"Die turbines zullen niemand hinderen"

ENGIE ELECTRABEL LEGT NEGATIEF ADVIES GEMEENTE NAAST ZICH NEER

Projectleider Jan Caerels op de Amacro-site. Achter het gebouw links in beeld wil de energieleverancier nog eens twee turbines bouwen.
Foto Mozkito Projectleider Jan Caerels op de Amacro-site. Achter het gebouw links in beeld wil de energieleverancier nog eens twee turbines bouwen.
Ondanks een negatief advies van de gemeente Beersel wil Engie Electrabel nog altijd windturbines plaatsen op de Amacro-site. "Niemand zal er last van ondervinden", beweert projectleider Jan Caerels.

Engie Electrabel wil twee nieuwe turbines bouwen op de terreinen van het bedrijf Amacro, tussen het Kanaal Brussel-Charleroi en spoorlijn 96. In de buurt staan al acht windturbines, daar neergepoot door verschillende bedrijven en vennootschappen. Alles kadert binnen de bouw van een windmolenpark langs de kanaalzone. "Deze twee turbines vormen het sluitstuk", zegt Jan Caerels, projectleider bij Engie Electrabel. "De kanaalzone in de Zennevallei biedt daarna amper nog ruimte voor windmolens. Het project, dat uitgewerkt werd met Ruimte Vlaanderen, staat al sinds 2012 in de steigers."

Spoorlijn

Maar het gemeentebestuur van Beersel gaf vorige week een negatief advies voor de plaatsing van die laatste twee turbines op het terrein van Amacro. Volgens milieuschepen Veerle Leroy (Groen) staan ze daar te dicht bij de dorpskern, waardoor de problemen van slagschaduw en geluidsoverlast prominenter worden. Leroy vindt voorts ook dat de turbines veel te dicht bij elkaar staan, en dat de nabije spoorlijn een gevaar inhoudt. Maar dat spreekt Engie Electrabel tegen. Het energiebedrijf meent dat er voor omwonenden amper hinder zou zijn. "De windturbines komen op een industrieterrein te staan", aldus Caerels. "Van geluidsoverlast en slagschaduw is amper sprake. 's Nachts draaien die windmolens minder, waardoor ze ook amper geluid produceren. En als er een risico op slagschaduw is, stoppen ze ook meteen met draaien. Maar slagschaduw riskeer je enkel op bepaalde momenten in de winter, wanneer de zon laag staat. We voldoen ruimschoots aan de normen van de Vlaamse overheid."


Windmolens te dicht bij elkaar plaatsen, kan tot energieverlies leiden. Maar dat gaat nauwelijks op voor de plannen in Beersel, klink het. "Er is inderdaad energieverlies - maximaal drie procent", klinkt het. "Maar dat compenseren we door de wiekdiameter tien meter groter te maken. Dat zal je niet zien, maar het levert - dankzij het effect van het windmolenpark - wel een winst tot dertig procent op."

Veiligheid eerst

Ook over het veiligheidsaspect van het spoor is Caerels duidelijk. "Alle voorwaarden werden besproken met Infrabel. We kregen strikte vereisten opgelegd, en veiligheid komt - zoals steeds - op de eerste plaats. De provincie Vlaams-Brabant wil tegen 2020 vijftig windmolens tellen. Door de aanwezigheid van de luchthaven van Zaventem en de beperkte ruimte, hebben we slechts keuze uit drie locaties: de regio rond Leuven, het Pajottenland en de kanaalzone in de Zennevallei. We zijn dus bijna verplicht om onze windmolens hier te bouwen. We hadden wel verwacht dat het gemeentebestuur van Beersel een negatief advies zou geven. Het is nu aan de provincie om een definitieve beslissing te nemen."


Als de twee turbines er komen, zullen ze stroom voor 3.714 gezinnen produceren. Engie Electrabel wil ze eind 2019 neerpoten.