Huurder ontkent betrokkenheid bij cannabisplantage

François B. (52) riskeert een celstraf van 18 maanden met uitstel voor het uitbaten van een cannabisplantage in Berg.

Begin vorig jaar werd de plantage ontdekt nadat er brand ontstaan was in de loods waar de planten gekweekt werden. Al snel viel de verdenking van de speurders op huurder François B. De bewuste loods hoorde immers bij zijn woning, aan de Kampenhoutsebaan in Berg. Zelf had hij niets te maken met het kweken van cannabis, stelde hij resoluut voor de rechter. "Ik stelde die loods enkel ter beschikking van enkele mannen die ik op café had leren kennen", klonk het voor de rechter, "in ruil daarvoor kreeg ik maandelijks wiet, aangezien ik zelf wél een gebruiker ben."


Naar eigen zeggen heeft de man in de twee jaar dat hij de loods 'uitleende' nooit iets gemerkt van de plantage, waarin nochtans 724 cannabisplanten stonden. "En ik kwam er dagelijks voorbij om mijn kippen te voederen maar toch heb ik nooit iets geroken", voegde hij eraan toe. Bovendien werd er op zijn zolder elektriciteit afgetapt. Ook daar wist B. niets van.

Beperkte rol

Het parket gelooft niet veel van zijn verhaal. "Je kan naïef en dom zijn maar er zijn grenzen. Beklaagde is overduidelijk minstens de mededader. Wel geef ik toe dat hij slechts een zeer beperkte rol speelde in deze criminele organisatie. Maar zonder zulke mensen kan een plantage niet worden opgestart." De verdediging vraagt de vrijspraak wat betreft zijn betrokkenheid bij de cannabisplantage. Voor het gebruik van cannabis wordt de opschortng gevraagd. "Hij is een beetje een zonderling en drinkt graag eens een pintje in een motorcafé, wat hem een geschikt slachtoffer maakt voor zulke heerschappen", aldus zijn advocaat Danny Francet, "maar we moeten hem op zijn woord geloven, want zijn versie houdt steek."


Naast de gevorderde straf vraagt Infrax, dat zich burgerlijke partij stelde, ook een schadevergoeding van 166.000 euro voor de afgetapte elektriciteit.


Uitspraak op 9 mei. (WHW)