Afscheid van ‘de krokodillen van het stadhuis’ (2)

Sas van Rouveroij: “Geen spijt dat ik woord heb gehouden en dus geen burgemeester werd”

Sas van Rouveroij op zijn terras, met zicht op de torens
Wannes Nimmegeers Sas van Rouveroij op zijn terras, met zicht op de torens
Niet alleen burgemeester Termont verdwijnt na 42 jaar uit het Gentse stadhuis. Met Sas van Rouveroij (Open Vld), Paul Goossens (CD&V) en Martine De Regge verdwijnen nog een paar anciens uit de gemeenteraadszaal. Stuk voor stuk waren het actieve mensen, die zich ingezet hebben voor de stad, ze zijn een deel van het politieke geheugen, met een berg ervaring.
Vandaag: afscheid van Sas van Rouveroij (62), na 33 jaar. 

Sas van Rouveroij, jij voerde het allereerste mobiliteitsplan in Gent in, en werd daarvoor met een kogel bedreigd.

“Ja, dat waren heftige tijden. Het was in 1996. Het was helemaal niet evident dat ik toen als liberaal zoiets wou doen. Dat was lang voor de tijden dat fijn stof, klimaat en leefmilieu ingeburgerde termen waren. Nu beseft iedereen dat gezonde lucht belangrijk is, toen nog niet. Ik moest van nul starten om het mobiliteitsgedrag van de Gentenaars te veranderen, en die pikten dat natuurlijk niet zomaar. Toen was de visie nog: mijn auto is mijn vrijheid. Maar ik deed het toch, dat mobiliteitsplan doorvoeren. Ik vond dat onze middeleeuwse stad een 2de adem nodig had. Ik ben er fier op, op wat ik heb gedaan. Wat Filip Watteeuw nu doet, is de tweede fase van wat ik in 1995 heb opgestart. En ja, in 1995 kreeg ik een brief met een kogel erin. Die bleek afkomstig van een middenstander uit de Veldstraat, wat raar was, want de Veldstraat was al langer verkeersvrij. Die man is uiteindelijk veroordeeld.”

Hoe ben jij in de politiek beland?

“Alvast tot groot ongenoegen van mijn vader! Dat was een Vlaams nationalist, en dat ik in 1978 een lidkaart kocht van de liberale studenten was hem echt een doorn in het oog. Maar ik ben levensbeschouwelijk een liberaal, en dan pas een Vlaming. Ik wil dat burgers en bedrijven publieke goederen en diensten krijgen tegen de beste prijs kwaliteit, dùs met lagere belastingen én minder overheid. Pas als de overheid volgens die criteria is georganiseerd hecht ik belang aan een vlag en een volkslied. Vijf bestuurslagen is teveel en zorgt voor bestuurlijke onrust en verspilling . Dat is een luxe die we ons niet langer kunnen veroorloven. Steden en gemeenten, Vlaanderen en Europa volstaan voor mij. Voor mij is liberalisme een levenshouding, en Vlaanderen meer een emotie, die mij een plek geeft waar ik mij thuis voel... Maar een vlag zegt niks over het nastreven van vrijheid, of het recht op persoonlijk geluk. In elk geval, ik was – ook op school – omringd door heel wat liberale vrienden. Maar het was Claire Tillekaerts die mij mijn eerste politieke kaart verkocht, eentje van de liberale Vlaamse studenten (LVSV).”

Je was toen 21, te jong voor de actieve politiek?

“Niet echt. Het zit in mijn genen dat als ik ergens lid van word, dat ik ook meteen voorzitter wil worden. Ik had dus in 1978 die lidkaart en werd hetzelfde jaar al voorzitter in Gent, in 1979 van het LVSV nationaal. En dan ging het snel. In 1985 werd ik gemeenteraadslid, in 1989 was ik schepen in de eerste ‘paarse’ coalitie. Willy De Clercq maakte mij op vraag van Guy Verhofstadt schepen van financiën. Geen cadeau, want de grootsteden, dus ook Gent, waren toen failliet. Ik heb – met de socialistische burgemeester Temmerman – 1.000 mensen moeten ontslaan. Het moest. En Gent heeft als eerste stad, lang voor Antwerpen, Luik en Charleroi, haar schulden weggewerkt. In 1994 hadden we zelfs een overschot.”

Sas van Rouveroij
Wannes Nimmegeers Sas van Rouveroij
1994 was ook het jaar waarin je burgemeester kon worden, maar daar heb je de afspraak met de geschiedenis net gemist.

