Boom blijft koploper in armoedecijfers ondanks lichte daling: “We blijven structurele oplossingen zoeken”

36,6 procent van de Boomse kinderen wordt geboren in kansarmoede.
Getty Images 36,6 procent van de Boomse kinderen wordt geboren in kansarmoede.
De kansarmoede-index in Boom is ondanks een daling van twee procent nog altijd de hoogste van Vlaanderen. Dat blijkt uit cijfers van Kind & Gezin, die vandaag werden gepubliceerd. “Het is zeker niets om hoera over te roepen, maar we hopen wel dat de dalende trend is ingezet”, zegt schepen van Armoedebeleid Inge De Ridder (N-VA).

Kind & Gezin publiceerde vandaag haar jaarlijkse cijfers over de kansarmoede bij zeer jonge kinderen. Daaruit blijkt dat 36,6 procent van de kinderen die in 2018 in Boom werden geboren, opgroeien in kansarmoede. Dat mag dan wel  twee procent minder zijn dan in 2017, Boom scoort wel opnieuw het slechtst van alle Vlaamse gemeenten. 

“We merken wel dat de kloof met andere gemeenten kleiner wordt”, stelt schepen van Sociale Zaken en Armoedebeleid Inge De Ridder (N-VA) vast. “Enerzijds door het dalen van ons eigen cijfer, anderzijds door het stijgen van de kansarmoede-index van andere gemeenten. Maar het valt niet te ontdekken dat het cijfer nog steeds te hoog ligt. Elk kind dat in armoede geboren wordt is er één te veel. We willen met het lokaal bestuur Boom dan ook blijven inzetten op het bestrijden van kinderarmoede. Toch is dit cijfer een opsteker, in die zin dat de verschillende maatregelen van de voorbije jaren hun vruchten afwerpen. Ik denk ook dat de cijfers trager komen dan de resultaten op het terrein. Het is niets om hoera over te roepen, maar we hopen wel dat de dalende trend is ingezet.”

Het project ‘Soep op school’: alle leerlingen van de Boomse lagere scholen krijgen één keer per week gratis soep aangeboden.
Benoit De Freine Het project ‘Soep op school’: alle leerlingen van de Boomse lagere scholen krijgen één keer per week gratis soep aangeboden.

Boom heeft de afgelopen jaren heel wat inspanningen genomen om de kinderkansarmoede aan te pakken. Het sociale buurtrestaurant De Tuin van de Kleine Chef, het Huis van het Kind, de aanwerving van brugfiguren voor de lagere scholen, de pamperbank, het project ‘Soep op School’: de lijst van maatregelen is lang. Bovendien worden er nog steeds nieuwe initiatieven opgestart, zoals recent nog een centraal meldpunt rond spijbelen om de schooluitval in het secundair onderwijs tegen te gaan. “Een diploma is de grootste garantie op een job en op een kans om uit een vicieuze cirkel van armoede te geraken”, weet De Ridder. “We blijven in elk geval naar structurele oplossingen zoeken en blijven werken rond activering en het leren van de Nederlandse taal. Een groot deel van onze aandacht gaat ook naar detectie, omdat het meestal in de thuissituatie zelf is dat we impact moeten krijgen. We proberen dus zo laagdrempelig mogelijk te zijn voor zij die het nodig hebben.”

Inge De Ridder (N-VA).
Benoit De Freine Inge De Ridder (N-VA).



Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.