"Rampenfonds of ramp van een fonds?"

SLACHTOFFERS VAN HAGELSCHADE NOG STEEDS IN ADMINISTRATIEF DOOLHOF

Ingrid Cool met het dossier dat ze indiende bij het rampenfonds.
Wouter Spillebeen Ingrid Cool met het dossier dat ze indiende bij het rampenfonds.
Bijna de helft van de Oost-Vlamingen die begin juni 2014 schade opliepen door hevige hagelstormen en daarvoor een dossier indienden bij het rampenfonds, hebben nog steeds geen vergoeding gekregen. Het onderbemande rampenfonds kreunt onder de werkdruk van meer dan 6.000 schadedossiers en slachtoffers dreigen de moed te verliezen. "Dit is gewoon absurd", klinkt het.

Toen in het weekend van 7, 8 en 9 juni 2014 hevige hagelbuien over het noorden van het land trokken, kregen veel huizen, wagens, bedrijven en serres het hard te verduren. De hagelbollen die tot vijf centimeter diameter hadden, sloegen putten in daken, verbrijzelden ruiten en liet zelfs kraters in betonnen muren achter. Nadat in juni 2015 een Koninklijk Besluit werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad dat de hagelstormen als natuurramp erkende, konden de slachtoffers een schadedossier indienen bij het rampenfonds. Dan konden ze aanspraak maken op een vergoeding voor de schade die niet door een verzekering werd gedekt.

Spectaculaire hagelschade bij schrijnwerkerij Speeckaert. Hagel sloeg de lichtkoepel in het dak kapot, waardoor de wagens beschadigd raakten.
Wouter Spillebeen Spectaculaire hagelschade bij schrijnwerkerij Speeckaert. Hagel sloeg de lichtkoepel in het dak kapot, waardoor de wagens beschadigd raakten.

Putten tellen

Maar die vergoeding hebben veel inwoners nog niet gekregen. "Onze voertuigen stonden binnen en vielen dus niet onder de verzekering, maar de hagelbollen sloegen een deel van ons dak stuk, waardoor de auto's geraakt werden", klinkt het bij schrijnwerkerij Speeckaert uit Knesselare. De schade aan hun gebouw liep op tot 200.000 euro, maar een groot deel daarvan viel onder de verzekering. "Er is nog zo'n 5.000 euro aan schade aan het atelier die niet gedekt was en 3.000 euro aan de voertuigen. We zijn wekelijks een paar uur bezig met het schadedossier voor het rampenfonds."


Het dossier wordt behandeld, maar er zijn nog enkele problemen. "Ze willen dat we het aantal putten in de wagens tellen, maar die zijn ondertussen al hersteld of verkocht. We kunnen zo'n verkochte wagen toch niet meer opsporen? We hebben foto's van de schade, maar nu zeggen ze dat dat niet voldoende is. Het is een absurd verhaal geworden. We vragen ons af of hier nog iets van komt, want anders schiet het rampenfonds haar doel voorbij. Er zijn anderen die veel meer last ondervinden dan wij."

De hagel sloeg diepe putten in de wagen van Ingrid Cool.
Wouter Spillebeen De hagel sloeg diepe putten in de wagen van Ingrid Cool.

Geparkeerde wagens

Ook het dossier van Bloemisterij Braeckman in Evergem is in behandeling. "Bij ons waren meer dan 1.000 ruiten en stukken plastic van serres doorzeefd", vertellen ze.


"We hebben al twee keer een expert over de vloer gekregen, omdat de eerste fouten had gemaakt. De laatste keer was afgelopen zomer en sindsdien hebben we niets meer vernomen. Ik verwacht er niet veel meer van."


Het grootste deel van de schadedossiers gaat over auto's die op straat geparkeerd stonden tijdens de hagelstor. Een van die wagens was van Ingrid Cool uit Knesselare, die aan de alarmbel trok omdat ze bijna vier jaar na de storm enkel een dossiernummer heeft gekregen. "Omdat er gewerkt werd in de straat, kon ik mijn wagen niet binnen zetten. Door een ongelukkige samenloop van omstandigheden raakte de auto beschadigd", zegt Ingrid. Ze diende een dossier in, om daarna lang niets te vernemen. "In oktober heb ik contact gehad met het rampenfonds. Twee weken later heb ik een dossiernummer gekregen, maar een datum waarop de expert langskomt of waarop de vergoeding betaald wordt, heb ik nog niet."

Frustraties

De traagheid van het rampenfonds zorgt voor frustraties. "Van de verzekering kregen we een minieme compensatie voor onze tuinmeubelen die kapot zijn door de hagel, maar van hen hebben we tenminste iets gekregen. Wat het rampenfonds betreft gaat het alleen maar over een auto die beschadigd is. Voor ons is dat niet het einde van de wereld, maar ik kan me voorstellen dat een kleine zelfstandige er veel meer last van heeft. Is het eigenlijk een rampenfonds of een ramp van een fonds?"


De dienst rampenschade van het provinciebestuur Oost-Vlaanderen verklaart de vertraging door een gebrek aan personeel. "Ja, het duurt lang, maar het Koninklijk Besluit liet ook al een jaar op zich wachten", reageert arrondissementscoördinator Didier De Tollenaere. "In Oost-Vlaanderen gaat het over 6.000 dossiers, wat meer is dan in heel Vlaanderen. Daarvan is tussen de 50 en 55 procent nu volledig afgehandeld. Met het huidige personeelsbestand kan alles klaar geraken in de loop van 2019. Maar we moeten nog verschillende nieuwe mensen aanwerven. Als dat lukt, zouden we tegen eind 2018 klaar moeten zijn."


Op de vraag hoe de slachtoffers de putten in een verkochte wagen kunnen tellen, antwoordt De Tollenaere dat ze slechts een benadering zoeken. "Dat is enkel om het administratief dossier te vervolledigen. De expert komt dan langs om de schade te bepalen aan de hand van foto's, mocht de wagen al verkocht of hersteld zijn."