“Ik was lijsttrekker, tegen Frank Beke bij de socialisten. We hadden vooraf afgesproken dat de grootste partij de burgemeester zou leveren. Ik had meer voorkeurstemmen dan Frank, maar zijn partij had 136 stemmen meer. We zaten toen in het Novotel, Verhofstadt en ik, en Frank Beke en Luc Van Den Bossche. Omdat de liberalen waren gestegen en de socialisten waren gezakt, én ik meer voorkeurstemmen had van Beke, hebben we één keer gevraagd of ik toch geen burgemeester zou worden. Van Den Bossche wilde erover nadenken, Beke zei neen. Dus werd het Frank. Ik heb daar geen spijt van. Belofte maakt schuld, vind ik, en we hadden een afspraak. Ik ben die nagekomen. Niemand weet of ik een betere burgemeester dan Frank zou zijn geweest. Van Frank weten we alleszins dat hij goed was. En Frank Beke heeft mij steeds bij zijn burgemeesterschap betrokken. We hebben als een tandem bestuurd. Het klikte perfect. Wij waren écht ‘paars’. In 2000 ben ik dan afgerekend op het mobiliteitsplan. Pas later hebben de mensen dat weten te waarderen.”

In 2001 werd je schepen van cultuur, een héél andere sector.

“Ja, dat is een heel eigenzinnige sector, niet evident voor een liberaal. Maar het verwachtingspatroon binnen de culturele sector lag daardoor zò laag, dat ik toch heb gescoord. Ik ben geen grote cultuurminnaar, wel een cultuurmanager. Zo moest ik de opvolging voor Jan Hoet regelen in het SMAK. Eigenlijk had ik ontzag voor Jan, en ik wist niet goed hoe hem aan te pakken. Ik heb hem toen uitgenodigd voor een ‘vloedlijngesprek’. We zijn met de trein naar Blankenberge getrokken, en hebben daar in regen en wind op het strand met elkaar gepraat, terwijl we naar restaurant Ensor wandelden, dat véél verder lag dan ik had ingecalculeerd. Er was toen nog geen Google Maps, wist ik veel dat daar een haven tussen lag (lacht). Maar het werd een fantastische dag, we hebben elkaar daar echt wel gevonden. We hebben samen naar een opvolger gezocht. Een pijnlijke zaak werd dat nog, want Peter Doroshenko, de Amerikaan die met zijn gezin naar hier verhuisde om het SMAK te leiden, hebben we na net geen jaar moeten ontslaan. Sindsdien staat Philippe Van Cauteren daar aan het roer.”

Met Daniël Termont in 2006 had je een heel andere verhouding dan met Beke.

“Ja, Termont en ik lagen elkaar veel minder qua karakter. Bij Beke was er een evenwicht, Termont is veel meer een machtspoliticus. Naast Daniël voelde ik mij verkeerd gecast. In 2009 ben ik dan naar het Vlaams Parlement getrokken, waar ik fractieleider werd.”

Daar ben je in 2014 op zo’n niet zo mooie manier opzij gezet.

“Tja, er is nu eenmaal maar één lijsttrekker, en dat werd toen Mathias De Clercq. Ik werd eerste opvolger, en kon dus niet rechtstreeks verkozen worden. Wel werd afgesproken dat Herman De Croo na 3 jaar zou opstappen, zodat ik terug zou binnen komen. De Croo heeft dat niet gedaan. Dat zegt meer over hem dan over mij.”

Frank Beke en Sas Van Rouveroij in 2000
Joost De Bock Frank Beke en Sas Van Rouveroij in 2000

En toch ga keer je nu terug naar dat parlement, om Mathias De Clercq op te volgen als die burgemeester wordt.

“Ja, al is het maar voor een paar maanden, ik vind dat een voorrecht. Wat ik nog kan doen voor Vlaanderen en voor Gent, zal ik met veel overgave doen. Ik kan zo mijn politieke loopbaan met een goed gevoel afronden. 

Ben je boos op De Croo?

“Nee, wrok en rancune, dat ken ik niet. Dat is ook nutteloos. Maar ze moeten mij nu ook niet perse vlak naast hem gaan zetten in dat parlement (lacht)”

Ook in Gent stop je. Ga je het missen?

“Nee. Niet dat ik het beu ben of zo, maar ik ben wel voldaan. Ik heb het wel gezien, hier. Ik ben nieuwsgierig van aard, een beetje een nomade dus. Ik wil graag nog iets anders ontdekken. Ik ben fier op mijn loopbaan, ik heb veel kunnen en mogen doen. Maar nu is het aan anderen.”

Je blijft wel voorzitter van de UGent

“Absoluut, want dat vind ik intellectueel heel uitdagend. Bovendien gaat de universiteit sowieso over ‘morgen’, over de toekomst, en dat is altijd boeiend.”

Heb je nog toekomstplannen?

“Zeker. Ik ben geboeid door de wetenschap en door disruptieve processen. De toekomst lijkt mij wat dat betreft zeer hoopvol. Ik reken op nog minstens 20 goede jaren. En als de mogelijkheid zich zou voordoen, dan zou ik heel graag eens ‘interstellair’  reizen. Al weet ik ook wel dat dat niet echt realistisch is.”

Sas van Rouveroij aan het woord
belga Sas van Rouveroij aan het woord



Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.