Lid van overvallersbende die juwelier Lefebvre viseerde, vraagt strafvermindering

Beeld ter illustratie. Juwelier Lefebvre op het Koophandelsplein kreeg brutale overvallers over de vloer.
JVK Beeld ter illustratie. Juwelier Lefebvre op het Koophandelsplein kreeg brutale overvallers over de vloer.
Een van de bendeleden die veroordeeld werden voor de brutale overval op juwelier Lefebvre op het Koophandelsplein in Gent, gaat in beroep voor strafvermindering. De 23-jarige man zegt dat hij enkel op de uitkijk stond en dus slechts een kleine rol speelde in de roof van 184.000 euro aan juwelen, maar volgens het Openbaar Ministerie was zijn aandeel veel groter.

Op de ochtend van 27 januari 2017, terwijl de vrouw van juwelier Michel Van der Donk de winkel opendeed, glipten overvallers binnen. De mannen bonden de vrouw en een medewerkster vast zodat ze ongestoord de vitrines leeg konden maken. Na twaalf minuten gingen ze ervandoor met een buit ter waarde van 184.000 euro. “Mijn vrouw heeft voor haar leven gevreesd. Ze dacht dat onze 13-jarige zoon zou opgroeien zonder moeder”, schreef de juwelier in een brief. “Sinds de overval is ze niet meer dezelfde. Ze is vaak ongerust en heeft een slechte nachtrust.”

7 jaar cel in eerste aanleg

De overvallersbende komt ook in aanmerking voor een roof bij een Parijse juwelier, maar daar had de politie hen al in het oog. Ze kregen een tip dat de mannen plannen hadden om een overval te plegen en rekenden twee verdachten van Chileense afkomst in toen ze met een buit ter waarde van 300.000 euro aan de haal wilden gaan. “Ze waren naar de andere kant van de wereld gereisd met de bedoeling om specifieke overvallen te plegen”, volgens het Openbaar Ministerie. Ze kregen beiden een straf van zeven jaar cel.

In beroep vraagt een van de mannen nu een strafvermindering. Hij beweert dat hij enkel op de uitkijk stond en dus niet binnen is gegaan.  “We hebben door de telefoongesprekken kunnen aantonen dat onze cliënt niet aanwezig kon zijn bij de overval. Hij bleef in de vluchtauto in de Savaanstraat, maar toch beweerde de hoofdonderzoeker in het dossier dat hij wel in de winkel was. Op basis daarvan is hij even zwaar gestraft als de andere beklaagde die wel binnen ging”, zegt de advocaat van de man.

Volgens het Openbaar Ministerie was de rol van de beklaagde groter dan enkel de uitkijk. “Hij moest de logistiek in orde brengen. De telefoons van de bende staan allemaal op zijn naam, de auto’s werden door hem gehuurd en hij deed de verkenning. Zeven jaar cel is een passende straf”, aldus de procureur-generaal. Op 26 november spreekt het hof van beroep een nieuwe straf uit.




Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.