Vzw De Heide in beroep vrijgesproken

ZORGCENTRUM AANGEKLAAGD VOOR DOOD PATIËNTE (59)

Myriam Lenssens (rechts) overleed op 11 augustus 2014 in zorgcentrum vzw De Heide.
Foto Sarah Vandoorne Myriam Lenssens (rechts) overleed op 11 augustus 2014 in zorgcentrum vzw De Heide.
In beroep is gisteren vzw De Heide, waar Myriam Lenssens stierf na acuut orgaanfalen, vrijgesproken. Het zorgcentrum in Merelbeke werd schuldig verklaard in eerste aanleg en kreeg een geldboete van 12.000 euro. In het hof van beroep werd deze beslissing teruggedraaid: het zorgcentrum en de directeur kregen de vrijspraak. Een betrokken verpleegster krijgt een straf met opschorting.

De 59-jarige Myriam Lenssens uit Denderhoutem overleed op 11 augustus 2014 aan een acuut orgaanfalen. Ze leed aan de ziekte van Huntington, een zeldzame ziekte die zich onder meer uit in schokkerige en onvrijwillige bewegingen. In vzw De Heide in Merelbeke werd de vrouw regelmatig op het bed vastgemaakt met een buikriem.


Op zeker moment slaagde de vrouw er echter in zich deels te bevrijden. Helaas raakte ze verstrengeld in de riem en stikte.

Bovenmenselijk

Volgens de eerste rechter was er sprake van een gebrekkige interne organisatie en is de kans groot dat een verpleegster de buikriem niet correct bevestigd heeft. Dat kan echter niet bewezen worden, omdat de patiënte door haar ziektebeeld mogelijk 'quasi bovenmenselijke krachten' zou ontwikkeld hebben om in de dodelijke positie te belanden.


Volgens de personeelsleden werd de buikriem wél correct omgedaan. "Het zou onmenselijk geweest zijn om de vrouw telkens met een driepunts- of vijfpuntsfixatie vast te leggen, gelet op haar heel zware symptomen", stelde de advocaat van de directeur. Een ander discussiepunt waren de bedsponden. Die waren twee weken voor het overlijden stukgegaan en stonden niet omhoog op het moment van het overlijden.


De vzw werd in eerste aanleg veroordeeld tot een boete van 12.000 euro, maar ging hiertegen in beroep.


Het zorgcentrum hield vol dat het niet is aangetoond dat de vrouw gestikt was. "Het is mogelijk dat er eerst een hartfalen was en dat ze dan onderuit gezakt is tot de positie waarin ze 's morgens werd gevonden." Haar dochter Berlinda De Rouck vertelde in eerste aanleg nog over nalatigheid. "Er werd niet voor mama gezorgd. Dat merkte ik vooral toen ik onverwacht op bezoek kwam: ze lag te schreeuwen in haar bed, zag er helemaal vuil uit... dat kan toch niet?"


Haar advocate herhaalde deze feiten in beroep.

Dubbel gevoel

Het hof van beroep was niet overtuigd dat de dodelijke positie waarin het slachtoffer zich bevond, vermeden had kunnen worden met het rechtopstaan van de bedsponden, aangezien dat een relatief licht veiligheidsmechanisme is.


Daarnaast vond het hof ook weinig aanwijzingen voor een gebrekkige aandacht van de veiligheidsmaatregelen ten aanzien van de patiënten.


Dit alles resulteerde in een vrijspraak voor de vzw en de directeur, en een straf met opschorting van drie jaar voor de verpleegster."Deze uitspraak is een dubbel gevoel", zegt Geert Stroobant, directeur van het zorgcentrum. "Langs één kant zijn we blij dat we de vrijspraak krijgen, aan de andere kant voelen we mee met onze vroegere collega (de verpleegster, red.)."


Berlinda De Rouck had haar ongenoegen al geuit in eerste aanleg. "Had het personeel gewoon zijn werk gedaan, dan had ik mijn mama nu nog." Berlinda was gisteren niet bereikbaar voor commentaar.