James Storme (76) bezorgde Gent eerste beker: “Maar de winstpremie hebben we nooit gekregen”

“Hopelijk mogen we de bekerwinst van 1964 herbeleven"

James Storme wil woensdag op de Heizel de bekerwinst van 1964 herbeleven.
Gianni Barbieux James Storme wil woensdag op de Heizel de bekerwinst van 1964 herbeleven.
76 jaar is hij, maar zijn onbevangen stijl en speelsheid verraden dat James Storme nog steeds de geest van een twintiger bezit. Ooit, in de jaren zestig, werd Storme bestempeld als de snelste buitenspeler van de Belgische competitie. Als jong talent speelde én won hij de eerste Gentse bekerfinale ooit. Vandaag is hij scout en levensgenieter. "Ik ben blij dat ik toen voetballer was, en niet nu: vandaag verdienen ze meer geld, maar wij waren een ploég."

Flamboyant, vrolijk, stijlvol. Als James Storme een ruimte betreedt, heeft iedereen dat gezien. Zonder dat hij nochtans veel lawaai maakt - en dat is een kunst. Een echte Gentenaar, die er wel eens een woordje Frans tussen durft te gooien... en voortdurend gebeld wordt. Het leven van Storme staat nooit stil.

Een interview regelen met u was zo gemakkelijk nog niet. U komt net uit Nigeria gevlogen?

"Dat klopt. Geen snoepreisje, hè, ik was er als scout. We hebben enkele talentvolle spelers gezien, ja. Twee ervan zullen binnenkort testen bij Zulte Waregem. Nu is het hopen dat die jongens de mentaliteit hebben om hier door te breken. Want hoe goed ze ook spelen in hun eigen milieu en hoeveel talent ze ook hebben, de mentaliteit maakt vaak het verschil."

U bent 76, maar nog steeds een bezige bij. Waarom doet u zo graag scoutingwerk?

"Scouting is een hobby. Er lopen in Afrika veel professionele makelaars rond, met veel geld en middelen. Ik doe het een beetje als een amateur, en dan haal je er voldoening uit wanneer je toch een supertalent ontdekt."

“Ik vind het vooral plezierig omdat ik als scout veel bij de jeugd ben. Ik voel de mentaliteit van die jonge gasten, en probeer een beetje mee te zijn. En het houdt me bezig, hè. Het is door de hele dag niets te doen, dat je pas écht oud wordt. En zolang ons vrouw het toelaat, moeten we ervan profiteren dat we af en toe nog eens mogen weggaan.” (lacht)

Denkt u niet: verdorie, stond ik maar terug op het veld?

"Neen - maar ik heb wel vaak de indruk: 'dát kon ik toch beter!' (lacht) Maar elke leeftijd heeft zijn charme. Wij moeten nu onze herinneringen koesteren, en hopen dat we de jeugd kunnen helpen om beter te worden dan wij toen."

U voetbalde in de jaren zestig en zeventig. Zou u nog meekunnen in de sport van vandaag?

"In die tijd hadden wij enorm technische spelers. En ik denk zelfs dat we toen sneller waren dan de spelers van nu. Urbain Seghers en ik werden beschouwd als de snelste buitenspelers van het land. Het verschil met nu is dat wij meer tijd hadden voor de uitvoering. Vandaag zijn spelers atletisch gezien zo sterk, dat ze negentig minuten kunnen blijven lopen en werken. Technisch waren wij wellicht beter, maar het spel is veel harder geworden."

De ploegfoto van de Buffalo's voor hun bekerwinst in 1964. Op de onderste rij, tweede van rechts: James Storme.
JS De ploegfoto van de Buffalo's voor hun bekerwinst in 1964. Op de onderste rij, tweede van rechts: James Storme.

Een andere vraag: zou u vandaag voetballer wíllen zijn?

"Enerzijds verdienen voetballers op ons niveau vandaag meer geld, wat natuurlijk positief is. (lacht) Maar anderzijds denk ik dat het toen plezieriger was. Als je kijkt naar de manier waarop wij geleefd hebben: dat zou een drama zijn vandaag. De pers vergroot alle details uit, en dan krijgen sommige spelers problemen, zoals je nu soms ziet. Wij gingen toen nog eens graag weg met de vrienden. Maar we hadden tenminste plezier, ook als team. Vandaag gaan alle spelers na de match hun eigen kant uit. Wij zaten samen als vrienden, tot uren na de match."

