Politie reageert ontzet op vrijlating acht leden drugsbende door plaatstekort in jeugdinstelling: “Geen wonder dat burger geen vertrouwen meer heeft in politie en justitie”

Vechtpartij Londerzeel.
Rv Vechtpartij Londerzeel.
Korpschef Alain Meerts van de politiezone Kapelle-op-den-Bos/Londerzeel/Meise reageert verontwaardigd op de vrijlating van de acht jongeren die tijdens huiszoekingen afgelopen zondag gearresteerd werden voor drugsfeiten. Enkelen onder hen zouden ook betrokken zijn geweest bij de vechtpartijen in Londerzeel. De vrijlating is een gevolg van het tekort aan plaats in jeugdinstellingen. Volgens de korpschef is het demotiverend voor de politiemensen en moeten er vanuit de politiek maatregelen genomen worden. 

Afgelopen zondagavond hebben een 25-tal agenten van de politiezone K-L-M acht jongeren kunnen vatten die verdacht werden van onder andere drugverkoop en diefstallen, dit zowel in de gemeenten Londerzeel, Meise als Grimbergen. Volgens het parket zouden enkele jongeren daarbovenop betrokken zijn bij de vechtpartijen van 25 januari in Londerzeel. Tijdens die huiszoekingen werd een hoeveelheid drugs aangetroffen, waaronder cannabis, hasj en XTC. Daarnaast trof de politie een aanzienlijke geldsom aan, samen met een gestolen gsm-toestel en een luchtdrukpistool. “Het maandenlange werk heeft eindelijk geloond”, klonk het bij burgemeester van Meise Gerda Van den Brande. 

Maar enkele dagen later meldde het parket dat de jongeren opnieuw onder voorwaarden vrijgelaten werden. Reden: te weinig plaats in de jeugdinstellingen. Dat nieuws kwam hard aan bij de burgemeesters. “Als dat inderdaad de reden is voor de voorwaardelijke vrijlating, dan is dat heel pijnlijk en is het een roep van justitie en van ons naar het departement Welzijn om daar meer budgetten te investeren. Dit is verschrikkelijk wraakroepend”, reageerde burgemeester van Londerzeel Conny Moons. 

Zowel minderjarige als meerderjarige criminelen lachen de politie simpelweg uit wanneer ze aangehouden worden, kort nadien opnieuw vrij rondlopen en de politie komen uitdagen tot zelfs op het commissariaat

Alain Meerts

Niet alleen de burgemeesters van de drie gemeenten reageerden verontwaardigd op het nieuws. Ook de politie is ontzet en betreurt dat haar intensieve werk opnieuw teniet wordt gedaan. “Als korpschef van de politiezone K-L-M ondersteun ik volledig de grieven en bemerkingen van de procureur van Halle-Vilvoorde”, zegt korpschef Alain Meert van de politiezone K-L-M. “Specifiek voor het dossier dat de voorbije weken werd behandeld door mijn diensten, is het frustrerend te moeten vaststellen dat onze mensen er gedurende meer dan twintig uur aan hebben gewerkt - denk daarbij aan huiszoekingen, verhoren, onderzoek, materiële bewijzen en dergelijke - en de minderjarigen, zij het wel onder voorwaarden, dienden vrijgelaten te worden omdat er weeral geen plaats is in een gesloten instelling.”

Lege doos

“Het is een oud zeer”, gaat Meert verder. “Al meer dan dertig jaar moet ik hetzelfde vaststellen. Het werk van gemotiveerde politiemensen wordt tenietgedaan door een gebrekkige strafuitvoering of wegens een tekort aan plaatsen in gevangenissen of jeugdinstellingen. Zowel minderjarige als meerderjarige criminelen lachen de politie uiteindelijk simpelweg uit wanneer ze aangehouden worden, kort nadien opnieuw vrij rondlopen en de politie komen uitdagen tot zelfs op het commissariaat. Uren werk voor uiteindelijk niets, want enkel een kordate aanpak en een duidelijk signaal werkt bij veel van die daders. Zeker naar de minderjarigen toe is er, zoals de procureur zelf meldt, soms een snelle en kordate aanpak nodig. De strengste straf is al decennia een lege doos en de vraag stelt zich in hoeverre men hier wel iets wil aan veranderen.”

