“Ik krijg ze nog wel en maak haar kapot”

Beschuldigde Lei B. (71) kondigde meermaals aan dat hij zijn ex Josée Widdershoven zou vermoorden

Repro slachtoffer Josee Widdershoven.
Benoit De Freine Repro slachtoffer Josee Widdershoven.
Nadat Josée Widdershoven op 13 december 2009 met een .22 longrifle doodgeschoten werd in de garage van haar woning in Maasmechelen, kwam haar ex-man Lei B. (71) onmiddellijk in beeld als verdachte. De zeventiger was verbitterd door zijn vechtscheiding en vond dat Josée het nog goed deed, ondanks het feit dat hij al het geld van de gezamenlijke rekening had gehaald. “Ik krijg haar nog wel en maak haar kapot,” had hij meermaals gedreigd. Zijn .22 longrifle met geluidsdemper, waar Josée zo bang van was, werd nooit gevonden.

Speurders van de FGP Limburg beschreven op de tweede dag van het assisenproces hoe het onderzoek zich na de moord al snel toespitste op Lei B. “Er was eigenlijk geen andere piste,” schetste gerechtelijk commissaris Deckers. Na de scheiding in 2006 was Lei B. verbitterd en woest. Het geld had hij na de feitelijke scheiding in 1995 al van de gezamenlijke rekening gehaald, om zijn vrouw en kinderen een hak te zetten. Maar hij moest maandelijks 539 euro onderhoudsgeld betalen aan Josée, nadat zijn overspel aan het licht kwam.

De Beaumont straat

Zijn ex wilde ook de helft van de verkoop van zijn twee huizen in het Nederlandse Sittard, gelegen in de ‘Beaumont’ straat, waar zijn familie ooit 61 huizen bezat. En de echtelijke woning stak hij nog liever in brand, dat dat zij er de helft van zou krijgen. Want de waarde was met 480.000 euro volgens hem door de notaris veel te hoog geschat.

Josée zelf probeerde door wat bij te verdienen als babysit en met de hulp van haar twee dochters financieel de eindjes aan elkaar te knopen. Maar de verkoop van de haar huis zou ze nooit meemaken, zo vreesde ze zelf. Ook al zou ze zo graag haar twee dochters financieel veilig stellen. De definitieve boedelscheiding stond voor de rechtbank gepland een kleine twee maanden na haar dood. Bij de gedachte aan die datum zag vriendin Nelly de angst in de ogen van haar goede vriendin Josée, vertrouwde ze de speurders toe.

Had ik ze maar in bad verzopen, dan was ik al na enkele jaren vrij geweest

Uitspraak van beschuldigde Lei B. aan zijn neef M.

Doodsbedreigingen

“Had ik ze maar in bad verzopen, dan was ik na enkele jaren al vrij geweest”, “ik maak ze kapot en krijg ze nog wel”, “ik steek een mes in haar”, “ik schiet ze kapot”, “ik zou er veel geld voor over hebben om iemand te vinden om haar om te brengen.” De twee dochters, vrienden en buren van Lei B. verklaarden aan de onderzoekers dat ze de man meermaals doodsbedreigingen hoorden uiten aan het adres van zijn ex. Een van hen vroeg het zich nog hardop af: “Hij zal toch niet zo dom geweest zijn om het te zeggen en het dan ook nog te doen?” Anderen waren onmiddellijk 200% overtuigd van zijn schuld. Lei zelf minimaliseerde zijn uitlatingen. “Dat was bij wijze van spreken.”

Wapen zelf vernietigd

Lei B. had een  .22 longrifle Browning met vizier en geluidsdemper, geregistreerd op zijn naam. Josée Widdershoven werd met een gelijkaardig wapen doodgeschoten. De vrouw was er zelf nog zo bang van geweest, want ze had het voor 2006 nog naar de politie gebracht omdat ze zich erdoor bedreigd voelde. Het wapen werd nadien teruggeven aan Lei B. Met de geluidsdemper loste hij er samen met neef M. nog enkele oefenschoten mee in de kelder van de man. En hij schoot er een te luidruchtige haan mee neer. “Onzin,” weerlegde Lei B. zelf de verklaring van zijn neef voor de speurders. “Nooit een geluidsdemper gehad.” Door een verstrenging van de wapenwet moest hij het wapen in 2007 afstaan. Lei verklaarde dat hij zijn longrifle toen al lang zelf vernietigd had en met het huisvuil had meegegeven. Tijdens de huiszoeking vonden de speurders in een kartonnen doos wel nog een schroefdraad en eindring voor de plaatsing van een geluidsdemper, een vizier, een spuitbus voor wapenolie en een poetsset voor een lang vuurwapen.

Schotresten

Lei B. zat tweemaal in voorhechtenis maar is intussen spoorloos verdwenen. Hij daagde ook nog steeds niet op voor zijn assisenproces. Naast zijn plots vertrek naar Frankrijk vlak na de feiten- hij vertrok zonder GSM en reservekledij en betaalde de péages cash- en zijn terugkeer met bedenkelijke tussenstops, ontleedden de speurders ook de talrijke schotresten in de auto van de ‘poetsfreak’. Maar die konden niet van hem geweest zijn, zo verklaarde Lei. Misschien waren die wel van de onderzoekers zelf, of van de mecaniciens die in de garage nog aan zijn auto hadden gewerkt. Waren dat geen sportschutters? Gecheckt maar niet geloofwaardig.

Later haalde Lei  B. een bevriend jager-wijnhandelaar uit Frankrijk erbij. Want die had nog een proefrit gemaakt met zijn wagen. A.M., de vriendin van Lei ten tijde van de feiten, verklaarde aan de speurders dat ze Lei een envelop met geld had zien geven aan de jager in ruil voor zijn verklaring. “Pure rancune nadat de relatie stuk liep,” aldus Lei. Er werden ook schotresten gevonden op de lederen handschoenen en het motorpak van Lei B. en op de stofzuiger waarmee hij zijn wagen had gepoetst. De beschuldigde heeft de feiten tijdens het 10-jaar durend onderzoek zelf steeds ontkend.

Morgen komt onder meer dochter C. getuigen. Zij vond haar doodgeschoten moeder en duidde onmiddellijk haar vader als mogelijke verdachte aan.