We keren terug in de tijd. 24 mei 1964: KAA Gent speelt de eerste bekerfinale in haar geschiedenis tegen Diest.

"Het was de eerste keer sinds Wereldoorlog II dat de beker georganiseerd werd. Aan de rust stonden we in de finale 0-2 achter. Maar we keerden de situatie om. In de laatste minuut scoorde Eric Lambert op mijn voorzet de gelijkmaker, en in de verlengingen wonnen we met 4-2. Dat was een zeer belangrijke overwinning, want het was de eerste prijs ooit voor AA Gent."

“Het was een cruciaal moment in de geschiedenis van de club, het begin van de professionalisering ook. Gent was nog geen profclub. Ik verhuisde een jaar later naar Standard, waar er bijvoorbeeld driemaal per dag getraind werd. In Gent trainden we enkel ‘s avonds, omdat de spelers ook nog werkten. Ik werkte toen overdag als schroothandelaar.”

Klopt het dat jullie winstpremie nooit uitbetaald werd?

"De week voor de partij waren de oudere spelers een premie gaan eisen bij de voorzitter: zo'n 25.000 frank, of 500 euro. De voorzitter weigerde, en beloofde slechts 5.000 frank, of 125 euro, en hij zou de rest compenseren in de Europese campagne die erop volgde. Maar inderdaad: dat geld hebben we nooit gezien (lacht). Voor mij was de overwinning op zich wel belangrijker. De eerste prijs ooit voor Gent, en dat op mijn jonge leeftijd. Het is voor altijd een fantastische overwinning. Ook al omdat we wonnen met veel Gentenaars in het team. Enkele jaren ervoor hadden we nog het kampioenschap gewonnen met de scholieren, met vier spelers in het team die ook op de Heizel zouden winnen. Ik herinner me dat we toen ook 0-2 achter stonden aan de rust, en er toch nog over gingen. Dat zijn schitterende herinneringen."

Vandaag wordt de eventuele bekerwinst gevierd met tienduizenden Buffalo's op het Sint-Pietersplein. Leefde de stad toen ook mee?

“Neen, dat was een andere tijd. De neutrale persoon, die niet elke dag bezig is met voetbal, kon het indertijd weinig schelen. Nu wordt iedereen erbij betrokken, omdat voetbal een feest wordt. Dat is een positieve evolutie.”

James Storme (tweede van links) met trainer Louis Verstraeten en verdediger Noël Vande Velde.
JS James Storme (tweede van links) met trainer Louis Verstraeten en verdediger Noël Vande Velde.

“Maar vergeet niet: in onze tijd speelden we in het Ottenstadion wel voor 20.000 toeschouwers, terwijl dat jaren later maar voor de helft was. We speelden matchen met stoeltjes langs de zijlijn. Aan de cornervlag moesten wij aan de mensen dan vragen om op te schuiven. Voetbal was dus wél populair in die tijd. Maar vrouwen waren er toen nauwelijks in geïnteresseerd. Koppels kwamen niet naar het voetbal, zoals vandaag. Zoals ik al zei: vandaag wordt iedereen erbij betrokken.”

Wat denkt u van de finale tegen Mechelen? Bent u erbij in Brussel?

“Zeker: dat is een partij die ik niet wil missen. Het doet mij en de andere spelers de finale van 1964 herleven - als we kunnen winnen, natuurlijk. (lacht) Woensdag, tegen een tweedeklasser, heeft Gent een enorm grote kans om te winnen. Maar in zulke wedstrijden overtreft iedereen zichzelf. Zoals in onze bekerfinale: Diest stond onderin het klassement, maar stond bij de rust toch 0-2 voor. Mensen dachten toen ook dat wij erover zouden lopen. KV Mechelen zal zich woensdag willen overtreffen, zeker gezien hun extrasportieve problemen. De enige manier om hun blazoen op te poetsen, is de beker winnen. Gent moet voorzichtig zijn en zich realiseren dat zíj de beste ploeg moeten zijn, dat zij honderd procent en negentig minuten lang aan elkaar moeten hangen en werken. En dan zullen ze wel slagen, en zullen we voor de vierde keer de beker in lucht mogen steken.”

James Storme in mei 1965.
RV James Storme in mei 1965.



Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.