"Ook zieke kinderen verdienen vakantie"

Vzw Menno's Droom laat kankerpatiëntjes en gezin even op adem komen

Ann Horemans verloor zelf in 2014 haar zoontje Menno (kleine foto). Hij inspireerde haar om ouders van zieke kinderen te helpen.
Foto's Borgerhoff/Dalemans Ann Horemans verloor zelf in 2014 haar zoontje Menno (kleine foto). Hij inspireerde haar om ouders van zieke kinderen te helpen.
U duikt binnenkort misschien wel het zwembad in op een zonovergoten bestemming - dat weze u ook gegund. Maar voor heel wat zwaar zieke kinderen is dat, in het kader van hun behandeling, niet zo vanzelfsprekend. Gelukkig zijn er voor hen 'droomvakanties', georganiseerd door Ann Horemans (43). Een avontuur dat begon met de droom van haar zoontje Menno, die in 2014 overleed.

Hoewel Menno al 3,5 jaar niet meer met zijn broertje Arne en zussen Fara en Indra kan spelen, staat zijn naam thuis in Hasselt nog steeds naast die van hen op de bel. Hij moest dan wel op 11-jarige leeftijd zijn strijd tegen lymfeklierkanker opgeven, vandaag leeft Menno nog altijd voort op verschillende manieren. Zo organiseerden zijn ouders Ann Horemans en Frank Bollen in mei 2014 voor het eerst 'Menno's Droom', een benefietactie die de jongen zelf uitgedacht had en jaarlijks herhaald wordt. En ondertussen is er ook een gelijknamige vzw, die jaarlijks lotgenootjes met kanker tijdens een uitstap met hun familie even de zorgen laat vergeten.

Hoe zijn jullie op het idee van die 'droomvakanties' gekomen?

"Voor veel kinderen die een behandeling tegen kanker volgen, zijn vakantieperiodes niet altijd even gemakkelijk. Vrienden en familie gaan allemaal naar verre landen en zonnige stranden, en keren terug met allerhande verhalen. Als je dan zelf door je ziekte zo'n reis moet missen, dan hakt dat er flink in. Ook voor Menno was dat soms moeilijk - we kenden de problematiek dus. Want er is niet alleen de behandeling die roet in het eten kan gooien. De accommodatie op reis moet ook aangepast zijn, en vaak speelt ook het kostenplaatje mee. Daarom dat het idee groeide om kankerpatiëntjes met hun gezin enkele dagen te laten ontspannen in een aangepaste omgeving."

Daar staan ongetwijfeld heel wat gezinnen om te springen.

"We zijn er vorig jaar mee begonnen en konden tot dusver een twintigtal gezinnen op droomvakantie sturen, waaronder zelfs een gezin uit Nederland. Maar de vraag neemt ondertussen dermate toe, dat we naast Hoeve Genemeer in Beringen nu ook een tweede locatie moesten zoeken. Die vonden we in 'De Dielis' in Hamont-Achel."

Is elke vakantie hetzelfde?

"We proberen om gezinnen samen op verblijf te sturen. Op die manier kunnen ze ervaringen uitwisselen en steun bij mekaar vinden. De uitdagingen waar ze allemaal voor staan, maken dat ze vaak aan één woord of blik genoeg hebben om elkaar te begrijpen. Daarnaast organiseren we altijd een reeks activiteiten, die we in de mate van het mogelijke wel aanpassen aan de wensen of mogelijkheden van het gezin. Deze zomervakantie zullen we bovendien voor het eerst een zogenaamde 'vlindervakantie' organiseren: een verblijf voor een gezin dat recent een kind verloren heeft. Want ook daar is nood aan."

Daar moet voor de vzw ook een flink kostenplaatje aan vasthangen?

"Klopt. Vijf gezinnen midweeks op droomvakantie sturen, kost tussen de 5.000 en 7.000 euro. We betalen dan ook het verblijf, de activiteiten en het ontbijt. Dat doen we met de opbrengst van onze chocolade-acties, het Menno's Droom-benefiet, en ook steeds vaker met giften en schenkingen. De voorbije editie van Music For Life was voor ons bijvoorbeeld een topper. Regelmatig mogen we mooie cheques in ontvangst nemen. Dat kan gaan van kleine bedragen, tot zelfs eentje van 23.000 euro via een award van BNP Paribas Fortis."

Ligt er een groeiplan klaar voor de volgende jaren?

"We werken niet met specifieke doelen. Wat komt, komt. En als er plots een wachtlijst zou ontstaan, dan zullen we dan bekijken hoe we dat oplossen. Uiteindelijk moeten we het ook kunnen bolwerken, natuurlijk. De bestuurders van de vzw - onder wie mijn man en ik - werken onbezoldigd, naast hun 'normale job'. We kunnen gelukkig rekenen op meer dan 150 vrijwilligers die ons bijstaan bij al onze activiteiten."

Dat zijn heel wat mensen die zich inzetten voor de goede zaak.

"We zijn heel erg blij met hun inzet. Er zijn mensen die we altijd kunnen bellen, elke dag van de week. Maar evengoed hebben we vrijwilligers die door allerhande verplichtingen enkel sporadisch een handje kunnen toesteken. In het begin zagen we vooral helpers die Menno persoonlijk gekend hebben. Ondertussen merken we dat ook ons goede doel op zich mensen beweegt. Hen zien genieten van hetgeen ze kunnen bijdragen, is voor ons ook fantastisch."

Blijft de confrontatie met het feit dat Menno er niet meer is niet moeilijk?

"Voor ons is hij nooit ver weg, hoor. We blijven over Menno praten, en ook zijn broer en zussen houden zijn herinnering levend. Wanneer Fara en Indra bijvoorbeeld een nieuw vriendschapsboekje hebben, vullen ze altijd een pagina in voor Menno. Dan komen ze ons bijvoorbeeld vragen wat hij nu weer precies graag at. En als de slager aan Arne vraagt hoeveel snoepjes hij wil hebben, dan antwoordt hij altijd 'vier'. Ook eentje voor Menno, dus."