Gitaar spelen op ... spade of blik

GELUIDSTECHNICUS TOONT INSTRUMENTEN UIT AFVAL IN DE KLEINE NOTELAAR

Joost Van Der Veer met zijn gitaar gemaakt van een spade.
Foto Geert De Rycke Joost Van Der Veer met zijn gitaar gemaakt van een spade.
Een bas van een spade of een cement- kuip en een gitaar van een conservenblik. Voor Joost Van der Veer uit Sint-Gillis-Dendermonde is het allemaal geen probleem. In zijn atelier gaat hij aan de slag om gitaren van afval - zogeheten scrapgitaren - te maken. De resultaten zijn de komende weken te bewonderen in taverne De Kleine Notelaar in Vlassenbroek.

Geluidstechnicus van beroep, blues-liefhebber in hart en nier, dat is Joost Van der Veer. Dat bracht hem enkele jaren geleden naar de Mississippi-delta in het zuiden van de Verenigde Staten. "Ik werd zestig jaar en wilde wel met eens zien en voelen waar mijn favoriete muziek vandaan komt", vertelt hij. "Ik bezocht onder andere Memphis en New Orleans en zag daar hoe de zogeheten didleybows of cigarbox guitars ontstonden."

Zuidelijk Amerika

Deze scrapgitaren, gemaakt van afval, planken, blik en onderdelen van elektrische gitaren werden aanvankelijk gemaakt door de arme slaven die op de plantages in het zuiden werkten. "Zij konden zich geen echte instrumenten veroorloven en bouwden dus hun eigen versie van gitaren, die ze vervolgens op de veranda van hun huis bespeelden", legt Van der Veer uit. "De handigheid en spitsvondigheid van de arme man in die regio is echt enorm. Zo spanden ze een draad op een bezemsteel tussen twee nagels en slaagden er nog in om uit dat eensnarig instrument muziek te krijgen ook. Daar bouwden ze dan nog eens een kistje aan dat dienst deed als versterker."


"Ook vandaag wordt nog op zo'n scrapgitaren gespeeld", zegt Van der Veer. "Artiesten van vandaag die spelen op dergelijke instrumenten zijn Seasick Steve, Justin Johnson en de Belgische band Doghouse Sam. De onlangs overleden Bo Diddley ontleende zijn naam aan deze gitaren. In zuidelijk Amerika leeft dit nog altijd enorm, ze maken er gitaren van sigarenkistjes en er bestaan zelfs muziekfestivals voor."


Van der Veer raakte zo geïntrigreerd door de materie dat hij thuis, in een atelier aan zijn woning in Sint-Gillis-Dendermonde, zelf aan de slag ging. "Een muzikant ben ik niet, maar ik ben wel handig en kan knutselen", zegt hij. "De creativiteit in mij speelt in mijn voordeel. Ik ben daar nu ondertussen al twee jaar mee bezig. Ik maak bijvoorbeeld een bas van een hark, zelfs van een cementkuip. Of slidegitaren uit blikken koekjestrommels, olieblikken en conservenblikken. En ik bouw gitaren met één snaar, waarop zelfs kinderen kunnen spelen. Ik zorg er bovendien voor dat overal elektrische elementen ingebouwd worden, zodat al die instrumenten ook elektrisch bespeelbaar zijn."

Tentoonstelling

"Je zal me dan ook altijd tussen afval en tweedehandspullen zien neuzen of rommelmarkten afschuimen op zoek naar bruikbaar materiaal", verklapt de gitaarbouwer. "Ook mensen die op zolder nog gitaren of versterkers staan hebben, help ik graag van die spullen af als zij er vanaf willen. Het komt allemaal van pas. Sommige onderdelen bestel ik zelfs in China."


Met verschillende exemplaren van scrapgitaren klaar, ontstond het idee bij Van der Veer om er een tentoonstelling mee op te bouwen. Daarvoor vond hij gehoor bij Eli Tackaert, uitbater van taverne De Kleine Notelaar in Vlassenbroek. "Dit biedt het ideale decor om de gitaren te tonen", meent Van der Veer. "De opening van de tentoonstelling was er alleszins één met veel ambiance. Al verschillende bezoekers voelden zich uitgenodigd de instrumenten te bespelen. Later volgen misschien nog wel tentoonstellingen. Zo loopt er al een gesprek met een gitaarwinkel in Gent."


Wie de expo nog wil bekijken, kan de komende weken nog in De Kleine Notelaar terecht. Info: www.joostvanderveer.be.