Quasimodo tapt laatste pint

LEENTJE EN MARC NEMEN NA ZEVENTIEN JAAR AFSCHEID VAN HUN HORECAZAAK

Marc en Leentje heffen een laatste keer het glas met hun trouwe klanten.
Foto Geert De Rycke Marc en Leentje heffen een laatste keer het glas met hun trouwe klanten.
De laatste pint in café Quasimodo in Grembergen is getapt. Marleen 'Leentje' Van Eygen (58) en Marc Audenaert (61) zeggen de horecazaak vaarwel. "Tijd om te profiteren van het leven, na jaar en dag nonstop keihard werken", zeggen ze. Zeventien jaar hielden ze het café aan het Grootzand open en deelden ze lief en leed met de klanten.

Marleen en Marc hadden hun sporen al meer dan verdiend in de horeca, toen ze zeventien jaar geleden beslisten om café Quasimodo in Grembergen over te nemen. "We werkten op dat ogenblik in een fabriek en het café lag langs onze reisroute van en naar het werk", vertellen Audenaert en Van Eygen, die in Belsele wonen. "We stopten er al wel eens om er zelf een pintje te drinken. Toen we hoorden dat de zaak over te nemen was, hebben we toegehapt. We hadden al jarenlang als gerant een taverne in het Waasland uitgebaat en veertien jaar lang in een dancing gewerkt. Nu was het onze kans om op eigen benen een café uit te baten."


Het werd een succesverhaal, al was het voor het paar wel jarenlang zeer hard werken. "Zeven op zeven, van 's morgens vroeg tot 's avonds laat", vertelt Marc. "In het weekend ging het hier vaak zelfs de hele nacht door. Dan losten we elkaar af, zodat we aan een paar uurtjes slaap geraakten. Maar we leefden voor ons café, dat was ons niet te veel."

Ambiance

De Quasimodo stond de voorbije jaren dan ook gekend voor zijn ambiance. Cafébaas Marc zorgde er vaak zelf voor dat de sfeer er stevig in zat. "Bij ons kon je altijd terecht voor een feestje", zegt hij. "Dat hier heel veel verenigingen hun thuis hadden, hielp natuurlijk mee aan de zaak. Het ging er hier altijd gezellig aan toe. Er waren verjaardagfeesten, carnavalsfuiven, enzovoort. En het was me een plezier om erg vaak zelf de entertainer uit te hangen. Ik heb hier nog op de toog, met een pruik op het hoofd, Eddy Wally staan playbacken."


"Lief, maar ook leed hebben we hier gedeeld met onze gasten", vult Leentje aan. "Als cafébaas ben je soms ook een psycholoog of therapeut. Aan de toog vertelt een mens al eens over zijn miserie. We hebben altijd geprobeerd om een luisterend oor te bieden en raad te geven. De klanten weer zien buitengaan met een lach op het gezicht, dat geeft de grootste voldoening."

Zwarte gat

Maar Marc en Leentje sluiten het café-hoofdstuk nu af. Het pensioen en meer vrije tijd wenkt. Voor het zwarte gat, na zoveel jaren hard zwoegen, hebben ze geen schrik. "Integendeel, we hebben al genoeg dingen om te doen in de toekomst", stellen de twee. "We hebben een hoop vrienden om mee af te spreken en houden van wandelen, fietsen en fitness. En thuis wachten genoeg klussen om nog af te werken omdat die de voorbije jaren allemaal bleven liggen. Bovendien hebben we al verschillende reizen geboekt."


Al geven de twee mee dat ze hun klanten wel zullen missen. "Dat sociaal contact is onbetaalbaar toch", zeggen Marc en Leentje. "Maar geen nood, we passeren nog wel in Grembergen om contact te houden. Niet meer als cafébaas dan, maar zelf als klant op café. Dat wordt genieten aan de andere kant van de toog.

Overnemer

Een overnemer voor café Quasimodo is er niet. Het café bestond al meer dan veertig jaar, maar het gebouw zelf dateert uit 1935. Nu Marc en Leentje er de sleutel hebben omgedraaid, staat het leeg.