Zolang ze niet thuis voor problemen zorgen, is er voor de ouders geen probleem. En als ze uiteindelijk toch willen reageren, is het te laat en vragen ze hulp bij de politie

Alain Meerts

Bepampering

Volgens de korpschef moet er ook gekeken worden naar de opvoeding van de jongeren. “Wordt het niet tijd dat men stopt met het ‘bepamperen’ van bepaalde jongeren die zware feiten plegen?”, stelt Meerts in vraag. “We zien op de werkvloer ook een groot verschil met vroeger. Sommige ouders kunnen of willen hun verantwoordelijkheid ook niet meer nemen en laten hun kinderen op straat ronddolen. Zolang ze niet thuis voor problemen zorgen, is er voor hen geen probleem. En als ze uiteindelijk toch willen reageren, is het te laat en vragen ze hulp bij de politie.”

Sociale media

Naast opvoeding speelt sociale media ook een grote, weliswaar negatieve, rol in het gedrag van de jongeren, vindt Meerts. Tijdens de vechtpartijen in Londerzeel deden beelden van de massale vechtpartij al snel de ronde op de sociale media en gaven bijgevolg aanleiding tot heel wat onrust binnen de gemeente. De jongeren communiceerden in een Snapchatgroep met de naam ‘Londerzeel1840’ met elkaar over hun criminele activiteiten. “Facebook, Instagram, Whatsapp enzovoort: allemaal moderne communicatietools die misbruikt worden. Vooral bij de jeugd is dit een probleem waarbij zij eveneens veelal slachtoffer zijn, denk maar aan sexting.”

Demotivatie

“Vroeger reageerden wij naar het parket toe omdat wij het gevoel hadden dat zij ons werk niet apprecieerden en onvoldoende de politiemensen steunden”, meent Meerts. “Vandaag werken wij op een zeer constructieve wijze samen met het parket Halle-Vilvoorde en trekken wij gelukkig aan één zeel. Ook de meeste onderzoeksrechters en de jeugdrechters gaan mee in het verhaal, maar dan bots je op het feit dat op het einde van de strafrechtelijke keten het volledig fout loopt. Het demotiveert onze mensen.”

We mogen ook niet vergeten dat uiteindelijk de burger hiervan het slachtoffer is en blijft. Elk slachtoffer verwacht dat politie en gerecht hun werk doen. Wanneer je dan geconfronteerd wordt met een vorm van straffeloosheid of onvoldoende kordaatheid , moet je niet verwonderd zijn dat de burger geen vertrouwen meer heeft in politie en justitie

Alain Meerts

Geen respect

“Ik ben niet verwonderd dat minder jongeren geïnteresseerd zijn om bij de politie te komen werken. Er is soms een gebrek aan respect,  niet enkel naar de politiemensen toe maar ook voor het door hen geleverde werk. Hetzelfde verhaal kennen we in het kader van ‘geweld tegenover politiemensen’. Ik vraag dan ook aan de politieke leiders in dit land om de nodige middelen te verschaffen aan politie en justitie, te stoppen met de besparingsdiscours en om de nodige wetgeving goed te keuren die politie en justitie de mogelijkheid geven om kordaat op te treden. Politiemensen zijn het beu. Ik begrijp hen volledig.”

“We mogen ook niet vergeten dat uiteindelijk de burger hiervan het slachtoffer is en blijft. Elk slachtoffer verwacht dat politie en gerecht hun werk doen. Wanneer je dan geconfronteerd wordt met een vorm van straffeloosheid of onvoldoende kordaatheid, moet je niet verwonderd zijn dat de burger geen vertrouwen meer heeft in politie en justitie. Het zijn wel de politiemensen die dagelijks op de werkvloer geconfronteerd worden met ontevreden burgers en ook dit worden veel politiemensen beu. Ik heb nog steeds het gevoel dat politie en justitie eerder een noodzakelijk kwaad zijn. We zijn nodig, maar het mag niet veel geld kosten”, concludeert Meerts.