Lipsestraat kampt met rattenplaag

BEWONERS AL MAANDEN IN DE WEER MET VERGIF EN VALLEN

Mieke Van Gorp en buurvrouw Hilda Verreth: "We krijgen het rattenvergif bijna niet aangevoerd."
Sven Ponsaerts Mieke Van Gorp en buurvrouw Hilda Verreth: "We krijgen het rattenvergif bijna niet aangevoerd."
Langs de Lipsestraat in Tildonk (Haacht) zitten ze met een rattenplaag. Enkele bewoners zijn de overlast nu beu. Omdat ze het rattenvergif niet aangevoerd blijven krijgen, vragen ze dat de gemeente zou ingrijpen.

Enkele bewoners van de Lipsestraat in Tildonk zitten sinds ongeveer een jaar met een echte rattenplaag. De knaagdieren, sommige wel tot 20 centimeter groot, lopen talrijk door tuinen en bijgebouwen. "Overal zitten ze. Een buurvrouw telde er onlangs vijf tegelijk op haar gazon", zegt bewoonster Mieke Van Gorp (56). "We durven zelfs de deur niet meer open te laten. Zeker vanaf valavond houden we alles angstvallig dicht opdat er toch maar geen binnen zou komen. Die beesten zijn niet alleen uiterst onaangenaam, maar ook erg onhygiënisch - met hun uitwerpselen brengen ze ook ziektes mee."

De vermoedelijke bron volgens de omwonenden: deze vuilnisbelt even verderop.
Sven Ponsaerts De vermoedelijke bron volgens de omwonenden: deze vuilnisbelt even verderop.

Overal vergif

Buurvrouw Hilda Verreth kan ervan meespreken. "Mijn labrador Zimba kwam eergisteren nog met een bloedende dode rat in de muil tot aan de deur. En een kindje uit de buurt stond onlangs ook met een kadaver in de handen. Het moet nu gaan stoppen."


Van Gorp, maar ook al haar buren zijn dan ook al maandenlang in de weer met rattenvergif, klemmen en vallen. "Overal in de buurt ligt er vergif. We vinden dan ook her en der kadavers, al dan niet in verregaande staat van ontbinding. En af en toe zit er ook een in de verschillende vallen die we hebben staan. Maar toch blijven die beesten komen. Voor elke rat die je ziet, moet je dan ook maal 12 doen, heb ik me ooit laten vertellen... Een andere achterbuur slaat ze ondertussen waar mogelijk gewoon dood, de een na de ander. We doen wat we kunnen, maar krijgen ze zelf gewoon niet bestreden. En de gemeente laat ons gewoon in de kou. Rattenvergif krijgen we er niet meer mee. De Milieudienst raadt ons gewoon aan zelf een rattenverdelger te laten komen, op eigen kosten...", vertelt een boze Van Gorp.

Een van de vele ratten die Mieke Van Gorp en haar man al in hun tuin vonden.
Repro SPK Een van de vele ratten die Mieke Van Gorp en haar man al in hun tuin vonden.

Rattenvanger

"Een vijftal jaar geleden, toen de versleten bloemciterns van een nabijgelegen oude bakkerij werden afgebroken, hadden we hier ook al eens een rattenplaag", weet de vrouw. "Met het vergif dat we toen nog gewoon bij de gemeente konden afhalen én de rattenvanger die ze toen stuurde, hebben we het ongedierte weggekregen. Maar nu is er geen stoppen aan. We krijgen het rattenvergif gewoonweg niet meer aangevoerd. Elke ochtend zijn er wel meerdere zakje weg, soms wel zes of meer. Een best ook wel kostelijke zaak. Omdat de ratten het vergif overal achterlaten, is het bovendien gevaarlijk voor onze honden. Elke ochtend doe ik eerst mijn toer door de tuin om te zien of er geen korrels of dode ratten zijn achtergebleven. Mijn viervoeter had al eens een zakje in de muil, en die van Hilda kreeg al rattenbloed binnen."

Bouwafval is oorzaak

De buurtbewoners menen de herkomst van de knaagdieren ook te kennen. "Enkele huizen verderop ligt er ondertussen al een jaar lang een heus stort voor de deur. De vorige bewoners vulden tijdens verbouwingswerken een afvalcontainer, maar betaalden die nooit. Toen ze vertrokken waren, kieperde de firma bij ophaling de bak dan ook eerst leeg. Het bouwafval vormt sindsdien een ideale kweekplaats voor het ongedierte. Van waar zouden de ratten anders komen? Een beek of vijver is hier in de buurt immers niet."


De bewoners vragen dan ook dat de gemeente zou ingrijpen. "Het klopt dat er al sinds geruime tijd geen vergif meer ter beschikking wordt gesteld", klinkt het bij de Milieudienst. "Maar we zijn van het probleem op de hoogte, en het zal tijdens het eerstvolgende college zeker worden besproken."