"Droomklas: jong en oud leren van elkaar"

MINISTER JO VANDEURZEN ONDER INDRUK VAN RUSTHUISKLAS

Minister Vandeurzen tussen bewoner Carlos en leerling Kasper. Na de spreekbeurt over Mexico kreeg de hele klas nog tortillachips met guacamole.
Anthony Statius Minister Vandeurzen tussen bewoner Carlos en leerling Kasper. Na de spreekbeurt over Mexico kreeg de hele klas nog tortillachips met guacamole.
Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Jo Vandeurzen (CD&V) heeft een bezoek gebracht aan de rusthuisklas in Vinkt. Meester Guido Vermaerke mocht er tonen hoe zijn zesdejaars samen met de rusthuisbewoners van RVT Sint-Franciscus al vijf jaar samen leren. "Een schoolvoorbeeld van vermaatschappelijking van de zorg", zegt Vandeurzen.

De basisschool en het rusthuis twee aparte werelden? Niet in Vinkt. Daar volgen de zesdejaars van de lokale basisschool al vijf jaar les in het woonzorgcentrum Sint-Franciscus dat er vlak naast ligt. Wat begon als een tijdelijke en noodzakelijke verhuizing door verbouwingswerken aan de school, werd door leerkracht en bezieler Guido Vermaerke en ergotherapeut Jolien Van de Velde de voorbije jaren uitgebouwd tot een uniek project onder generaties: de rusthuisklas. Zo uniek zelfs, dat minister Jo Vandeurzen gisteren speciaal van Genk naar Vinkt kwam om er één van de lessen bij te wonen. De minister nestelde zich op de schoolbanken tussen rusthuisbewoner Carlos en leerling Kasper Van Parys (11) voor een spreekbeurt over Mexico.

Een minister op bezoek, dat gebeurt niet vaak. Kamal (13) helpt Rais een foto te maken met haar gsm.
Anthony Statius Een minister op bezoek, dat gebeurt niet vaak. Kamal (13) helpt Rais een foto te maken met haar gsm.

Omgaan met verlies

"In de rusthuisklas leren jong en oud op een respectvolle manier van en met elkaar", zegt Guido Vermaerke. "Het is een win-winsituatie: de leerlingen krijgen een positieve beeldvorming van senioren en ze leren zorg dragen voor hen. Het is ook ontroerend om te zien hoe de leerlingen een vriendschapsband opbouwen met sommige bewoners. Wanneer de leerlingen plots een doodsprentje zien, dan brengt dat heel wat emoties teweeg. Zo overleed onlangs 'SuperBen', een van de bewoners waarop de leerlingen dol waren. Hij koos voor euthanasie. Dat hebben we zo aan de kinderen verteld. Ook dat hoort erbij, omgaan met verlies en verdriet."


"Voor de bewoners is een van de grote voordelen het tegengaan van eenzaamheid; de kinderen brengen leven in de brouwerij. Doorheen het jaar organiseren de leerlingen samen met het ergo-kine-animatieteam van het woonzorgcentrum tal van activiteiten waaraan de bewoners vrijblijvend kunnen deelnemen. Een mooi voorbeeld zijn de zwerfvuilacties in de buurt. Er zijn zelfs drie leerlingen die iedere woensdagnamiddag vrijwilligerswerk komen doen. Een project zou men overal in Vlaanderen zou moeten hebben."


Ook minister Vandeurzen stak zijn enthousiasme niet onder stoelen of banken. "Deze klas is een droom", aldus Vandeurzen. "Dit is letterlijk een schoolvoorbeeld van wat er bedoeld wordt met buurtwerking en met vermaatschappelijking van de zorg. Alle woonzorgcentra hebben de mogelijkheid om zich te ontwikkelen als een trefpunt waar ze samen met het lokale bedrijfsleven, scholen, kinderdagverblijven en kleinere organisaties initiatieven kunnen ontplooien die de sociale cohesie bevordert. Zeer boeiend, ik ben onder de indruk. En van meester Guido zou ik nog les willen krijgen", gaf de minister nog mee.