Dochter die haar doodgeschoten moeder vond getuigt: “Ik heb haar geknuffeld en heb haar nog gevraagd of die smeerlap dat gedaan had”

Slachtoffer Josée Widdershoven.
BELGAONTHESPOT Slachtoffer Josée Widdershoven.
Op het assisenproces van haar vader Lei B. (71) getuigde de jongste dochter van slachtoffer Josée Widdershoven moedig over de avond van 13 december 2009, toen ze na enkele uren bang zoeken haar moeder vond in haar wagen in de garage van hun woning aan de Brugstraat in Vucht. Doodgeschoten, haar gelaat vol bloed. “Ik zag onmiddellijk dat ze overleden was en dat er niets meer aan te doen was. Ik bleef maar herhalen dat ik veel van haar hield en dat ze me niet alleen mocht laten. Ik heb haar geknuffeld en ik heb haar nog gevraagd of die smeerlap dat gedaan had.” Overtuigd was ze zelf, dat haar vader Lei B. (71) ook uitgevoerd had wat hij al jaren had aangekondigd. Na de dood van haar mama bleef ze samen met haar zus met de schrik zitten dat haar vader ook hen iets zou aandoen. “Want hij had me verwittigd dat hij me wel wist te vinden.”

De jongste dochter van Josée Widdershoven moest al haar moed bij elkaar rapen om te kunnen getuigen. Dat het ook lukte was dankzij haar moeder, want zij had haar altijd de kracht gegeven om door te zetten, ook als ze iets niet kon. Ze woonde op 13 december 2009 nog samen met haar moeder in een appartement aan de Brugstraat in Vucht. De twee waren twee handen op een buik en begrepen elkaar zonder woorden. Toen Josée, die op zondagavond altijd een spuitwatertje ging drinken met haar vriendin Nelly in ijssalon ‘t Pralientje in Maasmechelen, na haar afspraak niet thuis kwam, werd ze ongerust. Ze zocht uren naar haar moeder. “Ik heb overal gekeken maar vond haar nergens. Ook mijn zus panikeerde want we hadden altijd al wel schrik dat er ooit iets zou gebeuren.

Doodgeschoten in haar auto

Ik ben dan in de garage gaan kijken. Ik zag meteen dat ze in de auto lag, het lampje in de auto stond aan, omdat het portier nog open stond. ‘Oh nee, ze ligt hier!” riep ik tegen mijn zus aan de telefoon.” Josée Widdershoven werd doodgeschoten met vijf kogels uit een .22 longrifle geweer. Een dodelijk schot raakte haar onder haar rechteroog. “Ik heb het licht aangestoken en wist dat ik naar mama moest gaan, dat was zo moeilijk want ik had al gezien hoe ze eruit zag,” zette de dochter haar getuigenis snikkend verder. “Ik heb geschreeuwd en bleef maar herhalen dat ze me niet mocht alleen laten en dat ik veel van haar hield, maar dat wist ze wel. De buurman heeft me nadien van haar afgetrokken en ik heb daar heel kwaad op gereageerd.”

Hoe onze dag eruit zag, dat hing voornamelijk af van Lei zijn gemoedstoestand en die kon plots omslaan

Dochter van het slachtoffer en de beschuldigde tijdens haar getuigenis

Een wolf in schapenvacht

De dochter verklaarde onmiddellijk aan de politie dat haar vader al jaren dreigde haar moeder te zullen vermoorden. “Mama had enorm veel schrik van hem. Die schrik, angst en bedreigingen zijn er eigenlijk altijd al geweest.”  De jonge vrouw beschreef haar vader als een wolf in schapenvacht, die herhaaldelijk zeer agressief uit de hoek kwam. Ook als kind maakte zij en haar zus dat van dichtbij mee. “Hoe onze dag thuis verliep hing eigenlijk af van zijn gemoedstoestand, want die kon plots omslaan. Als we vroeger als eens stout waren, werden we door hem gestraft. Hij sloeg en stampte ons. Ik maakte me dan snel uit de voeten maar mijn zus kreeg vaak zware klappen. Hij trok haar dan bij de haren van de ene kamer na de andere en verweet mijn moeder dat ze niet optrad. Mijn zus verstopte zich dan in het hoekje van haar kamer achter de kast, met de plukken haar in haar hand.”

