Brusselse agent Pascal beklimt hoogste berg van Amerika: “Hiermee wil ik mijn overleden vriend eren”

Pascal bereikte samen met drie andere klimmers de top van de berg.
Pascal Foret Pascal bereikte samen met drie andere klimmers de top van de berg.
“Vroeger klom ik regelmatig. Samen met mijn beste vriend koesterde ik dan ook de droom om de hoogste berg van Amerika, namelijk de Aconcagua, te beklimmen”, zegt Pascal Foret, agent in het Brusselse. Maar plots sloeg het noodlot toe. In 2000 overleed Pascals vriend. Jaren later beslist Pascal om zijn droom toch te verwezenlijken en op die manier zijn vriend te eren. 

Twee jaar lang bereidde Pascal zich voor op een van z’n grootste avonturen: de Aconcagua beklimmen, een berg van maar liefst 6.960 meter hoog, en daarmee de hoogste berg na de Himalaya. De temperatuur kan er dalen tot -40 graden. “Het klimmen zit in mijn bloed”, vertelt Pascal. “Als kind ging ik vaak kamperen, en op mijn achttiende begon ik te klimmen. Ik heb de voorbije twee jaar getraind, waar veel cardio-oefeningen kwamen bij kijken. In tegenstelling tot wat sommige mensen denken, is het de bedoeling om zo weinig mogelijk spieren te kweken. Elk spiertje heeft namelijk zuurstof nodig, wat het moeilijker maakt om de berg te beklimmen. Daarnaast ben ik vijftien kilogram vermagerd.”

Brief voor dochters

Niet alleen Pascal werd voorbereid op het avontuur. Ook zijn gezin. Pascal besefte namelijk dat het avontuur ook enkele risico’s inhield. “Er werden nog een aantal rekeningen betaald en alles voor de wagens en het huis werd in orde gebracht. Ook schreef ik een brief gericht aan mijn dochters. En dat moment is zeker niet gemakkelijk. Verder maakte ik een kaart met het aantal dagen en de kampen waar ik verbleef, zodat ze elke keer een streep door de datum konden trekken als de dag om was.”

Pascal Foret in de bergen.
Pascal Foret Pascal Foret in de bergen.

Zes liter water

Samen met elf andere klimmers van over de hele wereld, vertrok Pascal op 13 januari naar Mendoza. De beklimming werd een hele beproeving. “De beklimming tot de top duurde zeker acht dagen. Dat zijn acht dagen dat je lichaam pijn lijdt. Je hebt heel weinig zuurstof, je slaapt slecht en je eet slecht. Vanaf 4.300 stopte mijn lichaam met ademen wanneer ik aan het slapen was. Je schrikt dan plots wakker. Een bizar iets. Het lijkt wel alsof je aan het stikken bent.”

Een van de kampen waar Pascal verbleef.
Pascal Foret Een van de kampen waar Pascal verbleef.

“Vanaf 5.000 meter wordt de vertering van vlees moeilijk omdat je hiervoor zuurstof nodig hebt. 1000 meter later heb je helemaal geen zin meer om te eten en moet je jezelf dwingen om een hap door je keel te krijgen. Bijgevolg gaat het stappen dan ook heel traag. Ook moet je erop toezien dat je lichaam niet te fel begint te zweten, anders koel je af. En op zo’n hoogtes drink je zeker vijf à zes liter water per dag tegen de hoogteziekte. Dat wil zeggen dat je dan heel slecht slaapt, omdat je voortdurend naar het toilet moet.”

Topkruis

Op sommige momenten is Pascal zichzelf tegengekomen. “Zeker op de ‘summit push’, de laatste dag voor de beklimming van de top. Die dag vertrokken we om 04.30 uur in de ochtend, en dat is mentaal heel moeilijk. Het is donker en je ziet bijna niets. Het enige wat je wel kan zien, is jouw kleine lampje en die vierkante meter die wordt belicht. Maar eens de zon opkomt, gaat het beter.”

En dan, na 21 dagen reizen, is het moment eindelijk aangebroken. Samen met drie andere klimmers, bereikt Pascal de top van de berg. Een emotioneel moment voor hem. “Ik hoopte de top te bereiken met een van mijn beste vrienden. Jaren geleden hadden we deze reis gepland, maar in 2000 stierf hij bij een ongeval op een berg in Zwitserland. De rotsen kwamen los en hij viel naar beneden. Op de top stond een topkruis waar iedereen persoonlijke spullen en boodschappen kon achterlaten. Ik heb er een armband van mijn vriend achtergelaten. Daarop staat z’n naam geschreven, samen met de datum waarop hij stierf. 

Pascal Foret