Dochter eerste schepen verdachte in terreurdossier

INÈS EL KHANNOUSS (20) NAAR RECHTBANK DOOR RADICALE VRIEND

Ahmed El Khannouss.
Foto PN Ahmed El Khannouss.
Wist Inès El Khannouss (20), dochter van de eerste schepen van Molenbeek, dat haar vriend Youssef Bouamar naar Syrië wilde vertrekken? Of had liefde haar verblind voor de plannen van haar radicale vriend? De jonge vrouw pleit onschuldig, maar het federaal parket stelt haar in verdenking van deelname aan een terroristische groep.

Binnen enkele weken verschijnt Inès El Khannouss voor de correctionele rechtbank van Charleroi. "Deelname aan activiteiten van een terroristische organisatie", luidt de beschuldiging. Ze verschijnt samen met zes anderen, waaronder haar vriendje Youssef Bouamar, een twintiger die al werd veroordeeld tot vijf jaar cel, waarvan een deel met uitstel vanwege zijn werk voor ronselaar Khalid Zerkani. Hij kreeg een enkelband en legde het in de buitenwereld toch weer aan met de "jihadisten van Jumet", een groep radicale moslims die naar Syrië wilde afreizen.

Gematigde islam

Het atypische koppel - zij een brave studente, dochter van een vooraanstaand politicus, hij een veroordeeld crimineel met een enkelband - kent elkaar waarschijnlijk nog van vroeger. Ze zijn allebei opgegroeid in Molenbeek. "Maar wij wisten niets van hun relatie", zegt haar vader en eerste schepen van Molenbeekse Ahmed El Khannouss (cdH). "We waren er kapot van toen we hoorden dat Inès verdacht werd. Mijn dochter hangt een gematigde islam aan en heeft radicalisme altijd sterk afgekeurd. Ze is het slachtoffer van een foute vriend. Hij hield zijn intenties voor haar verborgen. Ik vertrouw op de eerlijkheid en integriteit van mijn dochter."


De advocaat van dat slechte lief, is er zeker van dat El Khannouss dat waarheid spreekt. "Ik denk niet dat zij besefte waar hij allemaal mee bezig was. Ze had zeker geen plannen om met hem mee te reizen", zegt meester Hamid El Abouti.

'Trouwbriefje'

De grote boosdoener in het hele verhaal is volgens El Abouti een briefje dat de speurders terugvonden bij een huiszoeking bij zijn cliënt. "Omdat getrouwde jihadisten in het kalifaat kennelijk beter ontvangen worden dan singles, wilde Youssef trouwen." Maar van een religieus huwelijk, laat staan een burgerlijk huwelijk is volgens El Abouti geen sprake. "Ze schreven op een briefje dat ze 'vanaf nu getrouwd waren'. Het was een briefje zoals kinderen dat zouden schrijven. Hun achternamen stonden er zelfs niet op." Als de politie Youssef confronteert met dat briefje, wil die niet zeggen wie Inès is. "In het begin ontkende hij zelfs dat hij Inès El Khannouss kende."

Contact met jihadisten

Wanneer in de loop van het onderzoek blijkt dat sommige leden van de groep contact hadden met jihadisten in Frankrijk, waaronder Inès Madani, die een aanslag met gasflessen voorbereidde in Parijs, denken de speurders dat ze de Inès van het trouwbriefje te pakken te hebben. "Ik heb mijn cliënt toen geadviseerd om eindelijk eerlijk te zijn over de identiteit van Inès. Zijn geheimzinnigheid deed meer kwaad dan goed. Toch weet het gerecht al een maand of tien dat Inès El Khannouss de vrouw van het briefje is. Zij is echter pas op het allerlaatste in beschuldiging gesteld en toegevoegd aan het dossier. Als ze echt betrokken was, hadden ze haar wel aangehouden, maar Inès heeft nooit in de cel gezeten."


Binnen drie weken komt de zaak voor de correctionele rechtbank van Charleroi. Als blijkt dat Inès meer weet dan ze doet uitschijnen en andere groepsleden op welke manier dan ook heeft geholpen, riskeert ze vijf jaar cel.