Miljoenenclaim tegen vetsmelter Verkest

20 JAAR NA DIOXINECRISIS RECHTSZAAK OVER SCHADE

Bijna 20 jaar na de dioxinecrisis begon gisteren in de rechtbank van Gent de strijd om het verloren geld. Vader en zoon Verkest waren er niet.
Gianni Barbieux Bijna 20 jaar na de dioxinecrisis begon gisteren in de rechtbank van Gent de strijd om het verloren geld. Vader en zoon Verkest waren er niet.
Bedrijven zijn failliet, zaakvoerders zijn overleden, en de advocaat van vetsmelter Verkest uit Deinze was 12 toen het allemaal begon: de dioxinecrisis ligt al 20 jaar achter ons, maar gisteren begon de strijd om het verloren geld. Het FAVV en enkele veevoederbedrijven eisen miljoenen.

Bijna 40 miljoen euro aan vorderingen. Dat riskeren Jan en Lucien Verkest voor hun verantwoordelijkheid bij de beruchte dioxinecrisis, die in mei 1999 losbrak. Toen belandden giftige dioxines in de voedselketen. Het Waalse bedrijf Fogra leverde besmette vetstoffen aan het bedrijf Verkest uit Deinze, dat het aan de veevoederbedrijven verkocht. Vader en zoon Verkest leverden zogezegd dierlijk vet, maar mengden dat met technisch vet, dat zo bij onze dieren terechtkwam. 7 miljoen kippen en 60.000 varkens werden afgemaakt, en de winkelrekken bleven leeg. De regering-Dehaene II struikelde zelfs over de kwestie. Tot vandaag zijn de gezondheidsgevolgen onduidelijk. In 2010 kregen de Verkests twee jaar cel, waarvan de helft met uitstel.

Vader Lucien en zoon Jan Verkest bij het losbarsten van de dioxinecrisis in 1999.
BELGA Vader Lucien en zoon Jan Verkest bij het losbarsten van de dioxinecrisis in 1999.

Gestorven en failliet

Gisteren werd er gepleit om de burgerlijke belangen af te handelen. Bijna 20 jaar na de crisis dus, wat ervoor zorgde dat er slechts één partij in persoon aanwezig was. Veevoederbedrijf Willaert uit Kortemark eist honderdduizenden euro's omdat het klanten verloor en verlies maakte in de turbulente periode. Maar het bedrijf bleef wel bestaan, in tegenstelling tot tientallen anderen vennootschappen. Zij gingen failliet. Bij nog andere bedrijven, zoals De Brabandere uit Wichelen, is de zaakvoerder van destijds al overleden. De crisis is zelfs zo lang geleden, dat de advocaat van de Verkests het debacle niet bewust meemaakte: hij was in 1999 amper 12 jaar.


In totaal vragen de bedrijven meer dan 10 miljoen euro. Het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV), dat ontstond uit de dioxinecrisis, wil 24,1 miljoen euro zien. Het FAVV denkt niet enkel aan personeel, operationele kosten en labo-analyses, maar zelfs aan faxmachines en stoelen die aangekocht zijn tijdens de crisis. De Belgische staat zelf stelde zich gisteren niet in de zaak.

REUTERS

Verkests niet aanwezig

Volgens de verdediging is er met de vorderingen te los omgesprongen. "Men wil geld voor verliezen in de algemene sfeer van de dioxinecrisis. Maar dat moet duidelijker: elke vordering moet precies geduid worden, en dat gebeurt niet. De hele crisis en alle gevolgen kan men ons niet zomaar aanrekenen", klinkt het bij Louis De Groote, advocaat van de Verkests. De raadsman van Jacques en Jacqueline Thill van Fogra gaat zelfs nog een stapje verder. "Ik stel mezelf de vraag: is deze zaak wel in staat?" Opvallend, 19 jaar na de crisis. "Maar de burgerlijke partijen brengen geen stukken aan voor de overheidssteun die ze genoten hebben. We moeten werken met precieze cijfers."


Jan en Lucien Verkest waren gisteren niet aanwezig. Vonnis op 11 september.