Onbegrip

De Kijk van Kurt

KOS/Miemiekehobbyfotografie

Na een gedwongen horecapauze van een drietal maanden lunchte ik gisteren voor het eerst weer op een terrasje in het stadscentrum. Ik hou niet zo van verkleinwoorden, maar in dit geval staat de -je in terrasje wel op zijn plaats. Het aantal tafels was op zijn minst gehalveerd in vergelijking met de periode voor corona. Voor de veiligheid, dat begreep ik. Dat de dienster me vanachter haar mondmasker de suggesties voorstelde terwijl ze me de gedesinfecteerde menukaart overhandigde, dat snap ik ook. Na het afrekenen sloeg ik nog een praatje met de eigenaar terwijl ik mijn handen ontsmette en terwijl hij mijn eventueel achtergelaten virussen van de betaalautomaat poetste. We deelden onze angsten voor de gevreesde tweede golf en het hoogstwaarschijnlijke failliet van onze beide sectoren dat daarmee zou gepaard gaan. Onze frustratie welde dan ook op toen het gesprek over de betogingen van de afgelopen week ging. Hoe krijg je uitgelegd dat zulke massamanifestaties toegelaten en/of onbestraft plaatsvinden in het midden van een pandemie? Hoe krijg je uitgelegd dat er politici meeliepen? Waar blijft de tik op de vingers van Kristof Calvo, die vandalisme – een tientallen meters lange graffitiboodschap op een treinstel – verheerlijkt op zijn sociale media? Hij pleitte er zelfs voor dat de NMBS het getroffen treinstel door heel het land zou laten rijden.

Dat racisme wordt gehekeld, dat kan elk weldenkend mens alleen maar toejuichen. Dat het op deze manier gebeurt, is enkel af te keuren. Dat er in onze contreien tegen politiegeweld wordt betoogd, is een fluim in het gezicht van onze flikken. Hier zetten zij geen knie in iemands nek maar krijgen zij palletten in de ruit van hun combi en schoppen tegen hun hoofd. Dat er nooit protest wordt gevoerd tegen het geweld tégen onze politiemensen is onbegrijpelijk.