Kantoren in plaats van woningen boven Delhaize Fabiolalaan, maar projectontwikkelaar komt ermee weg. “Op het moment dat hij ze zette, had hij een geldige bouwvergunning. Procederen heeft geen zin”

In dit gebouw moesten boven de Proxy Delhaize ook appartementen zijn voorzien, nu zijn het enkel kantoren
RV / Buitensporig In dit gebouw moesten boven de Proxy Delhaize ook appartementen zijn voorzien, nu zijn het enkel kantoren
Hoewel duidelijk was aangegeven dat in ‘projectzone 2’ aan het Sint-Pietersstation ook woningen moesten komen, heeft een projectontwikkelaar daar vierkant zijn voeten aan geveegd en hij komt ermee weg. Boven de Proxy Delhaize aan de Fabiolalaan zijn er dus geen appartementen, maar alleen kantoren voorzien. Hoewel de Raad voor Vergunningsbetwistingen de omgevingsvergunning vernietigde, gaf de deputatie die opnieuw. Weer procederen heeft volgens schepen Watteeuw geen zin. “Op het moment dat er gebouwd werd, was er een geldige vergunning.”

Het actiecomité Buitensporig kan er niet om lachen. De deputatie heeft de omgevingsvergunning voor het kantoorgebouw langs de Fabiolalaan opnieuw goedgekeurd, nadat de Raad voor Vergunningsbetwistingen ze eerder vernietigde. “De stad had om de vernietiging gevraagd, omdat de projectontwikkelaar een kantoorgebouw zette, terwijl zowel de verkavelingsvergunning als het inrichtingsplan bepalen dat boven de winkel een appartementsgebouw moest komen”, zegt Lieven Theys van Buitensporig. “Het inrichtingsplan, dat de stad Gent in 2014 goedkeurde, voorziet voor het merendeel kantoren bij het station Gent Sint-Pieters. Om de levendigheid van de buurt te bewaren, waren ook enkele appartementsgebouwen voorzien. Het gebouw langs de Fabiolalaan werd in de periode 2017-2018 toch gebouwd en in gebruik genomen, hoewel het niet beschikte over een rechtsgeldige vergunning.”

De stad is naar de Raad voor Vergunningsbetwisting gestapt, maar heeft geen opschortende voorwaarde geëist.

Schepen Filip Watteeuw

De stad Gent deelde deze visie en trok naar de Raad voor Vergunningsbetwisting. Dat gebeurde nog met het vorige stadsbestuur. “De stad had de vergunning geweigerd, maar de deputatie had ze wel toegestaan”, zegt schepen Watteeuw, die het dossier erfde. “De stad is toen naar de Raad voor Vergunningsbetwisting gestapt. Het probleem is dat er toen geen opschortende voorwaarde is geëist. Terwijl de procedure liep, heeft de projectontwikkelaar het gebouw gezet. Op dat moment beschikte hij dus over een geldige vergunning van de deputatie. De stad heeft dan wel gelijk gekregen van de Raad en de bouwvergunning werd vernietigd, maar in se heeft die ontwikkelaar geen bouwovertreding begaan. We kunnen hem dus niet dwingen het gebouw aan te passen.”

Opnieuw

Vreemd genoeg heeft de deputatie nu opnieuw beslist om de omgevingsvergunning voor het gebouw toch te verlenen. Het advies van de Provinciale Stedenbouwkundige Ambtenaar luidde begin dit jaar nochtans dat er een ‘onoverkomelijke legaliteitsbelemmering was voor het verlenen van een stedenbouwkundige vergunning’. “De beslissing van de deputatie verbaast mij ook”, zegt Watteeuw. “Zij stellen eigenlijk dat de voorziene woningen nog elders in het gebied gecompenseerd kunnen worden. Dat is een vreemde visie, want dan creëer je een ‘eerst komt, eerst maalt’-principe.”

Het is niet correct, maar procederen om te verliezen gaan we niet doen

Schepen Filip Watteeuw

Toch zal de stad niet opnieuw in beroep gaan tegen de beslissing. “Net omdat de ontwikkelaar op het moment dat er gebouwd werd over een geldige vergunning beschikte, heeft het geen zin om opnieuw te gaan procederen. We zouden het toch niet halen. De impact van de overtreding is gelukkig relatief beperkt. Het gebouw is niet groter dan voorzien en ook de impact op mobiliteit of overlast is niet groter dan ze zou geweest zijn als er ook woningen waren voorzien. Het is niet correct, maar procederen om te verliezen gaan we niet doen. We zullen dus inderdaad moeten kijken waar in dat gebied we dan wel extra woningen kunnen voorzien.”