.
1.000 met olie besmeurde knobbelzwanen redden van een zekere dood in de Rotterdamse haven. Dat is de missie van het Opvangcentrum Vogels en Wilde Dieren uit Oostende (VOC). "Elke dag werken we met man en macht verder", zegt Jean-Claude Velter van het VOC, die de hele operatie leidt.

In Rotterdam lekte op 23 juni 200 ton stookolie in het water van de haven door een scheur in een olietanker. Door de getijdenwerking is de volledige lengte van de Rotterdamse haven, zo'n 35 kilometer, besmeurd met olie. "Een ware catastrofe voor het milieu", zegt Claude Velter, algemeen coördinator van het VOC in Oostende. De Rijkswaterstaat, de beheerder van de Nederlandse waterwegen, stelde Claude aan om het rampenplan te leiden vanwege zijn expertise met olievogels na de scheepsramp met de Tricolor eind 2002.


"In 48 uur tijd heb ik samen met twee Europese collega's een tijdelijk opvangcentrum op in Rotterdam opgericht. Ook Isabelle Allemeersch , Pascale De Cock en Lieze Rouffaer van het VOC vertrokken naar Rotterdam om leidinggevende functies in te vullen. Met een vijftigtal medewerkers uit verschillende landen verzorgen we inmiddels 500 zwanen. Want de Nederlanders kunnen het niet alleen bolwerken en hebben niet de nodige expertise", aldus Claude.

Een van de hulpverleners brengt een zwaan naar het tijdelijke opvangcentrum.
VOC Oostende Een van de hulpverleners brengt een zwaan naar het tijdelijke opvangcentrum.

Nog 500 in het water

Nog steeds worden besmeurde zwanen gevangen en binnengebracht. "Door de olie zijn hun pluimen niet meer waterdicht en kunnen de dieren moeilijk boven water blijven. Bovendien raken ze onderkoeld en proberen ze zelf de olie uit hun pluimen weg te poetsen. Daardoor worden ze ziek en op termijn sterven ze. Jammer genoeg zijn er al heel wat besmeurde zwanen gevlucht en bezweken. Wellicht zwemmen er nog een 500-tal gewonde zwanen rond buiten de haven", gaat Claude verder.

Sommige zwanen zijn van top tot teen besmeurd.
VOC Oostende Sommige zwanen zijn van top tot teen besmeurd.

Vier uur lang drogen

Het opvangcentrum in Rotterdam aan de Maeslantkering bestaat uit twee groten tenten van 40 op 30 vierkante meter. "In elke tent zitten verschillende afdelingen. Eerst worden de zwanen 48 uur lang gestabiliseerd. Ze krijgen vocht toegediend en komen op hun normale temperatuur. Daarna worden ze volledig gewassen en ontdaan van olie. Dat duurt minstens een uur per dier", gaat Claude verder. Daarna moeten de zwanen vier uur drogen en worden ze voor enkele dagen in een bad gezet. In het tijdelijk opvangcentrum werden al duizenden liters water gepompt. "Wellicht blijft het opvangcentrum nog drie weken bestaan en blijven we hier tot het einde. Er komen namelijk nog steeds besmeurde zwanen binnen en die zijn er nog erger aan toe. Tien procent van de zwanen die wij redden, zal het wellicht niet halen. De genezen dieren worden uitgezet in de vrije natuur, ver weg van de olie", besluit Velter.