Trots op zijn agresssie

Moeder Josée was zeer ongelukkig en had vaak last van spanningshoofdpijnen. “Lei kon daar niet mee omgaan. In plaats van haar te helpen, werd hij boos, verweet hij haar dat ze niets waard was en gooide hij spullen stuk. Ik kroop dan vaak dicht tegen haar aan in bed.”  Een aantal zaken die tekenend waren voor haar jeugd, had de jongste dochter van Josée op papier gezet, om het niet te vergeten tijdens haar getuigenis. Zoals die ene keer dat hij hun hond vanop zijn fiets bij de leiband door de straat had gesleurd tot de kussentjes van zijn poten helemaal kapot waren. Of die dag op een terrasje in Maastricht, toen Lei de vrouw aan het tafeltje naast hen met een mes had willen steken omdat ze een koffie vroeg, nadat hun hond haar tegen haar tafel had gestoten. Het was dankzij het geschreeuw van haar moeder dat Lei zich nog had kunnen inhouden en de vrouw enkel een stamp had verkocht. Ook een chauffeur, die Lei de weg had afgesneden, kwam er niet goed vanaf. Hij stak de man met een balpen in de wang. “Hij vertelde nadien dan ook heel fier aan ons, aan vrienden en familie, hoe hij dat precies had gedaan en dat de pen erin was gegaan als boter.”

Getreiter

Moeder Josée was kleuterjuf en plaatsvervangend schoolhoofd. Sinds de geboorte van haar oudste dochter was ze thuis gebleven om voor de kinderen te zorgen. “Lei liet duidelijk merken dat hij het geld binnenbracht en treiterde moeder vaak. Zo manoeuvreerde hij haar auto in het hoekje van de garage en zette hij zijn bedrijfsvoertuig ervoor, zodat ze een paar dagen niet weg kon. Of hij zei dat hij nog even met ons ging tanken voor we naar de speeltuin in Nederland vertrokken en bleef dan een hele dag weg met ons, zonder haar iets te vertellen.” Lei herhaalde vaak dat hij moeder door het venster naar buiten zou stampen maar zelf weggaan durfde Josée jarenlang niet. Tot haar dochters 14 en 16 jaar oud waren. “Die nacht voor we vertrokken herinner ik me nog goed,” beschreef haar jongste dochter. “Mama was bij mij in bed gekropen en hij stormde de kamer binnen met het vuur in zijn ogen. Ik weet niet wat er zou gebeurd zijn al zij toen alleen in haar eigen kamer had gelegen.” Dat Josée in 1995 vertrok, kon Lei niet verkroppen. Hij vertelde rond dat hij haar op straat had gezet. Hij wilde de echtelijke woning dus bleef hij alleen wonen in huis aan de Jagerslaan in Maasmechelen, terwijl Josée en haar twee dochters introkken in een klein appartementje. Lei haalde al het geld van de rekening en liet de echtscheiding jarenlang aanslepen, waardoor zijn ex en zijn dochters het financieel zeer zwaar hadden. “Hij wilde me kapot maken en hij heeft me ook kapot gemaakt”, zei Josée vaak.

Als hij me vermoordt, dat doet hij het maar. Ik kan niet leven met dit onrecht

Uitspraak van slachtoffer Josée Widdershoven, net voor haar dood

Wat als hij mij vermoordt?

Kort na haar dood zou eindelijk de boedelscheiding afgehandeld worden. Josée was erg bang voor die geplande rechtbank datum in februari 2010. “Een maand of twee voor haar dood, hadden mama en ik nog een kort gesprek,” getuigde haar dochter. “Ze vroeg me om raad. Of ze de rechtszaak over de verdeling wel zou verderzetten. Ik vond dat ze dat moest doen. ‘Ook als hij mij dan vermoordt?’, vroeg ze. Ik heb haar daar toen niet op geantwoord. ‘Wel, dan doet hij het maar, met dit onrecht kan ik ook niet leven,’ zei moeder, waarop ze me een stevige knuffel gaf, alsof het een afscheidsknuffel was.”

