"Mijn leeftijd is een voordeel. Je kan meer relativeren"

Vijftigjarige piloot is oudste kandidaat in nieuw seizoen Expeditie Robinson

Al twee keer schreef Luc Terium zich in voor Expeditie Robinson. De derde keer bleek de goede keer.
Foto Tony Van Galen Al twee keer schreef Luc Terium zich in voor Expeditie Robinson. De derde keer bleek de goede keer.
Ervaren piloot Luc Terium (50) uit Kinrooi ruilde zijn cockpit in voor een onbewoond eiland. Hij ging er als oudste kandidaat van Expeditie Robinson 2018 tot het uiterste. "Plots helemaal niéts meer van je geliefden horen, doet iets met je", vertelt hij.

Al twee keer schreef Luc Terium zich in voor Expeditie Robinson, maar de derde bleek de goede keer. Voor Luc een droom die in vervulling ging, maar of hij het nog eens zou doen, betwijfelt hij.

Deelname is eindelijk gelukt. Hoe was het?

"Het is heel goed meegevallen. Ik droomde er inderdaad al langer van, vijftien jaar geleden schreef ik mij een eerste keer in, maar werd toen niet gecast. Vandaag op mijn vijftigste is het dan wel gelukt. Die proeven hebben mij altijd zo geprikkeld, je moet ze maar bedenken hé. En het idee om te overleven in groep, en dan het tactische erachter. Helemaal mijn ding."

Je bent duidelijk een man die van uitdaging houdt. Je bent zelf piloot.

"Klopt. In 1986 ben ik het leger in gegaan en heb ik een carrière uitgebouwd als militair piloot. Ik heb 2.000 vlieguren met de F-16 en vloog destijds over Bosnië en Kosovo. In 2014 heb ik de overstap gemaakt naar de privésector. Sindsdien werk ik als freelancer, en zag ik eigenlijk al alle continenten. Ik vlieg nu voor bedrijven. Dat is vooral met privéjets waar je met een achttal mensen in kunt. Zo vlieg ik soms naar New York en dan neem ik een tussenstop in IJsland om te tanken. Woensdag zat ik nog in Berlijn."

Je komt op de strafste plekken, en dan kies je toch voor een onbewoond eiland?

"Dat is de uitdaging hé. Normaal zijn het leuke hotels. Maar dit is qua overleven toch heavy hoor. Eigenlijk had ik de tweede dag al meteen last van mijn maag, alles zat dooreen en ik voelde me ziek. Maar tegelijk was het ook verbazingwekkend hoe snel je lichaam zich aanpast. Alsof het zo geprogrammeerd werd. Als ik 's morgens opstond, had ik plots helemaal geen hongergevoel meer. Er waren andere groepsgenoten die écht hele dagen met eten bezig waren, en daarover fantaseerden in groep."

Je militaire achtergrond kwam van pas?

"Die basistraining heb ik gehad. We trainden ook in de moeilijkste omstandigheden. Je kan dit programma natuurlijk niet vergelijken met écht worden gedropt op een onbewoond eiland. Je zou dan eigenlijk binnen de drie dagen drinkbaar water moeten vinden. En dat was daar niet. We kregen water van het productieteam. Elke deelnemer kreeg zo'n vier liter water per dag. Tenzij je een zoetwaterbron hebt, is het anders onmogelijk om te overleven. En qua eten was het enkel een pot rijst en een pot meel voor acht personen. De regel is simpel: een mens kan maximaal drie minuten zonder zuurstof, drie dagen zonder water, en dertig dagen zonder eten. Daarna wordt het moeilijk."

Hoe sterk stond je mentaal?

"Mijn leeftijd heeft daar zéker een voordeel in gespeeld. Je kan meer relativeren. Ik keek in het begin ook de kat uit de boom. Maar tegelijk nam ik ook het voortouw, net omwille van de leidersmentaliteit die er zit ingebakken. Twintigers kunnen daar feller in zijn, die hebben het hart meer op de tong, en dat wordt niet altijd in dank afgenomen. Je zag dat ook bij de vorige seizoenen. Wie een grote mond heeft, wordt afgestraft in de eilandraad. Niet iedereen pikt alles van elkaar. Je moet tenslotte dagenlang met elkaar doorbrengen in ongewone omstandigheden. Maar ik ben geen autoritaire leider. Op het eiland werd ik MacGyver genoemd, omdat ik van alles in elkaar knutselde. Een kamp, tentjes op het strand, windschermen, dobbelsteentjes."

Zou je nog eens meedoen?

(Denkt lang na) "Ik weet het niet. In mijn eerste dagen terug in België zou ik meteen 'nee' hebben geantwoord. Je ondergaat een stukje ontbering hé. Het is zowel psychisch als fysiek echt zwaar, én slapen in de muggen op het zand is geen pretje. Maar als er wat tijd overheen gaat, valt dat wel mee. Ik heb vooral geleerd dat je als mens blijkbaar zeer diep kunt gaan. Soms was de inzet van een proef of spel zo belangrijk, dat je echt all the way ging. Hetzelfde spelletje spelen in je achtertuin in Geistingen, en ik had al véél eerder opgegeven. Maar je leert er ook je eigen grenzen kennen. Zo was er een uithoudingsproef waar ik mezelf ben tegen gekomen. Ik wilde zo lang mogelijk volhouden, en besloot om nog tien seconden door te zetten. Tijdens het aftellen, haakte mijn lichaam gewoon vanzelf af na drie seconden. Alsof het zei: 'Luc, nu ga je te ver. Stop'. Heel vreemd, hoe hoe je daar je eigen grenzen plots voelt."

Wat miste je er het hardst?

"Op materieel vlak weinig. Maar emotioneel had ik het onderschat. Pas op, als piloot ben ik het gewoon om mijn vrouw en hond soms dagen niet te zien, alleen heb je tegenwoordig zoveel communicatiemiddelen. Je bent het niet gewoon om niks meer van elkaar te horen. Geen smsje voor het slapen gaan, geen skype, niets hé. Zo werden sommigen al emotioneel bij het horen dat er een videoboodschap van thuis te winnen viel bij een proef. Je kraakt gewoon. Ook ik ben gekraakt. Meer tijd doorbrengen met je geliefden, dat is de grootste levensles die ik aan het programma overhoud."