"Wie job zoekt, krijgt hoger leefloon"

OCMW START MET 'KORTRIJKS MENSWAARDIG INKOMEN'

Het leefloon is nu onvoldoende, vindt OCMW-voorzitter De Coene (sp.a). Achter hem zie je mensen in opleiding.
Foto Deleu Het leefloon is nu onvoldoende, vindt OCMW-voorzitter De Coene (sp.a). Achter hem zie je mensen in opleiding.
Een leefloon volstaat voor sommige mensen niet om rond te komen, vindt OCMW-voorzitter Philippe De Coene (sp.a). Het OCMW start met het Kortrijks Menswaardig Inkomen (KMI) of aanvullende steun bovenop het leefloon. Belangrijkste voorwaarde: de betrokkenen moeten een job zoeken.

Het leefloon voor een alleenstaande is 893 euro per maand. Een koppel met minderjarige kinderen krijgt 1.230 euro. "Dat is vaak te weinig om menswaardig te leven", vindt OCMW-voorzitter Philippe De Coene (sp.a). "Neem nu een alleenstaande. Die houdt na het betalen van huur en energierekeningen en zo meer soms amper 70 euro per week over om te leven. Daar past het KMI een mouw aan. Een alleenstaande krijgt gemiddeld 125 euro extra per maand. Een koppel met minderjarige kinderen krijgt gemiddeld 150 euro extra per maand. We trekken zo zelf het leefloon tot de Europese armoedegrens op. Waarom we er nu mee uitpakken, zo kort voor de gemeenteraadsverkiezingen? We zijn er al meer dan een jaar mee bezig. Zo wilden we weten of de federale overheid het leefloon zou optrekken, wat niet gebeurde. En tijdens de jaarwisseling zijn we een kijkje gaan nemen in Gent, waar het systeem al werkt. Het is dus geen verkiezingsstunt", stelt De Coene.

205.000 euro

Kortrijk telt vandaag 850 leefloondossiers. De betrokkenen zijn volgens de meest recente cijfers gemiddeld acht maanden afhankelijk van een leefloon. Het OCMW gaat ervan uit dat tot 25 procent van de leefloners recht heeft op aanvullende steun. Het systeem betekent een meeruitgave van 205.000 euro per jaar. "We kijken aan de ene kant naar de inkomsten en voordelen zoals het huren van een sociale woning", legt De Coene uit. "Aan de andere kant kijken we naar de verantwoorde uitgaven zoals voeding en energie, tegen basisprijzen. Zo gaan we na of en hoeveel aanvullende steun er nodig is."

Voldoende afstand

Het OCMW werkt met het Referentiebudget voor een Menswaardig Inkomen (REMI). Dat is een budgetstandaard, ontwikkeld door het Centrum voor Budgetadvies en -onderzoek (CEBUD) van onderzoeker Bérénice Storms van de Thomas More hogeschool. Voor de toepassing wordt gebruikgemaakt van een digitale computermodule, door het ICT-bedrijf Logins ontwikkeld in sammenspraak met het OCMW van Gent. Enkel wie actief een job zoekt, krijgt de aanvullende steun. "En in de berekening blijft er voldoende afstand tussen leefloon plus aanvullende steun en het minimumloon, om mensen te motiveren een job te zoeken", stelt De Coene. Het verschil varieert van 15 tot 35 procent. Tot slot: de aanvullende steun is geen recht en kan teruggedraaid worden. Kortrijk is met 21,02 procent in 2016 koploper onder de centrumsteden, wat de activering van leefloners betreft.