De twee dochters hadden een zeer goede band met hun moeder, die alles voor hen deed. “Iedereen vindt zijn of haar mama de liefste van de wereld maar bij ons was dat ook echt zo. Ze cijferde zich volledig weg voor ons, had een groot hart voor kinderen, straalde rust uit en kon goed luisteren. Ze was zo gelukkig als ze bij ons en bij de kleinkinderen was. Na haar dood voelde ik mij compleet verloren en wist ik niet of nog in staat was om te overleven. We hebben intussen ons leven toch terug in handen genomen maar ik heb ondervonden dat je wel kan leven zonder geld maar niet zonder de liefde van je moeder, want die is onbetaalbaar.”

Vader na de feiten nog gezien

Na de dood van haar moeder zag de jongste dochter haar vader Lei nog een keer. Toevallig, in de wachtzaal bij het kantoor van de mutualiteit in 2012. “Ik keek op en opeens zag ik hem. We hadden na de dood van moeder nooit meer iets van hem gehoord. Ik heb hem toen gevraagd of hij mij niet iets te vertellen had. Hij zei dat hij niet wist wie ik was. Ik vertelde hem dat ik wel wist wie hij was, de moordenaar van mijn moeder. Hij zei dat ik heel erg moest oppassen, want hij had toen ook mijn verklaringen in het dossier al gelezen.” ‘Ik weet je te vinden’, zei Lei nog voor de twee elk hun eigen weg gingen. Nog diezelfde dag ging Lei B. klacht neerleggen tegen zijn dochter voor laster en eerroof.

Openbare aanklager Patrick Boyen bood zijn excuses aan aan de nabestaanden van het slachtoffer. Er was geen excuus voor dat het tien jaar duurde voor de zaak voor assisen werd gebracht, wel een verklaring.
Photonews Openbare aanklager Patrick Boyen bood zijn excuses aan aan de nabestaanden van het slachtoffer. Er was geen excuus voor dat het tien jaar duurde voor de zaak voor assisen werd gebracht, wel een verklaring.

Waarom pas na tien jaar een assisenproces?

Net voor de getuigenis van de dochter van het slachtoffer had voorzitter Camille Liesens nog uitleg gevraagd. Hij wilde weten waarom het zo lang had geduurd voor deze zaak voor assisen werd gebracht. “Er zijn tien jaar voorbij gegaan en dat stoort mij. Volgens het Europees verdrag van de Rechten van de Mens heeft ieder mens recht op een eerlijk proces en een tijdige behandeling van zijn zaak binnen een redelijke termijn. Als ik vergelijk met andere landen, stel ik vast dat Anders Breivik 69 mensen doodde bij aanslagen in Noorwegen in 2011 en dat hij al in 2012 werd veroordeeld. In Nieuw-Zeeland, 49 mensen gedood bij aanslagen in twee moskeeën op 15 maart 2019, het proces is nu lopend. En ook in Nederland: de moord op Pim Fortuyn in mei 2000, de dader werd veroordeeld in 2003. En Theo Van Gogh, vermoord in 2004, berecht in 2005. Waarom duurde het hier zo lang?”

Excuses aan nabestaanden

Openbare aanklager Patrick Boyen counterde. “Er zijn geen excuses voor dat dit tien jaar moest duren, zeker niet voor de nabestaanden van de feiten, maar er zijn wel verklarende omstandigheden. De zaken die u aanhaalt zijn allemaal zaken met een gekende dader, die met een ‘smoking gun’ in de hand werden betrapt. Dat is in deze zaak zeker niet het geval geweest.

In andere landen werken ze voor moorddossiers meestal met grote, speciale teams. Hier werken we met een beperkte mankracht zelfs voor grote dossiers zoals de parachutemoord en de zaak Roland Janssen. Bij het openbaar ministerie ben ik bijvoorbeeld de enige voor alle moordzaken in Limburg.” 

Velen bij justitie zitten op hun tandvlees, zo klinkt het, onder meer door de beperkte mankracht en middelen en de slechte uitbetaling van deskundigen door de staat. Ook de hervorming van justitie speelde mee in dit dossier. Dat de zaak van Lei B. niet evident was, bevestigde ook onderzoeksrechter Meesen. “Als je iemand hebt die tot tweemaal toe in vrijheid wordt gesteld, dan zit je wel met een probleem. De kruitsporen zijn het enige harde bewijs in dit dossier. Alles wat we hadden, hebben we dan nog eens opnieuw moeten herevalueren.”

Donderdag en vrijdag volgen de laatste getuigenverhoren. Een uitspraak over de schuld van Lei B. wordt maandag verwacht.