Beruchte portier riskeert 8 maanden cel in beroep voor witwaspraktijken

Het Gentse hof van beroep.
Wannes Nimmegeers Het Gentse hof van beroep.
Christophe D. uit Menen, een beruchte portier, riskeert samen met zijn echtgenote en een derde kompaan een celstraf in het Gentse hof van beroep voor witwaspraktijken. D. is ook een verdachte in de zaak waarbij een portiersbende meer dan dertig horecazaken zou hebben afgeperst. Maar hij blijft net zoals in deze zaak daarin ook alles ontkennen.

De man werd in eerste aanleg veroordeeld tot acht maanden effectief, 1.000 euro boete en een beroepsverbod van vijf jaar. Zijn echtgenote liep zes maanden cel met uitstel en een boete van 1.200 euro op. In eerste aanleg moesten ze ook in totaal 164.900 euro terugbetalen. In beroep vragen de advocaten alle betrokken de vrijspraak.

Bingo

Het gerecht kwam hen op het spoor, nadat plots grote bedragen op diverse rekeningen verschenen. “Hij had niet de intentie om te witwassen en hield het ook niet verborgen. Het geld dat hij stortte op zijn rekening en die van zijn partner, is geld dat hij won bij het spelen van bingo en het gokken op voetbal”, stelden zijn advocaten.

Ook de advocaat van de echtgenote, Thomas Gilis, gelooft in haar onschuld. “Mevrouw was niet volledig op de hoogte van de activiteiten van haar man. Ik snap daarom niet dat zij voor de volledige bedrag wordt vervolgd. D. zit ook in de grote afpersingszaak met andere portiers, waarbij dat de politie zei dat hij in die periode tussen de 80.000 euro en 135.000 euro aan de deur verdiende in het zwart. Zij moet minstens op grond van twijfel vrijuit gaan.” 

Bekrabbelde bierkaartjes

Voor de procureur-generaal is het duidelijk bewezen. Zij vraagt de bevestiging van straf. “D. legde een verklaring af dat hij niet weet van de herkomst van de stortingen op de rekening van zijn vrouw. Zijn vrouw verklaart dan dat het cash geld komt van de winsten van de Bingo. Zij kent evenmin de oorsprong van de stortingen. ‘Het zou kunnen dat het afkomstig is van mijn man’, zei ze. De cashstortingen zouden afkomstig zijn van gokwinsten, maar het bewijs daarvoor werd nooit geleverd.  Bekrabbelde bierkaartjes over zijn inkomsten zijn geen bewijs van de herkomst.”

De beklaagden kregen het laatste woord, “Ik wil eerst één zaak duidelijk maken. Ik heb nooit een discotheek afgeperst”, zei D.  “Ik speel al bingo van mijn 19 jaar. Dat is een behendigheidsspel.” Zijn vrouw zei in het hof dat ze volgens haar niet verkeerd gedaan heeft, “Ik weet dat ik geld gekregen heb van mijn man en ik weet dat hij op die bingo speelt”, zei ze.

Uitspraak op 11 september.




Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.