Concurrentiestrijd tussen marktkramers eindigt voor rechtbank

De zaterdagmarkt in Mechelen.
Marc Aerts De zaterdagmarkt in Mechelen.
Een marktkramer uit Mechelen moest zich woensdag voor de correctionele rechtbank verantwoorden voor slagen en verwondingen aan twee concurrenten.

De feiten speelden zich af op 30 juni 2018 tijdens de zaterdagmarkt in Mechelen. Volgens de procureur des Konings kwam de beklaagde ruzie zoeken met twee concurrenten en sloeg hij de ene op het hoofd en de andere op zijn oog.

Vervolgens zou hij met een metalen staaf uit een kledingrek van een naburig kraam gedreigd hebben, alvorens de vlucht de nemen. De slachtoffers waren een tijdlang werkonbekwaam. De aanklager vorderde tien maanden cel en 800 euro boete.

Frédéric Thiebaut stelde zich vragen bij het gevoerde onderzoek. Volgens de raadsman van de beklaagde werden geen camerabeelden bekeken en werd de politieagent die het marktgebeuren in de gaten houdt niet geraadpleegd.

Uitlokking

De advocaat verwees ook naar de voorgeschiedenis. Zijn cliënt was boos omdat een van de twee, nota bene zijn leverancier, opnieuw zijn leurderskaart had gebruikt om de tweede bij de verloting van de vrije plaatsen aan een stek te helpen, ten koste van zijn plaats.

“Hij ging verhaal halen, maar werd uitgelachen en kreeg slagen te verwerken. Mijn cliënt keerde terug naar zijn vrouw, maar op weg naar het stadhuis – om daar klacht in te dienen - moesten ze langs het kraam. Daar werden ze opnieuw uitgelachen.” Volgens hem is er dan ook sprake van wettige zelfverdediging en uitlokking. “Ook zijn vrouw was enkele dagen werkonbekwaam. Overigens wonen beklaagde en de tweede concurrent naast elkaar en liggen ze al een tijd in burenruzie.