“Toestand Nederlandstalige ondernemingsrechtbank is schrijnend”

Nederlandstalige ondernemingsrechtbank
kos Nederlandstalige ondernemingsrechtbank
De toestand op de Nederlandstalige ondernemingsrechtbank van Brussel is ronduit schrijnend, zo blijkt uit het werkingsverslag over 2019 van de rechtbank. De toestand van de gebouwen aan het Louizaplein en in Vorst laat te wensen over. Het informaticasysteem is verouderd, lekenrechters beschikken niet eens over een mailadres. Wat de invulling van het kader van magistraten betreft was 2019 een “rampjaar”.

De ondernemingsrechtbank van Brussel, gevestigd in de Waterloolaan 70, kampt op elk domein met enorme problemen. Zo kreunt ze al jaren onder een chronisch tekort aan rechters. Uit het vacatureplan van september 2019 blijkt dat de rechtbank de op één na slechtst bedeelde rechtbank in België is - na de Leuvense politierechtbank - met een bezetting van nauwelijks 64 procent. In principe telt het wettelijk kader van de Nederlandstalige ondernemingsrechtbank 11 magistraten. Door een samenloop van omstandigheden waren er in 2019 gedurende verschillende maanden amper 6 beschikbaar. Er werden 2 magistraten elders benoemd, eentje is overleden en er waren belangrijke ziekteperiodes. Het hoeft dan ook niet te verbazen dat de ondernemingsrechtbank drastische maatregelen moest nemen: bepaalde kamers kregen voorrang, andere kamers moesten zelfs gewoon dicht. Alle zaken die in februari 2019 werden ingeleid voor de inleidingskamer, werden ook meteen uitgesteld naar februari 2021. Die maatregelen golden weliswaar enkel in februari en maart, tot er uitzicht was op de benoeming van nieuwe rechters.

Eén toilet voor iedereen en het regent binnen

En daar blijft het niet bij. De omstandigheden waarin de magistraten en griffiers moeten werken, zijn ook weinig benijdenswaardig. In het Themisgebouw aan de Waterloolaan, waar de zittingen plaatsvinden, is de luchtkwaliteit en -vochtigheid slecht en werkt de temperatuurregeling niet naar behoren, zowel in de zittingszalen als in de griffies. In de griffie van de rechtspersonen in Vorst is er nog slechts één toilet voor al het griffiepersoneel én alle bezoekers. Bovendien staat op het dak een automatische ontrokingskoepel open die niet meer kan gesloten worden, zodat de druppels bij hevige regen gewoon binnenvallen.

IT niet mee met de tijd

Op IT-vlak kan men niet zeggen dat de ondernemingsrechtbank al in 2020 zit. Het IT-programma dat gebruikt wordt voor de volledige organisatie en werking van de rechtbank is voorbijgestreefd. Het nieuw informaticasysteem dat beloofd was voor eind 2019, is er niet gekomen. Budget om elektronische documentatie, een softwarepakket of zelfs maar een rekenmachine aan te kopen, is er al evenmin. De Nederlandstalige ondernemingsrechtbank beschikt zelf niet over een documentatiedienst en moet haar bibliotheek delen met haar Franstalige tegenhanger, maar de wetgeving en wetgevingsdossiers kunnen niet bijgehouden worden en in 2019 was er slechts budget om vijf boeken te kopen.

Hogere werklast

Nu de omvorming van de rechtbank van koophandel naar ondernemingsrechtbank voor een aanzienlijke uitbreiding van de bevoegdheid van de rechtbank gezorgd heeft, ligt de werkdruk nog een pak hoger. Die uitbreiding geldt voor alle ondernemingsrechtbanken, maar de Brusselse ondernemingsrechtbank kreeg er nog een aantal exclusieve bevoegdheden bovenop. In het werkingsverslag wordt, naast referendarissen en een ICT-deskundige, aangedrongen op “een kaderuitbreiding in verhouding tot de werkelijke werklast en rekening houdend met de exclusieve bevoegdheden van de Nederlandstalige ondernemingsrechtbank.” Dat extra personeel zou er onder meer kunnen voor zorgen dat de problematiek van de slapende vennootschappen efficiënter kan aangepakt worden. Die slapende vennootschappen kunnen voor heel wat frauduleuze praktijken gebruikt worden en Brussel telt er duizenden, terwijl de Nederlandstalige ondernemingsrechtbank er in 2019 maar 596 kon ontbinden.